Koerdische rivalen in Noord-Irak sluiten voorlopig vrede

ANKARA, 1 NOV. De twee rivaliserende Iraaks Koerdische partijen, de Koerdische Democratische Partij (KDP) van Masoud Barzani en de Patriottische Unie van Koerdistan (PUK) van Jalal Talabani, hebben zich gisteren na twee dagen onderhandelen in de Turkse hoofdstad Ankara vastgelegd op bestendiging van het staakt-het-vuren dat vorige week van kracht werd in Noord-Irak.

De overeenstemming beperkt zich voorlopig tot de instelling van een lokale waarnemersmacht, die het bestand in Noord-Irak vanuit de hoofdstad Arbil moet bewaken. Over andere gevoelige punten als de demilitarisering van Arbil, de verdeling van de tolheffingen over alle partijen in Noord-Irak en nieuwe verkiezingen voor een regionaal parlement en een regionale regering, wordt op 15 november opnieuw onderhandeld. Dat gebeurt wederom in Ankara onder auspiciën van de VS, Turkije en Groot-Brittannië en in aanwezigheid van vertegenwoordigers van de Turkmenen, de op een na grootste etnische groepering in deze regio. Pas als ook over deze geschilpunten overeenstemming is bereikt, is er voor het eerst in drie jaar zicht op een duurzame vrede in Noord-Irak.

De interne strijd dreigde de afgelopen twee maanden uit te groeien tot een regionaal conflict, toen de KDP de hulp inriep van het Iraakse leger bij de herovering van de hoofdstad Arbil. De rivaliserende PUK, die door Iran wordt gesteund, werd vervolgens vrijwel geheel uit Noord-Irak verdreven. De peshmerga's (Koerdische strijders) van Talabani sloegen deze maand verrassend terug. Op Arbil na hebben ze vrijwel hun oude posities weer in handen.

In een reactie op de Iraakse rol bij de herovering van Arbil voerden de VS begin september raketaanvallen uit op Zuid-Irak. Daarna startte de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken, Robert Pelletreau, een diplomatiek offensief.

Turkse kranten meldden vanmorgen dat de lokale waarnemersmacht, bestaande uit vertegenwoordigers van neutrale Iraaks-Koerdische partijen en Turkmeense en Assyrische groeperingen, uit zo'n 500 manschappen zal bestaan en dat de Turkmeense vertegenwoordigers hiervoor de komende weken in Turkije zullen worden opgeleid. De KDP zou aanvankelijk grote bezwaren hebben gehad tegen de prominente positie van de Turkmenen in het waarnemersteam. Zij gaven er de voorkeur aan om de Verenigde Naties in te schakelen. Uiteindelijk is de formule overeengekomen dat naast het team op de grond eveneens vertegenwoordigers van Turkije, de VS, Groot-Brittannië en de KDP en de PUK vanuit Ankara op het bestand zullen toezien.

In het akkoord dat gisteren in Ankara tot stand kwam, zeggen de KDP en de PUK tevens toe dat ze terroristische elementen, in het bijzonder van de Koerdische Arbeiders Partij (PKK), uit Noord-Irak zullen weren. Deze afspraak wordt algemeen als een belangrijk winstpunt voor Turkije gezien, dat al jarenlang roept dat de Turks-Koerdische PKK als gevolg van het machtsvacuüm in Noord-Irak zich op grote schaal in de grensstreek heeft kunnen nestelen. De PUK van Talabani wordt van directe steun aan de PKK beticht, terwijl de KDP van Barzani volgens Ankara te zwak optreedt tegen de gewapende leden van deze organisatie in Noord-Irak.

In dit kader is eveneens afgesproken dat de ruim 10.000 Turkse Koerden die in de afgelopen jaren op de vlucht zijn geslagen voor het Turkse veiligheidsleger in Zuidoost-Turkije en die in het VN-kamp Atrush in Noord-Irak zijn ondergebracht, op korte termijn naar Turkije worden gerepatrieerd. Dit kamp is vanaf het begin een doorn in het oog van Turkije geweest, dat het ziet als een PKK-bolwerk.

Turkije dreigde deze zomer een veiligheidszone aan de Iraakse kant van de grens te zullen instellen, als de Iraakse Koerden niet strenger tegen de PKK optraden. Hierover werd eveneens met Bagdad gesproken, waar het plan op felle kritiek stuitte. De algemene indruk is dat Turkije daardoor voorlopig weer op het standpunt staat dat de strijd tegen de PKK vooral is gebaat bij een stabiel Noord-Irak. Dat betekent dat er een eind moet komen aan de interne strijd tussen de rivaliserende Koerdische groeperingen en dat een nieuw te vormen regionaal bestuur een breder draagvlak moet krijgen dan de twee rivaliserende Koerdische groeperingen. Op dat punt vinden Turkije en de VS elkaar. Washington wil nog steeds koste wat kost voorkomen dat Saddam Hussein zich opnieuw over Noord-Irak ontfermt. Het idee is dat dat slechts kan worden voorkomen als de rust wordt hersteld in Noord-Irak.

De KDP is echter een onduidelijk element in dit plan. Barzani claimt weliswaar dat hij slechts een kortstondig militair pact met Saddam Hussein is overeengekomen, maar de indruk bestaat dat er feitelijk sprake is van een veel diepgaandere samenwerking, ook op het politieke vlak. Bovendien heeft de KDP de afgelopen weken aan de VS duidelijk gemaakt dat zij slechts bereid is om de banden met Bagdad te verbreken als er garanties worden geboden voor een oplossing van het vraagstuk van de Koerden in Irak. “We zijn de vijanden van Irak, maar we zijn tegelijkertijd gedwongen om in Irak te leven”, aldus Barzani. De Iraakse Koerden eisen bovendien dat de Westerse bondgenoten hun een grotere mate van bescherming bieden. Het gaat daarbij niet alleen om Irak, maar ook om de buurlanden Iran en Turkije, die gewapend in Noord-Irak optreden. Waarnemers wijzen erop dat Washington in de afgelopen dagen geen nieuwe toezeggingen aan de Iraakse Koerden heeft gedaan. Afgezien van het diepe wantrouwen tussen de KDP en de PUK, maakt dat alleen al de vrede in Noord-Irak uiterst wankel.