King Kong begrepen ze ook niet; Tony Bloem maakte een toneelstuk in gebarentaal

Als je niet kunt horen, is een toneelstuk behoorlijk saai. Probeer maar eens een hele film te kijken met het geluid uit. De dove toneelspeler Tony Bloem heeft daar iets op gevonden: hij heeft een stuk geschreven in gebarentaal.

Het toneelstuk heet King Kong. Daar is eerder al een beroemde film over gemaakt. Het gaat over een reuzenaap die een meisje ontvoert. Daarmee gaat hij op het dak van een wolkenkrabber zitten. De luchtmacht redt het meisje en schiet King Kong dood. Eigenlijk is dat zielig want Kong heeft dat meisje keurig behandeld. Hij is namelijk verliefd op haar. Maar dat kan hij niet zeggen omdat hij geen mensentaal spreekt. De mensen schieten hem dood omdat ze hem niet begrijpen.

Doven worden, net als King Kong, vaak niet begrepen (gelukkig worden ze daarom niet doodgeschoten). Daarom zou het handig zijn als de horende mensen iets meer zouden weten van de taal die doven spreken. De meeste mensen denken dat gebarentaal een soort grappige pantomime is. Maar het is een echte taal, net als Engels of Duits. In gebarentaal kun je net zoveel zeggen als in een taal die je kunt horen. Je kunt vloeken en grappen maken en uitleggen hoe een computer werkt. Om een taal te spreken heb je niet altijd je stem nodig. Als je 'die is gek' wil zeggen, dan wijs je op je voorhoofd. En voor 'bekijk het maar' steek je je middelvinger omhoog. Op zo'n moment 'praat' je met je handen. Omdat doven niets kunnen horen, praten ze de hele dag met hun handen.

In King Kong wordt zo een heel verhaal vertelt met gebaren. Het toneelstuk is ook geschikt voor horenden: naast het toneel staat een vertaler die vertelt wat er gebeurt. Om het nog duidelijker te maken, is er een man die wolken op stokjes in de hoogte steekt. Daarop verschijnen dan dia's, met plaatjes uit het verhaal. Daarnaast is er voor de horende bezoekers een geluidenman. Die heeft een speciaal verbouwde piano waarmee hij rare geluiden maakt. Hij bewerkt zijn piano met trommelstokken, hij rukt aan de snaren en halverwege begint hij zelfs in de piano te zagen.

De geluidenman, de wolkenman en de verteller zijn slechts hulpjes van de gebarenmaker, Tony Bloem. Hij zit midden op het podium driftig met zijn handen te zwaaien en rare bekken te trekken. En met de hulp van de vertaler is ook best te volgen wat hij gebaart. Als King Kong bijvoorbeeld het meisje gaat pakken, dan beeldt Tony Bloem met twee vingers de benen van het meisje uit. Zijn andere hand is de hand van Kong die hij om de vingers slaat. Heel duidelijk.

Gebarentaal is overigens een ideale geheimtaal. Je kunt bijvoorbeeld tijdens proefwerken de goede antwoorden doorseinen. Of als het meisje van je dromen langsloopt, dan kun je in Gebarentaal zeggen: 'Kijk, daar ben ik nou verliefd op'. Had King Kong maar Gebarentaal geleerd. Dan had hij misschien nu nog geleefd en was hij gelukkig getrouwd geweest.

De familievoorstelling King Kong in Klein Carré speelt tot 3 november in Carré in Amsterdam. Daarna gaat het stuk op toernee.