Swift krijgt Booker Prize

LONDEN, 30 OKT. De Booker Prize, de belangrijkste literaire onderscheiding van het Britse Gemenebest en Ierland, is gisteren gewonnen door de Londense schrijver Graham Swift met zijn roman Last Orders. Jury-voorzitter en uitgeefster Carmen Callil prees het boek als “een moderne Canterbury Tales” en als “een prachtig geconstrueerde fresco van een roman”. Swift gebruikte zijn dankwoord om lezers van fictie waar ook ter wereld te eren “en vooral de lezers van mijn eigen werk”.

Met de uitverkiezing van de 47-jarige Swift brak de jury met een traditie die voorschrijft dat een favoriet niet mag winnen. Vorig jaar was het Salman Rushdie die met zijn The Moor's Last Sigh gepasseerd werd ten gunste van Pat Barkers The Ghost Road. Een jaar eerder had de jury nog voor consternatie gezorgd door de controversiële Schotse klassenstrijder James Kelman tot winnaar uit te roepen.

De jury koos met drie tegen twee stemmen voor Last Orders. Daarmee liet Swift de Ierse debutant Seamus Deane met zijn jeugdverhaal annex politieke parabel Reading in the Dark net achter zich. De jury vond Deane's roman warmbloediger, vernuftiger en beter geschreven maar te autobiografisch om in aanmerking te komen voor de Booker Prize.

Critici klaagden gisteren na afloop van de feestelijke bijeenkomst in de Londense Guildhall over de meest risicoloze, meest politiek correcte, meest voorspelbare toekenning in jaren. Soortgelijke kritiek luchtten ze begin deze maand ook al bij de bekendmaking van de nominaties. Vier van de zes uitverkorenen waren eerder genomineerd voor de Booker Prize. De zes genomineerden waren keurig verdeeld in drie vrouwen en drie mannen; drie Britten, een Ier, een Canadees, en een Indiër.

Juryvoorzitter Callil haalde gisteravond in haar toespraak fel uit naar de critici die ze “een ziekelijke kleinering van Engelse fictie verweet”. Ze maande de literatuurpausen eens op te houden met de rituele klaagzang over de bedroevende staat waarin de Engelse roman verkeert. Volgens Callil zijn ze behept “met een ongezonde obsessie voor Amerikaanse fictie”. Ze kunnen het niet hebben dat Engelse romanschrijvers niet per definitie de beste van de wereld zijn en gaan er daarom maar vanuit dat ze de slechtste zijn. “Maar 1996 was voor de Engelse fictie een topjaar”, hield Callil de critici voor.

Last Orders beschrijft de dagtocht van een gokker, een handelaar in tweedehands auto's, een groenteman en een begrafenisondernemer die naar de badplaats Margate trekken om de as van hun overleden cafévriend, een slager, in zee te verstrooien. Last Orders is de zesde roman van de 47-jarige Swift die dertien jaar geleden met Waterland ook al werd genomineerd voor de Booker Prize. Critici riepen Waterland eensgezind uit tot meesterwerk en het boek werd vertaald in twintig talen. Maar de romans die hij later schreef - Out of the World in 1987 en Ever After in 1992 - werden lauw of uiterst kritisch onthaald. De vloek dat zijn beste werk al jaren achter hem lag, heeft Swift met Last Orders doorbroken.