Inwoners New York stemmen in 'biechthok zonder priester'

Enkele miljoenen New-Yorkers togen gisteren naar de stemlokalen, meestal gevestigd in schoolgebouwen. Sinds 1928 gebeurt het stemmen met behulp van machines om verkiezingsfraude tegen te gaan. De machines, waarvan sommige nog van hout zijn, kunnen elk niet meer dan 999 stemmen verwerken.

NEW YORK, 6 NOV. Mira Lewis staat in de rij voor haar stemmachine in Public School No. 7 aan de Sylvan Place in Harlem. Het logge, donkergroene gevaarte heeft iets weg van een fruitautomaat uit de oertijd van het gokken. Gordijntjes onttrekken de kiezer aan het zicht als hij of zij een hendel overhaalt. Vervolgens moet hij allerlei palletjes omzetten: een voor de keuze van president, een voor de senator, een voor de afgevaardigde en dan twee voor de referendumvoorstellen die in New York City ter stemming worden voorgelegd.

De stemmachines, waarvan er ten minstezesduizend in New York City zijn, zijn een soort biechthokjes zonder priester. De apparaten zijn geïntroduceerd in 1928 om na jaren van stemfraude volkomen eerlijke verkiezingen mogelijk te maken. Sommige zijn zo oud dat ze nog van hout zijn. “Als de stroom uitvalt werken ze ook”, aldus een opgewekte woordvoerder van de Honest Ballot Association, die toeziet op eerlijke verkiezingen. Opslag, onderhoud en vervoer van de machines op verkiezingsdagen kosten naar schatting drie miljoen dollar per verkiezing. Elders in het land zijn ze dan ook vrijwel verdwenen. Enkele machines in een stemlokaal op de hoek van First Avenue en 15th Street gingen gisteren kapot. “Dan doen we het maar weer op de ouderwetse manier”, zei iemand monter. De kiesgerechtigden kregen een stemformulier zo groot als een krantenpagina waarop alle mogelijkheden staan, en door deze aan te kruisen brachten ze hun stem uit.

Er kon niet alleen worden gestemd op de Democraten (Clinton), Republikeinen (Dole) of de Reform Party (Perot), want ook de Liberal Party, de Conservative Party en de Freedom Party waren vertegenwoordigd. Lijsttrekkers van de Liberal Party is echter Clinton en van de Conservative en Freedom Party is het in beide gevallen Bob Dole! Het is een vreemd en verwarrend geheel. Daarnaast zijn er ook nog de Libertarian Party, de Socialist Workers en de Green Party.

“Ik stem op Bill Clinton”, zegt Mira Lewis. “Ik stem altijd bij alle verkiezingen op de Democraten. Gouverneur, burgemeester of president - ik kies altijd voor de Democraat op het stemformulier.” Lewis werkt als receptioniste in een gezondheidscentrum. Ze heeft geen speciale standpunten die voor haar belangrijk zijn maar ze denkt dat zij beter af is met een Democratische regering. “Ik heb een tijdje naar het moddergooien geluisterd en gekeken”, zegt Lewis, “maar op een gegeven moment heb ik het gewoon genegeerd”. Ze denkt niet dat Clinton corrupt is of dat hij meer dan andere politici betrokken is bij schandalen. “Als je een publieke functie hebt, wordt alles wat je ooit hebt gedaan uitgeplozen”, weet Lewis. “Ze zoeken naar dingen.”

Ook in de rij staat een zwarte, oudere man die zegt geen vragen te willen beantwoorden. De man achter hem is Luis Rodriquez, een Porto-Ricaanse Amerikaan, die dit jaar voor het eerst op het vasteland van de VS stemt. Vier jaar geleden woonde hij nog in Porto Rico. Rodriquez is gevangenbewaarder in het Metropolitan Correction Centre, dat naast de Brooklyn Bridge ligt. Rodriquez stemt voor Clinton maar hij noemt zich geen Democraat. “Ik kijk altijd naar de kandidaten, dus ik volg niet automatisch een partijvoorkeur”, zegt hij. “Dole was ook niet slecht, maar ik heb geen moment getwijfeld.” Vindt Rodriquez niet dat Clinton wel erg getekend is door de talloze schandalen, zoals Jennifer Flowers, Whitewater, Travelgate, Filegate, Paula Jones - om er maar een paar te noemen?

De zwarte man draait zich verontwaardigd om. “Potverdomme”, zegt hij. “Clinton houdt van vrouwen. Nou en? Elke man houdt van vrouwen en elke getrouwde man kijkt naar andere vrouwen. Daar is niets bijzonders mee.” De man heft zijn vinger op en zegt: “In ons leven zullen wij geen betere man als president vinden dan Bill Clinton. Kijk wat hij doet voor de zwakkeren in de maatschappij en kijk wat hij heeft gedaan in Haïti. Daar gaat het om.” Abrupt draait hij zich om, want het is zijn beurt. Hij stapt de stemmachine in en door een ruk aan de hendel schuift het gordijn dicht. “Schandalen horen bij de politiek”, zegt Rodriquez. “Dat zie je altijd.”

Niet alles in New York City, dat een droge, zonnige verkiezingsdag kende, verliep gisteren zonder problemen. In Brooklyn kwamen tientallen Russen naar een stemlokaal, klaar om hun democratische plicht in het vrije westen te vervullen. Niet alleen ontbrak het velen van hen aan het recht om te stemmen omdat ze geen Amerikaans staatsburger zijn, maar zelfs al waren ze dat dan hadden ze zich eerst als kiezer moeten laten registreren. Geboren en getogen Amerikanen die zich niet laten registreren (registreren is mogelijk tot vijf weken voor de verkiezingen) kunnen hun stem ook niet uitbrengen. Wie eenmaal wel stemgerechtigd is, hoeft geen identiteitsbewijs te laten zien; hij hoeft alleen maar zijn naam te noemen en een handtekening te zetten die overeenkomt met wat de verkiezingsambtenaar voor zich heeft. In Washington Heights, een wijk in het noorden van Manhattan, bleek een aantal kiezers twee keer te stemmen en op de lijsten stonden ook kiesgerechtigden die reeds jaren overleden zijn. Problemen als deze doen zich zeer hardnekkig door de gehele VS voor bij elke verkiezing en lijken onuitroeibaar. Ouderwets stemmen of met machines maakt hierbij geen verschil.

    • Lucas Ligtenberg