Rijm

Het moet toch uitmaken, voor de Nederlandse poëzie, dat een woord als 'vogel' vrijwel nergens op rijmt. Met het Engelse bird en het Franse oiseau valt van alles te proberen, ze kunnen de mooiste regels afronden tot zelfs het refrein van een liedje aan toe; maar voor ons is er werkelijk haast niets van te maken.

Terwijl, wat is er nu dichterlijker dan een vogel, zoals die kan zingen en vliegen en hoge nesten vlechten - zijn enige concurrent is misschien de vlinder, vanwege diens kleuren en kortstondigheid. Wat rijmwoorden betreft wint de vlinder bovendien op punten, en ook zijn metamorfose levert poëtisch veel voordeel op; zij het tegelijk een bijzonder nadeel. Want waar een vogel desnoods ook middenin of vooraan een dichtregel nog welluidend genoeg kan optreden, daar maakt de rups geen enkele kans: hij oogt niet, hij klinkt niet, en rijmen doet hij wel het minst van alle dieren die je bedenken kan.

    • Hedda Martens