Zaïrese rebellen willen naar Kinshasa

UVIRA/ OOST-ZAÏRE, 2 NOV. Over een afstand van twee kilometer liggen potten, kleren, schriftjes en opengebarsten zakken met graan. De zoete geur van rottend mensenvlees hangt over de weg. Zaïrese soldaten hebben Burundese en Rwandese vluchtelingen beroofd. De opstandelingen lieten de regeringsmilitairen vervolgens in een hinderlaag lopen en doodden ruim honderd van hen.

Eén week na de inname van Uvira door Tutsi-rebellen begint het leven in en rond de stad een klein beetje zijn gewone gang te hernemen. De vluchtelingenkampen liggen er geheel verlaten bij. Niets wijst op gevechten; vermoedelijk zijn de vluchtelingen weggetrokken wegens de strijd van de rebellen om de Zaïrese dorpjes in de omgeving. Wel is er geplunderd in de kampen.

Honderden ontheemde Zaïrezen trekken terug naar hun woonplaatsen. Op de marktjes ontstaat weer enige activiteit. De presentie van de rebellen blijft beperkt tot enkele nonchalant rondhangende jongeren met wapens en een paar militaire wegversperringen. De stad Uvira biedt zelfs weer een levendige aanblik. De winkels blijven dicht maar kraampjes bieden sigaretten, snoepjes en zeep aan.

In een huiskamer van een geconfisqueerde woning in Uvira nestelen de leiders van de Zaïrese rebellie zich op een te zachte sofa. De Alliantie van de Democratische Krachten voor de Bevrijding van Congo-Zaïre noemen de opstandelingen zich. Als leider van deze ADFL presenteert zich de kalende Laurent Desiré Kabila, een vriendelijke oude man die al vanaf 1964 een politiek-militaire strijd voert tegen het regime in Kinshasa en voor de omverwerping van de regering van Mobutu. “We vechten voor de algehele bevrijding van Zaïre”, zegt hij, “er is geen sprake van louter een rebellie van de Banyamulenge.”

Dat roept vragen op. Tot dusverre heette het immers dat de Banyamulenge (al generaties in Zaïre levende Tutsi's) de wapens op hadden genomen omdat ze door het Zaïrese bewind werden vervolgd. Maar, zegt Kabila, “andere stammen zijn met meer soldaten in ons leger vertegenwoordigd dan de Banyamulenge. Vele anti-Mobutu-groepen werken met ons samen.”

Kabila zegt zich te verzetten tegen het uiteenvallen van Zaïre in verscheidene staatjes, maar de veroverde gebieden in het oosten zullen voorlopig wél een autonome status krijgen. “Bukavu wordt tijdelijk onze hoofdstad, vanuit hier zullen we via Kisangani oprukken naar Kinshasa. Het staatsapparaat in dit land is verdwenen, er bestaat geen autoriteit meer. Daar moet een einde aan komen. We zullen de kliek machthebbers verdrijven en dan democratische verkiezingen organiseren.”

Strijdvaardige taal. Maar zijn deze uitspraken niet wat te ambitieus? Is het gigantische Zaïre, zonder wegen en andere verbindingen, niet een onmogelijk land om in te nemen? “Juist niet”, betoogt Kabila. “We zijn beter georganiseerd dan het regeringsleger en kunnen ons vrij bewegen juist omdat het land door de regering niet wordt gecontroleerd.” Volgens hem is de haat tegen Mobutu zo groot dat het hele land nu rijp is voor de opstand.

Kabila beschuldigt een deel van de Burundese en Rwandese vluchtelingen ervan partij te hebben gekozen tegen zijn opstandelingen. “De Burundese guerrillastrijders, leden van de Rwandese Hutu-militie in Interahamwe en voormalige Rwandese regeringssoldaten hebben zich laten registreren als Zaïrese soldaten”, aldus Kabila, “daarom vechten we tegen hen.” Zij die onschuldig zijn kunnen wat hem betreft in Oost-Zaïre blijven, op grote afstand van de Rwandese grens. “We roepen alle hulporganisaties op om terug te keren om de vluchtelingen te helpen, evenals de Zaïrezen die hulp nodig hebben. Wij zijn heel humaan.”

Kabila ontkent in alle toonaarden hulp te ontvangen van Rwanda. Geconfronteerd met de opmerking van Rwanda's minister van Defensie Paul Kagame dat 'vermoedelijk' enkele van zijn regeringssoldaten zijn overgelopen naar de Zaïrese rebellen, zegt hij niets te weten van gedeserteerde Rwandese regeringssoldaten die met zijn troepen meevechten. De soldaten die buiten de wacht houden vertellen echter een ander verhaal. Een maand geleden waren ze nog in de Rwandese hoofdstad Kigali, ze kennen er de beste bars en disco's. Het heeft er alle schijn van dat wordt gepoogd een met hulp van Rwanda begonnen opstand van de Banyamulenge uit te breiden tot een algehele rebellie in Zaïre.

    • Koert Lindijer