Britse politiek onderneemt zedelijke kruistocht

De Britse verkiezingen lijken volgend jaar beslist te zullen worden door angst voor de groei van werkloosheid, maar vooral voor misdaad en moreel verval. Politieke partijen werpen zich op als verdedigers van Britse ethische waarden.

LONDEN, 31 OKT. Na drie verhitte weken van morele herbewapening kwam de ontkenning van de Britse premier, John Major, dinsdag als een ontnuchterende anticlimax: Nee, de regering overweegt geen herinvoering van het rietje op de scholen. Met die stellingname riep hij minister van Onderwijs Gillian Shepherd tot de orde, die eerder op de dag nog verklaard had dat zij terugkeer van lijfstraffen in de klassen een verrijking zou vinden. Voor Major is de grens van de ethische 'ratrace' bereikt.

In de aanloop naar de verkiezingen zijn de twee grootste Britse partijen in een felle strijd gewikkeld om de titel van nationale zedenmeester. Daarbij haken ze aan bij een wijdverbreid gevoel van onbehagen onder de bevolking over het 'zedelijk verval' van de natie. De slachting van zestien kleuters in het Schotse Dunblane en de moord op een Londense hoofdonderwijzer door een jeugdige messentrekker zijn uitgegroeid tot symbolen van die maatschappelijke verloedering.

Wie op de Britse media afgaat, kan nauwelijks aan de indruk ontkomen dat het Verenigd Koninkrijk aan anarchie en chaos ten onder gaat. Dat geldt niet alleen voor boulevardbladen als The Sun, ook voor de steeds populistischer Times en de altijd beschaafde BBC. Geen krant, geen omroep durft zich aan de nationale paniek te onttrekken, bang bij lezers en kijkers de boot te missen.

Er gaat geen dag voorbij zonder dat de media berichten over weer een school die is lamgelegd door een amok-makende leerling. Vorige week was het de Ridings-school in Halifax waar leraren dreigden met staking als niet onmiddellijk zestig van de grootste onruststokers werden verwijderd. Wat begon als ordeproblemen, was uitgelopen op een gewelddadige confrontatie. Er heerste oorlog in de klas.

En eergisteren ging een school in Worksop dicht om “redenen van gezondheid en veiligheid” die werden belichaamd door een tienjarige jongen met een groene baseballpet op. Volgens de hoofdonderwijzer vormt hij een gevaar voor zijn medeleerlingen en het lerarenkorps. Maandagavond konden Britse tv-kijkers in elk nieuwsjournaal zien hoe de jeugdige schurk aan de hand van zijn moeder voor een laatste keer naar school werd gebracht. Kranten noemden hem de volgende ochtend met naam en toenaam op de voorpagina's zodat zijn faam voorgoed gevestigd is.

Zes maanden voor de verkiezingen wil geen van de grote partijen als slap op het terrein van recht en orde worden gezien. Opiniepeilingen wijzen uit dat de verkiezingen door angst beslist zullen worden. Angst voor werkloosheid en de Europese Commissie en belastingverhoging. Schrik ook voor armoe, geweld en misdaad. De partij die de kiezers het best gerust kan stellen, mag regeren. In dat klimaat wordt de roep om discipline als belangrijke stemmenwinner beschouwd.

Twee weken geleden volgde de regering al de stem van het volk door bijna alle schiettuig te verbieden. Daarmee ging ze veel verder dan ze aanvankelijk van plan was. Ze durfde de confrontatie niet aan met de ouders van de kleuters die in het Schotse Dunblane waren doodgeschoten. Hun campagne 'Sneeuwklokje' om het pistool uit de Britse samenleving te bannen had onder alle lagen van de bevolking grote weerklank gevonden. De regering kon zich niet permitteren om als handlanger van de wapenlobby aan de schandpaal te worden genageld, zoals Labour probeerde. Labour vond dat alle schietwapens verboden moesten worden. Labour eiste dat verkoop van dolken en andere steekwapens gestaakt zou worden. Ook reclame voor oorlogszuchtig speelgoed behoorde volgens de grootste oppositiepartij aan banden te worden gelegd.

David Hart, secretaris-generaal van het nationaal verbond van hoofdonderwijzers, zei vorige week al dat partijen over elkaar heenvallen in hun zedelijke kruistocht. De weduwe van de doodgestoken hoofdonderwijzer Philip Lawrence had haar manifest voor een beschaafdere maatschappij nog maar koud geproclameerd, of haar actie werd niet alleen door joodse, katholieke en anglicaanse kerkleiders eendrachtig omarmd maar al even unaniem bejubeld door Conservatieven, Labour en de Liberaal Democraten. Minister van Binnenlandse Zaken Michael Howard maakte van de gelegenheid gebruik om de Philip Larence-prijs te lanceren, een onderscheiding voor goed burgerschap ter nagedachtenis aan 'een held van het onderwijs'.

Vandaag proberen de grote partijen elkaar opnieuw de loef af te steken bij het ethisch reveil. De regering wil scholen de gelegenheid geven om ouders per contract tot goed gedrag van hun kinderen te verplichten. Aan scholen de keuze of ze gebruik maken van die mogelijkheid. Maar Labour wil zo'n contract dwingend voorschrijven aan alle scholen en alle ouders. Op contractbreuk moeten strenge sancties komen te staan.

Op opiniepagina's van kranten doen criminologen, sociologen, filosofen en pedadogen vergeefse pogingen om de nationale hysterie te bezweren. Van een toenemende criminaliteit is in het Verenigd Koninkrijk geen sprake. Het aantal misdrijven heeft zich in de jaren negentig gestabiliseerd. Dat het aantal leerlingen dat van school wordt gestuurd de laatste jaren flink is gestegen, komt ook omdat onderwijsinstituten door de Conservatieve regering worden gedwongen met elkaar te concurreren. Lastpakken ondermijnen de marktwaarde van de scholen en moeten zo snel mogelijk worden geloosd.

Volgens de Britse opperrabbijn Jonathan Sachs komt de hang naar zwaardere straffen en strengere discipline voort uit grote sociale onzekerheid. Dat is de prijs die Groot-Brittannië betaalt voor de over-individualisering in het Thatcher-tijdperk, meent Sachs. “De samenleving bestaat niet”, predikte de 'IJzeren Dame' bij herhaling. Zij erkende alleen individuen die snakken naar aandelenbezit en eigen huis.

Sachs zegt dat de Britse samenleving het slachtoffer is geworden van sociale desintegratie, een situatie die herinneringen oproept aan de eerste helft van de vorige eeuw. In een maatschappij die gebukt ging onder armoe, kinderverwaarlozing en wetteloosheid verzuchtte premier Benjamin Disraeli al in 1845 dat “de Engelse samenleving geen samenhang kent”. Volgens Sachs kwam daar pas verandering in tijdens het Victoriaanse tijdperk, toen politieke leiders en verlichte ondernemers een bredere kijk op sociale problemen ontwikkelden en symptoombestrijding staakten. Maar hij onderkent dat voor dit inzicht in de verkiezingstijd geen ruimte is.