Paulides had geen kleuren nodig

Tentoonstelling: Hendrik Paulides (1892-1967) Schilder van Nederlands-Indië. Kunsthal, Westzeedijk 341, Rotterdam. T/m 17/11. Open: di-za 10-17u, zo 11-17u. Inl: 010-4400300.

De Indische beeldende kunst vertoont weinig diepte, weinig perspectief. De beeldhouwwerken op de tempels, bijvoorbeeld die van de Boroboedoer op Java, vullen de vlakken geheel op. Afgezien van de goden en godinnen die zijn afgebeeld, is elke centimeter van het steen bedekt met slingers van vruchten, bladeren, slangen. Dat deze Indische, decoratieve stijl door een Nederlandse schilder en lithograaf, Hendrik Paulides (1892-1967), zo treffend weergegeven kon worden, is bijzonder. Werken van hem zijn nu tentoongesteld in de Kunsthal in Rotterdam.

Bezoekers van het Koloniaal Instituut voor de Tropen in Amsterdam, kennen vermoedelijk de stijl van Paulides. Voor dit gebouw maakte hij monumentale muurschilderingen, met een symbolistische inslag. Hendrik Paulides werd in Utrecht geboren en volgde lessen aan de Rijksacademie in Amsterdam. Een van zijn leraren was Antoon Derkinderen, die hem ertoe aanspoorde grootse, plastische schilderingen te maken waarin een harmonie van alle kunsten wordt voorgesteld. Met de Indische kunsten maakte Paulides op jonge leeftijd kennis, onder andere door het bijwonen van Javaanse dansvoorstellingen.

In 1922, op dertigjarige leeftijd, maakte Paulides zijn eerste reis naar Indië, zeven jaar later gevolgd door een tweede. Op de fraaie, ingetogen verzorgde expositie in de Kunsthal is te zien welke indruk Indië op hem maakte. En dan bedoel ik geenszins het Indië van de vulkanen of de palmbomen aan de rand van de sawahs, nee, het ging Paulides om de inwoners van het land. Hij beeldde ze uit in hun dagelijkse bezigheden als drager, roerganger, fruitverkoper, kokkie of mandenvlechter. Vooral boeide hem de Indische dansen, in het bijzonder die van Bali. Het gracieuze van de danseressen, gekleed in hun sarongs, versieringen in het haar, heeft hij uitermate verfijnd uitgedrukt. Paulides gebruikte sobere materialen als zwart krijt of donkere verf. Hij was geen schilder van felle kleuren en wilde effecten.

De overheersende indruk die de tentoonstelling achterlaat, is die van een rijk scala aan grijstinten. Dat is te beschouwen als een compliment. Wie ooit het reliëf van een tempel in de archipel bestudeerde, zal zich herinneren dat de steensoort door de inwerking van weer en wind tal van grijzen vertoont. Die rijkdom van het grijs heeft Paulides heel zorgvuldig en toegewijd in zijn schilderingen en litho's nagestreefd. Een hoogtepunt is de litho Serimpi uit 1925. Hoewel de danseres stil is neergezet, leeft de litho van beweging. Haar voeten staan ver uiteen, zodat het is alsof ze in een danspas is gevangen. Met haar rechterhand houdt ze de sleep van haar sarong, uitgaande van haar middel, ver van zich af. Zoals bij Balinese danseressen gebruikelijk strekt ze de onwaarschijnlijk lange en slanke vingers. De achtergrond is ingevuld met een bescheiden decoratie van plantengroei.

In de litho De roerganger paste Paulides hetzelfde procédé van tot stilstand gezette beweging toe, dat hij bereikte door de afbeelding op te bouwen uit diagonalen. Het roer, de vorm van het schip, de lijnen en de onderkant van het zeil staan haaks op elkaar of lopen parallel. Hierdoor ontstaat een krachtige, ritmische opbouw. In het midden prijkt de roerganger zelf, zijn gezicht en profil, verzonken in zijn verrichtingen. Paulides is een ander soort kunstenaar dan Willem Hofker of Le Majeur, twee andere schilders van Nederlands-Indië. Hofker en Le Majeur lieten zich vooral inspireren door de kleurenpracht van het land, terwijl Paulides oog heeft voor de verstilde soberheid ervan. Dat is opmerkelijk. Zowel het landschap als de kunst van Indië wekken eerder associaties met uitbundigheid en felheid. Toch heeft Paulides scherp naar de mensen gekeken en hij heeft gezien wat niet velen voor en na hem zagen: dat er in de gezichten een strenge ingetogenheid ligt besloten. Ook het Jongensportret, een aquarel op papier, getuigt daarvan.

Hendrik Paulides werd in Utrecht geboren. Zijn diepe belangstelling voor Indië is raadselachtig, want zijn familie had er geen enkele band mee. Hij moet het land zelf ontdekt hebben, door dansvoorstellingen en eerder nog, denk ik, dankzij platenatlassen met afbeeldingen van 'onze kolonie'. Hij wilde meer dan slechts de schoonheid van Indië bezingen; hij moet gefascineerd zijn geweest door de beelden in de tempels. Die godenbeelden drukken dezelfde sereniteit uit, tonen dezelfde aan de aarde ontstegen onthechtheid, als Paulides in zijn figuren doet. Van een danseres of een roerganger maakt hij een bijna mysterieus, in zichzelf gekeerde wezen.

Geleidelijk aan groeit de aandacht voor de Indische en Indonesische schilderkunst, niet alleen bij veilinghuizen als Glerum in Den Haag en tegenwoordig zelfs Singapore of Christie's in Amsterdam, ook de musea ontsluiten steeds meer collecties. Van Hendrik Paulides bevindt zich nog veel werk in particuliere verzamelingen, die niet altijd even toegankelijk zijn. Met deze smaakvolle, verstilde expositie krijgt een van de belangrijkste schilders en tekenaars van het voormalige Indië terecht hernieuwde aandacht.