Galeries tonen hedendaagse kunst op twee kleine beurzen in Berlijn; Fotografie stoot het schilderij van de troon

European Art Forum Berlin: Messegelände unter dem Funkturm t/m 4 nov. 11-20 uur, ma 11-18u, 30 DM, Catalogus 28 DM. Berlin Mitte, Sophiastrasse 13. T/m 4 nov 11-22u, 5 DM.

BERLIJN, 1 NOV. Kleiner en exclusiever moest de European Art Forum Berlin worden, de eerste Berlijnse beurs voor hedendaagse kunst die gisteren voor het publiek werd geopend. De beurs, waaraan 137 galeries deelnemen, is een antwoord op de almaar groeiende Art Cologne, de kunstbeurs in Keulen waarop zich vorig jaar meer dan 350 galeries presenteerden. De grootte van de beurs kwam de kwaliteit niet ten goede, meende een aantal gerenommeerde galeristen, onder wie Rudolf Kicken uit Keulen en Thomas Schulte uit Berlijn. De Keulse beurs, de oudste beurs van Duitsland, was verworden tot een rommelmarkt. Er kwamen wel steeds meer bezoekers, maar serieuze klanten zaten daar niet bij; de verkoop stagneerde. Veertien galeries richtten daarom een eigen beurs op, die vooral bestemd is voor de kunst van na 1945, met extra aandacht voor de jongste ontwikkelingen. Een van die ontwikkelingen blijft sinds jaar en dag het spotten met voorgangers: de Rus Oleg Kulik liet boven een fietswiel een zilveren haas dansen en noemde het geheel Art Must Work Duchamp's Wheel and Beuys's Hare (Galerie Guelman).

Een van de weinige interactieve kunstwerken op de beurs is Die Organspender van Antoine Prum (galerie Beaumont). Prum vroeg bezoekers van het Luxemburgse Stadpark hem Roodkapje te vertellen. De beursganger kan de tientallen versies van dit sprookje nu via een koptelefoon beluisteren. Er hangt ook een microfoon waarin men zijn eigen versie kan inspreken. Daartoe moet men eerst wel een rood mutsje opzetten.

De grootste verrassing van de beurs is de status die de fotografie te beurt valt. De foto heeft het schilderij, traditioneel de koningin van de beeldende kunst, in Berlijn van haar troon gestoten. Bijna elke galerie toont, heel vanzelfsprekend, fotokunst. De techniek wordt voor van alles en nog wat gebruikt: voor registratie, voor lyriek, voor aanklachten, voor formele composities en sprookjesachtige verhalen. Ook de reflectie op het medium zelf ontbreekt niet. De fotoserie Die bleiche Bergen van de Italiaan Walter Niemayer bij galerie Villepoix maakt alles mooier dan het is: de witte sneeuw, het groene gras, de felgekleurde mensjes. Een echte berg kan daarna alleen maar een teleurstelling zijn.

Voor het vertonen van films, de nieuwste verovering van de beeldende kunst, is een beurs minder geschikt. Mat Collishaw vertoont bij galerie Analix als een der weinigen een film: flikkerend en onscherp verschijnt op een klein stukje muur een auto-ongeluk. De ouderwetse projector is niet verborgen, maar middenin de ruimte gezet, als om nog eens te wijzen op het wonder dat gebeurtenissen uit het verleden zich zomaar kunnen laten herhalen. Maar ingrijpen kunnen we niet. Van installaties en sociale projecten blijven op de beurs meestal alleen foto's over.

De meeste kunstwerken worden voor ongeveer 20.000 DM aangeboden, maar er zijn ook uitschieters naar boven. Voor een groot schilderij van Robert Delauney uit 1911 vraagt Raimund Thomas bijvoorbeeld een miljoen dollar.

