Van der Geest stopt als coach judoka's

BLOEMENDAAL, 31 OKT. Cor van der Geest heeft besloten met ingang van 1 januari 1997 zijn functie als bondscoach van de judoka's bij de vrouwen neer te leggen. Als reden geeft Van der Geest op de slechte communicatie tussen hem en zijn collega bij de mannen Willem Visser.

Al voor de Olympische Spelen had Van der Geest zijn voornemen tot ontslag kenbaar gemaakt bij het bestuur van de Judo Bond Nederland. Om de voorbereiding op Atlanta niet te verstoren besloten beide partijen dit echter niet in de openbaarheid te brengen.

Van der Geest ziet binnen de JBN geen kans meer tot een constructieve samenwerking te komen. “Daar is een aantal sleutelfiguren, onder wie Visser, in geen enkel opzicht toe bereid. Het is vechten tegen de bierkaai en daar houd ik mee op.”

Met ingang van het volgend jaar zal Van der Geest weer uitsluitend als trainer/coach van zijn eigen club Kenamju fungeren. De Haarlemse vereniging is al sinds vijf jaar de sterkste van Nederland bij de mannen en de vrouwen.

De 51-jarige Van der Geest volgde na de Olympische Spelen van 1992 in Barcelona Leo de Vries op. Hij boekte vele successen, niet in het minst met zijn eigen pupillen Jenny en Jessica Gal, Claudia Zwiers en Maarten Arens. De zusjes Gal en Zwiers brachten het tot Europees kampioene, ook Arens werd nummer één van Europa. De grootste triomf boekte Van der Geest in 1994 door in Houtrust in Den Haag de Europese titel voor landenploegen bij de vrouwen te veroveren.

Van der Geest ergerde zich als bondscoach vaak aan het gebrek aan samenwerking in het vaak jaloerse judowereldje. “Het gebeurt te veel dat men elkaar in het judo ook buiten de mat onderuit wil halen”, zei de Bloemendaler twee jaar geleden voor het EK teams in Den Haag in een vraaggesprek met de Volkskrant. “Het is toch te gek voor woorden dat met zoveel kwaliteit in Nederland praktisch niemand echt met elkaar samenwerkt. Altijd zit er een handremmetje op. Men is bang iets verkeerds te zeggen en daar meteen op aangevallen te worden. Het draait allemaal om macht. Achterlijk.”

Al lang speelde Van der Geest met de gedachte het als bondscoach voor gezien te houden en zich op zijn geliefde Kenamju te concentreren. “Ik kan binnen de judobond niet meer constructief werken. Dan is er maar één mogelijkheid: stoppen.” (ANP)