Discriminatie

In de overigens zeer lezenswaardige bijdrage van Jack Burgers in de krant van 23 oktober staat een merkwaardige fout. Volgens hem “denken autochtonen volkomen ten onrechte dat allochtonen worden voorgetrokken als er werk beschikbaar is”. Hij baseert zich daarbij op onderzoek in Utrecht.

Mogelijk dat Utrecht zich hier in positieve zin onderscheidt van de rest van ons land maar als de auteur de moeite had genomen een blik te slaan op de personeelsadvertenties in onze dagbladen dan was hij zeker tot een wat minder algemene conclusie gekomen.

Een voorbeeld uit de Volkskrant van 12 oktober. Het Amsterdamse stadsdeel-Zuidoost zoekt een stadsdeelsecretaris en een adjunct-stadsdeelsecretaris. Voor beide banen geldt dat in het kader van het positieve aktiebeleid “uitsluitend (allochtone en autochtone) vrouwen en allochtone mannen” in aanmerking komen.

De overheid kan deze, door haar gesanctioneerde vorm van discriminatie nog zo positief noemen, het blijft natuurlijk gewoon een schaamteloze vorm van discriminatie, in dit geval op grond van sekse en van ethnische achtergrond. Zolang er straffeloos een dergelijk personeelsbeleid kan worden gevoerd, is het volkomen terecht als autochtonen denken dat allochtonen soms worden voorgetrokken als er werk beschikbaar is.

Het is voor mij onbegrijpelijk dat autochtonen die zeggen discriminatie te bestrijden, zelf dit soort blatante uitwassen accepteren of zelfs propageren.