De organisatoren zijn erin geslaagd een groot aantal vooraanstaande galeries naar Berlijn te halen. Van Achenbach uit Düsseldorf tot Barbara Weiss uit Berlijn, van Lisson uit Londen tot Luhring Augustie uit New York, overzichtelijk in alfabetische volgorde opgesteld. Van de deelnemers komt ongeveer de helft uit het buitenland, voornamelijk uit traditionele kunstcentra als Parijs, Londen en New York. Aan de beurs nemen slechts twee Nederlandse galeries deel: Art Affairs en Fons Welters, beiden uit Amsterdam. Nederlandse kunstenaars zijn er meer. Behalve evergreens als Karel Appel en Armando worden ook jongeren als Rineke Dijkstra en Liza Maypost door buitenlandse galeries vertegenwoordigd. De beurs is door de strengere selectie van deelnemers inderdaad van hoger niveau dan de concurrent in Keulen die dit jaar het deelnemersaantal overigens heeft weten terug te brengen tot 278. Maar een rommelmarkt is het nog steeds: in plaats van slechts één kunstenaar te presenteren, zoals vooraf de bedoeling was, heeft bijna elke galerie een of twee werken van zoveel mogelijk kunstenaars opgehangen. Ook van het plan om elke kunstenaar slechts door één galerie te laten tonen is weinig terechtgekomen. In elke hal kom je dezelfde bekende namen tegen. Baselitz, Imi Knoebel, Sigmar Polke en Rosemari Trockel.

Voor Berlijn werd gekozen omdat deze stad goede kans maakt na de hereniging ook weer de culturele hoofdstad van Duitsland te worden. De 20ste-eeuwse kunst is in Berlijn aan een inhaalmanoeuvre bezig. Onlangs werd in Charlottenburg een nieuw museum geopend voor de verzameling Picasso's en andere klassiek-modernen van Heinz Berggruen en zondag opent in het Hamburger Bahnhof een museum voor hedendaagse kunst bijeengebracht door verzamelaar Erich Marx. Volgend jaar zal bovendien voor de eerste maal de biënnale van Berlijn plaatsvinden onder andere georganiseerd door Hans Ulrich Obrist, een van de curatoren van Manifesta dat deze zomer in Rotterdam te zien was. Veel galeries uit Keulen en Düsseldorf verhuizen nu naar de hoofdstad of openen er een dependance. De organisatoren wijzen er ook graag op dat Berlijn een brug kan zijn tussen West- en Oost-Europa, maar op de beurs is daarvan nog weinig te merken. Er doen maar drie galeries uit Oost-Europa mee. Oorzaak daarvan zijn waarschijnlijk de hoge kosten. Voor elke vierkante meter tentoonstellingsruimte moet 750 mark betaald worden. Meer nog dan in Keulen.

Ook een aantal jonge Berlijnse galeries, onder wie Eigen + Art en Wohnmaschine besloot niet aan de beurs deel te nemen. Zij hebben immers al tentoonstellingsruimte in Berlijn. Toch organiseren deze galeries nu in een oud warenhuis een alternatieve beurs, waaraan zestien binnen- en buitenlandse galeries deelnemen. De prijzen op Berlin Mitte zijn lager, de kunstenaars onbekender en het werk - installaties, films, video's - moeilijker verkoopbaar. Markus Muntean en Adi Rosenblum hebben op de grond een broek gelegd en laten de snuit van een snorrend speelgoedvarkentje uit de gulp omhoog komen. Ook presenteren ze op video een zappend echtpaar dat langzaam met haar overdekt raakt (galerie Steinek). Christine Hill kondigt haar Volksboutique aan, waarin kunstenaars en anderen met elkaar kunnen praten en kleren kunnen verkopen. De winst wordt gebruikt voor nieuwe projecten. Berlin Mitte moest volgens de organisatoren niet gezien worden als kritiek op het European Art Forum, want maar liefst vier galeries nemen aan beide beurzen deel. En organisatoren van Eigen + Art en Wohnmaschine reizen volgende week af naar Keulen waar op 10 november de Art Cologne begint.

    • Bianca Stigter