Zapman

Het was weer huilen geblazen bij het onderdeel dressuur van de 39ste Jumping Amsterdam. Ook dit jaar is het de paarden niet gelukt om maar één behoorlijk danspasje neer te leggen op die tijdelijke zandvlakte in de RAI (14.00 uur, Ned. 2). Dat komt niet alleen van het onhandige, tegendraadse gehuppel dat ze van hun dresseurs hebben geleerd.

Die beesten hebben gewoon geen maatgevoel. Een dronken zeeroverkapitein met twee houten benen, op een stampend schip, zie ik eerder een elegant danspasje maken dan zo'n harkerig paard dat zich laat ringeloren door de muggenzifter op zijn rug.

Zou gevoel voor maat iets typisch menselijks zijn? Of hebben apen het ook? Paarden hebben het dus niet. En sommige mensen ook niet. Als je die ruiters in hun zadels ziet zitten: die lijken net zo a-muzikaal als de paarden zelf. De zalvige melodietjes die ze hebben uitgezocht om hun beesten op te laten figuurzagen. Hoe verkrampt zo'n rechterarm de lucht ingaat ten teken dat de band kan worden gestart. Waarna er iets met een hoog muzakgehalte uit de luidsprekers komt. Daar zet het paard zijn eerste schreden. Meteen al uit de maat. Zo blijft het tien seconden schutteren tot het volgende deuntje komt. Op de geluidsbanden staan geen complete melodieën, het zijn korte, aan elkaar geplakte fragmenten, potpourri's heten die. Als ik iets haat, is het de potpourri. Nog meer dan nachtelijk feestlawaai dat me uit de slaap houdt, haat ik de potpourri. Nog meer dan een lekkend dak of een toiletpot die verstopt is. Die vernederende gelijkschakeling, dat dertien in een dozijn, die wattige overgangen van het ene deuntje naar het andere. Wel is het de potpourri die de paarden steeds een nieuwe kans geeft om het ritme alsnog op te pakken. Maar de paarden kunnen geen van die geboden kansen benutten; gaande de potpourri wordt hun a-muzikaal gedribbel er eerder erger op. Alsof ze nog meer van slag raken van al die melodietjes. Een drumband zou beter voor ze zijn. Dan kunnen ze gewoon de hoempapa bijhouden, en niemand die doorheeft dat ze daar zelf geen maat bij voelen. Wat ook een oplossing zou zijn geweest: een live band die de paarden begeleidt. Dan mogen de paarden zelf het ritme bepalen, en de band volgt. Of helemaal geen muziek. Dat ik daar niet eerder aan gedacht heb.

Intussen staat het schuim hen op de bek. Hoeveel oefening gaat er niet in zitten voordat ze zo averechts kunnen schuifelen? Die manen zijn zo netjes in model gebracht, de vacht die glimt van het borstelen. En de ruiters kunnen door een ringetje gehaald worden. Niets wordt aan het toeval overgelaten. Of zou dat het juist zijn waar het aan schort?

    • Hans Aarsman