Voor luie beleggers

Het succes van een produkt hangt mede af van de naam die de ontwerpers eraan geven. Een pakkende naam doet zelfs kritische lezers twijfelen. Neem de WinstVerdubbelaar van het Leidse financiële bedrijf Legio Lease, een kleindochter van Aegon. Een lezer uit Breda schrijft hierover: “Als consument ben ik altijd kritisch tegenover aanbieders die mij zeer veel winst beloven en eventuele nadelen amper melden.

Je moet wel gek zijn om daar niet op in te gaan, denk ik tegelijkertijd. Welke adder schuilt er onder dat groene gras?'' Meer lezers zijn op zoek naar die adder.

Wie twijfelt aan veelbelovende plannen, met aandelen of een boomgaard in een warm land als motor, moet weten dat de aanbieders zelf geen beleggingsrisico nemen, maar dat afwentelen op klanten. Verder moeten die geldbedrijven in korte tijd veel polissen en contracten sluiten, anders loont het niet om er een organisatie voor op te zetten. Om mensen over de streep te trekken en zich te onderscheiden van de concurrentie, moeten aanbieders flink overdrijven in de publiciteit. Mag dat? Ja. De financiële sector mag heel wat beweren en verzwijgen. Vergelijk dat eens met de voor- en nadelen vermeld op de bijsluiter van een geneesmiddel. Die fabrikanten kunnen niet aankomen met de dooddoener 'resultaten uit het verleden, zijn geen garantie voor succes in de toekomst'.

De financiële wereld begrijpt zo langzamerhand ook wel dat er iets moet gebeuren en komt met middelen als onderlinge afspraken, interne codes, brancherichtlijnen en gedragsregels.

Helaas gelden die slechts binnen een bepaalde branche en sorteren ze minder effect dan wettelijke regels, of de uitspraak van een rechter, klachten- of geschillencommissie die een teleurgestelde deelnemer een fikse schadevergoeding toekent om tegenvallende winsten te compenseren.

De verdubbeling van Legio Lease rust op drie pijlers: in de komende 5 jaar een koerswinst van 13,8 procent per jaar op de aandelen en call-opties ING en Dordtsche Petroleum (houdstermaatschappij van een portie aandelen Koninklijke Olie), een verplichte lening om deze aandelen te kopen en vijf verschillende belastingvoordelen.

Is dat iets bijzonders? Nee. Iedereen kan via zijn bank op de beurs aandelen en opties ING en Dordtsche kopen en profiteren van koerswinst, kan ergens geld lenen (voor zover dat nodig is) en dezelfde fiscale voordelen benutten. De kracht van het plan zit eerder in de opzet. Daar hebben de geestelijke vaders jaren aan gesleuteld, ook al om de vele critici de mond te snoeren.

Die kritiek durfde iedereen vrijuit te spuien, omdat oprichter Piet Bloemink een luis in het financiële pluche was: hij was televisie-verhuurder in ruste, en daarom vogelvrij, die meende dat je ook aandelen en opties kon verhuren. Dat was vloeken in de kerk.

Door die aanhoudende aanmerkingen beschikt het bedrijf thans over brochures die, los van de wervende teksten en de niet te stoppen stroom post (zelfs aan mensen die al acht jaar dood zijn), lijken op financiële bijsluiters. Het bedrijf is inmiddels eigendom van de bank Labouchere, een dochter van verzekeraar Aegon en Bloemink is nu ook aandelen-verhuurder in ruste. Terug naar de Verdubbelaar.

Een deelnemer hoeft slechts iedere maand een bedragje over te (laten) maken en kan vijf jaar lang achteroverleunen: de directies van ING en Koninklijke Olie, en de staf van Legio Lease doen het vuile werk. Dat vinden veel onervaren beleggers fantastisch. Daarmee is de Verdubbelaar een efficiënt, maar geen effectief of voordelig produkt. Kijk maar.

Je leent bijvoorbeeld ƒ 16.656 tegen 14,9 procent per jaar om voor ƒ 11.767 ING en Dordtsche te kopen.

Het verschil van ƒ 4.889 gaat op aan rente en kosten. De call-opties, die ook bijdragen aan de onbelaste koerswinst, worden betaald uit de jaarlijkse dividenden. Die voor vijf jaar vooruitbetaalde huurrente is nog dit jaar aftrekbaar van het belastbare inkomen. Deelnemers die 37,5 procent belasting betalen, daar richt het bedrijf zich ook op, betalen dus 9,3 procent rente zelf. Er zijn banken die veel minder rekenen voor een krediet met effecten als onderpand. Plus: waarom lenen als je zelf over ƒ 16.656 gulden beschikt en die helemaal in aandelen kan stoppen?

Een tweede bezwaar betreft de beurstiming van de aankoop. Daar houdt de aanbieder geen rekening mee: op de eerste donderdag na ontvangst van het aanmeldingsformulier worden de aandelen en opties aangeschaft, ongeacht de beursstemming. Een derde bezwaar betreft de looptijd: je zit er voor vijf jaar aan vast.

Conclusie: voor wie de brochure wil lezen zitten er geen adders onder het gras. Het is een efficiënt plan voor luie en onervaren beleggers die geen eigen geld in aandelen willen stoppen.

Maar je kunt het ook zelf doen, met een beetje hulp van de bank. Dat levert waarschijnlijk meer op.