Softbalster Anouk Mels tekent profcontract bij Fukujosi; Met een zaklantaarn naar Japan

Werpster Anouk Mels gaat softballen voor het Japanse bedrijfsteam van Fukujosi. “Ik ben het niveau in Nederland ontgroeid”, zegt ze. “Bij HCAW juichten we niet meer als we wonnen.”

BOXTEL, 6 NOV. Met een kompas, een zaklantaarn en een fotoalbum vertrekt softbalster Anouk Mels over enkele maanden naar Japan. De HCAW-speelster heeft een contract voor acht maanden getekend bij een club in de Japanse league en is daarmee de eerste Nederlandse professional.

“Druk, druk en sushi, dat is het enige dat ik van Japan wist”, zegt Mels. De 25-jarige studente kunstgeschiedenis lacht terwijl ze naar de tv-gids zoekt in haar flat in Boxtel. “Moshi, moshi, heet het geloof ik - die Teleac-cursus Japans voor beginners. Die ben ik alvast maar gaan bekijken.”

Mondeling is alles geregeld. Schriftelijk hoeven alleen nog enkele details te worden uitgewerkt voordat Mels in maart kan beginnen aan de training bij het bedrijfsteam van Fukujosi in Gifo. De Japanners zagen de softbalster werpen tijdens de Olympische Spelen en schakelden vervolgens een Nederlandse zakenman in Japan in om haar op te sporen. De man, die Japans sprekende kaas- en bloemenmeisjes naar Japan haalt, nam contact op met HCAW, de Bussumse honk- en softbalvereniging.

“Geweldig”, noemt Mels het aanbod. “Ik stond net op het punt in te gaan op een aanbieding van een Italiaanse amateurclub. Die fax naar Italië heb ik maar laten zitten”, zegt Mels. Bij de Japanse club gaat de Nederlandse zoveel verdienen dat ze daar een “lekker leventje” kan leiden.

Softbal is met 15,5 miljoen beoefenaars een populaire sport in Japan. De competitie ligt op een hoog niveau. Dat er toch wordt gezocht naar buitenlandse spelers heeft volgens Mels te maken met een gebrek aan goede pitchers in het land. “Ze missen powerpitchers, werpsters die snelheid en kracht combineren. Japanners zijn snel. Maar om ook krachtig te werpen heb je een groot en sterk lijf nodig.”

Mels heeft nauwelijks kennis van Japan. Zodra ze wist dat ze naar Gifo zou verhuizen, leende ze reisgidsen in de bibliotheek. “Ik was verbaasd te lezen dat Japanners links rijden”, zegt Mels. “En ze gaan heel anders met elkaar om. Je kan niet zoals bij ons iemand lekker voor schut zetten.”

De grappigste tip die de softbalster in een van haar reisgidsen aantrof, was de raad om een zaklantaarn en een kompas mee te nemen. Het is er 's avonds zo donker en de huizen staan zo dicht op elkaar, dat de kans groot is dat je de weg niet meer kan terugvinden. “Ik kwam niet meer bij”, lacht Mels. “Maar ik doe het echt. Mijn vader heeft zijn kompas al voor me klaargelegd.”

Ze is niet bang dat Japan zal tegenvallen. Wel ziet ze er tegen op als analfabeet door het leven te gaan. “Dat is het enige dat ik echt eng vind”, zegt Mels. “Stel dat ik de trein naar Tokio wil nemen. Ik kan niet eens lezen wat Tokio is.”

Mels is niet onder de indruk van het feit dat zij is gevraagd en dat ze de eerste Nederlandse softbalster wordt die van haar sport kan leven. “Daar denk ik echt niet over na. Voor mij voelt het helemaal niet raar.” De blonde werpster is zich bewust van haar talent. “Ik heb het altijd in me gehad. Ik dacht alleen dat het praktisch onmogelijk was om met softbal geld te verdienen.”

Volgens Mels is de softbalwereld nog niet gewend aan professionele contracten. “Ik belde een volleybalster om te vragen hoe zij dat deed met haar contract. Stomverbaasd vroeg ze me of we daar niet iemand voor rond hebben lopen. In softbal bestaat het gewoon niet”, zegt Mels. “Als een buitenlandse club je uitnodigt, krijg je een vliegticket. Voor kost en inwoning moet je zelf zorgen.”

Deze aanbieding kwam net op tijd, zegt Mels. “Na de Olympische Spelen zat ik er helemaal doorheen, mijn motivatie was nul. Zoiets heb ik nog nooit gehad. Als ik in Nederland was gebleven, zou ik zijn gestopt”, zegt ze resoluut. “Ik ben het niveau ontgroeid. Bij HCAW spelen was geen uitdaging meer. We juichten niet eens meer als we wonnen. Onze moraal was: als we geen kampioen worden is het belachelijk, als we winnen is het normaal.

“Softbal is leuk als ik met de finesses bezig kan zijn. Het is prachtig om met een slimme manoeuvre een 6-0 achterstand ongedaan te maken. Daar krijg ik een kick van.”

Mels weet nog niet of ze na afloop van haar contract in Japan blijft. “Ik wil in ieder geval mijn studie kunstgeschiedenis afmaken. En natuurlijk bestaat de kans dat ik het daar verschrikkelijk vind. Dan zit ik zo weer op het vliegtuig naar huis.” Op de vraag wat ze het meest zal missen, twijfelt de softbalster geen moment. “Broodjes kroket, die hebben ze daar niet.”

    • Rianne Kofman