Beursklapper Endemol tekent publieke honger naar aandelen; Massa aan de macht op Damrak

AMSTERDAM, 2 NOV. “Ik kan de bewegingen van hemellichamen calculeren, maar niet de gekte van een massa.” Zo citeert Paul Melton, de schrijver van het onlangs verschenen boek Going global with equities, de natuurkundige Sir Isaac Newton.

Dit gold gisteren blijkbaar ook voor de aandelenmannen van ABN Amro, die het naar de beurs gebrachte Endemol van een introductiekoers van 48 gulden omhoog zagen schieten naar een slotkoers van 56,50 gulden - een koerswinst van 18 procent op de eerste dag van notering. Endemols eigenaars-verkopers Joop van den Ende en John de Mol weten waarschijnlijk niets van hemellichamen, maar kunnen lezen en schrijven met mensenmassa's.

Zo'n koersexplosie is overigens niet onverdeeld gunstig voor Endemol. Van den Ende en De Mol kunnen zich afvragen of de introductieprijs van 48 gulden niet aan de lage kant is geweest. Vijf gulden meer had zo te zien ook gekund, en had beide aandeelhouders miljoenen guldens extra op kunnen leveren. Bovendien is een bedrijf gebaat bij een rustig koersverloop. Dat is de reden waarom slechts een gedeelte van de aandelen aan het grote publiek wordt gesleten. Grote institutionele beleggers, die de rest voor hun rekening nemen, beleggen voor de langere termijn, en houden de koersvorming rustig. Als echter de koers na introductie zo sterk omhoogschiet als gisteren gebeurde, kan een deel van hen toch in de verleiding komen om snel te verkopen om winst te nemen (flippen, in beursjargon), en versnippert het aandeelhouderschap alsnog.

De prijsexplosie van Endemol en de zware overtekening (25 maal meer publieke vraag dan aanbod van de aandelen) op de beursintroductie kenmerken het publieke enthousiasme voor de beursgang. Maar ze tekenen ook het gunstige klimaat waarin aandelen zich nog steeds mogen verheugen: lage inflatie en lage rentes in de geïndustrialiseerde wereld, gecombineerd met een gezonde economische groei in de Verenigde Staten en een aantrekkende economie in Europa - met Nederland voorop.

Donderdag sloot de AEX-index nog af op 577 punten. Dat was 13 punten lager dan het slot van 590,18 punten vorige week. Toen moest de index ook terrein al prijsgeven op de week dáárvoor, toen de AEX op 594,33 punten sloot. Het Damrak leek, na de dip in juli tot 512,80 punten, juist overstoorbaar op weg naar de magische grens van 600 punten. Min of meer vergelijkbaar verging het het Dow Jones-gemiddelde, dat twee weken geleden nog tegen de 6100 punten sloot, maar daarna langzamerhand weer wat terugzakte. Is de vaart eruit?

Dat is ongewis, zo bleek gisteren. Nadat de banengroei in oktober in de VS precies bleek te zijn wat analisten hadden voorspeld, trokken de internationale beurzen eerst een eindsprint, maar zakten daarna toch nog terug. De bescheiden loonstijging in de VS wordt gezien als een bewijs dat inflatie nog geen probleem is, dat de rentes laag kunnen blijven, en dat de ontwikkeling van de bedrijfswinsten en de vloed van beleggersgeld naar de beurs de aandelenkoersen blijven bepalen.

De AEX, die kort na de Amerikaanse cijfers nog 585 punten noteerde, sloot de week uiteindelijk af op 581,31 punten, en kan de droom van het passeren van grens van 600 punten levend houden. Als de resultaten van de genoteerde bedrijven over het derde kwartaal maar meevallen. De winstcijfers over het derde kwartaal, die deze week door drie hoofdfondsen werden gepresenteerd, deden dat niet. De Koninklijke Shell Groep rapporteerde in Britse ponden een winstdaling van 7 procent (uitgezonderd bijzondere baten en lasten) en dat viel beleggers tegen. In guldens bleef de schade overigens beperkt, door de hogere koers van het Britse pond. Het aandeel Koninklijke Olie sloot de week af op 276,70 gulden, een verlies van 10,10 gulden ten opzichte van vorige week. Ook de cijfers over het derde kwartaal van papierproducent en groothandel KNP BT werden door beleggers te licht bevonden. KNP BT begon dit jaar op een koers van 42 gulden. Terwijl de AEX sinds begin januari ruim 17 procent steeg, gaf het papierconcern tot nu toe tien procent terrein prijs. Ook de cijfers van DSM vielen slecht op de beurs.

Was het bedrijfsnieuws deze week niet vrolijk, de liquiditeitsstroom lijkt door het lage renteniveau onverminderd aan te houden. Dat geldt niet alleen het eigen vermogen dat een bedrijf als Endemol gisteren op de beurs aantrok, maar ook voor nieuw vreemd vermogen dat KPN aantrekt voor de financiering van de overname van het Australische TNT. KPN maakte gisteren bekend een kredietfaciliteit van 2,25 miljard gulden te hebben afgesloten met een syndicaat onder leiding van Citibank en Goldman Sachs, met ABN Amro, Rabo en ING als drie van de tien voornaamste deelnemers. De banken wilden zo graag meedoen dat ze genoegen namen met een rente van 0,1 procent boven het gangbare Londense interbancaire tarief (Libor). Tien basispunten boven Libor brengt op een bedrag van 2,25 miljard gulden een rentemarge op van 2,25 miljoen gulden per jaar. Met z'n tienen. Drie Goldman Sachs-bankiers halen dat in een beetje succesvol jaar aan salaris en bonussen binnen. Meedoen bleek voor de banken belangrijker dan gewin, en KPN spint er garen bij door de overname van TNT extreem goedkoop te financieren. Het post- en telecombedrijf behoorde deze week tot de winnaars op de beurs, met een koersstijging van 1,40 gulden op 62,50 gulden. Hoewel debutant Endemol natuurlijk onverslaanbaar was. De gekte van de massa blijft het werkterrein van entertainers, niet van rekenaars.