Studentenbond wil kaart openbaar vervoer houden

ROTTERDAM, 6 NOV. Studenten moeten hun huidige openbaar-vervoerkaart behouden. Deze kaart is de eenvoudigste en goedkoopste manier om de reiskostenvergoeding voor studenten te regelen en is het minst fraudegevoelig.

Tot die slotsom komt de landelijke studentenvakbond LSVb in een rapport over de toekomst van de OV-studentenkaart.

De LSVb bestudeerde een aantal alternatieven voor de OV-kaart, als die in zijn huidige vorm verdwijnt. De trajectkaart, een kaart voor vrij reizen over een bepaalde route, komt daarbij als beste uit de bus. Studenten die geen behoefte hebben aan een OV-kaart, omdat zij dichtbij hun school of universiteit wonen of een auto hebben, zouden moeten kunnen afzien van deze verplichte kaart.

Aanleiding voor het rapport is het voornemen van minister Ritzen (Onderwijs) om vanaf 1998 500 miljoen gulden per jaar te bezuinigen op de reisvoorziening voor studenten. Het huidige contract met de NS loopt af op 31 oktober 1998.

De vakbond vindt de aangekondigde bezuiniging niet terecht, omdat het huidige budget voor de OV-studentenkaart, 900 miljoen gulden, voor het grootste deel gedragen wordt door de 590.000 studenten zelf. Voor de OV-kaart worden studenten 72,50 gulden per maand gekort op hun studiefinanciering. Voor uitwonenden komt dit neer op 15 procent van hun beurs, voor thuiswonenden 37 procent. Zij betalen per jaar 513 miljoen gulden aan de OV-kaart en het ministerie 387 miljoen gulden.

“Als Ritzen de bezuiniging doorzet, maakt hij winst op de bijdrage van studenten. Hij wordt een tussenhandelaar”, zegt LSVb-bestuurslid Olof van der Gaag.

Uit het onderzoek van de LSVb, waaraan is meegewerkt door de NS, blijkt dat het beeld dat de student met de OV-kaart voornamelijk 'pretkilometers' maakt, niet juist is. Studenten gebruiken de huidige week/weekendkaart voor 70 procent voor het “noodzakelijke reisverkeer van en naar de onderwijsinstelling”. Voor 30 procent wordt de kaart ergens anders voor gebruikt, waaronder het reizen van en naar ouders in de weekeinden.

Deze 'vrij-reizencomponent' beschouwt de LSVb als “zeer wenselijk, maar niet strikt noodzakelijk”.

Hoewel voor de OV-kaart de vergoeding van 72,50 gulden per maand moet worden betaald, is hij onder studenten populair. Uitgedrukt in een rapportcijfer krijgt de kaart een hoge waardering, varierend van een 7,4 tot 7,8.