VS melden nieuw incident met Irak

WASHINGTON/ BAGDAD, 5 NOV. De piloot van een Amerikaans F-16 gevechtsvliegtuig heeft gisteren een raket afgeschoten op een luchtdoelbatterij in het zuiden van Irak waarvan de radar volgens zijn instrumenten het toestel volgde. Het was het tweede dergelijke incident in drie dagen.

Omdat het Pentagon gisteren niet zeker was wat er precies is gebeurd, evenals zaterdag, heeft het volgens minister William Perry een “intensief onderzoek” aangekondigd. Irak zelf heeft beide incidenten ontkend - inclusief het afschieten van Amerikaanse raketten - en de Amerikaanse berichten als “electorale propaganda” aan de vooravond van de presidentsverkiezingen gebrandmerkt.

Het Amerikaanse ministerie van Defensie liet zondag weten dat de eerste Amerikaanse aanval een vergissing was geweest, omdat nader onderzoek had aangegeven dat de Iraakse radar de F-16 niet had gevolgd. Perry meldde gisteren dat ook in het tweede geval reden voor twijfel bestaat over wat er precies is gebeurd.

Het is volgens Perry niet duidelijk of de instrumenten van de F-16's slecht hebben gefunctioneerd, dan wel de Iraakse president Saddam Hussein met de radarinstallaties een kat-en-muisspelletje met de VS speelt. In de tussentijd gaan de geallieerde vluchten in de No-fly zone boven het zuiden van Irak normaal door, hoewel het Iraakse leger volgens Perry de laatste week “heel rustig” is geweest. De laatste crisis tussen de VS en Irak dateert van september, toen de VS na de Iraakse rol bij de Koerdische bezetting van de stad Arbil enkele tientallen raketten afschoot op luchtdoelbatterijen in Zuid-Irak. (Reuter, AP)