Staking NS waarschijnlijk

UTRECHT, 30 OKT. Bij de Nederlandse Spoorwegen lijken stakingen onafwendbaar geworden, nadat gistermiddag het overleg over de invoering van de 36-urige werkweek bij het bedrijfsonderdeel NS Reizigers (personenvervoer) door de vakbonden is afgebroken. De protestacties zullen naar verwachting pas eind volgende maand beginnen.

De NS-directie is boos omdat de vakbonden nu al met stakingen dreigen, terwijl de leden pas op 20 november officieel laten weten wat zij van de CAO-voorstellen vinden. NS-directeur Personeel en Organisatie, R. Lantain, noemde het gisteren na afloop van het overleg “onvoorstelbaar” dat Nederland mogelijk opnieuw met een treinstaking wordt geconfronteerd. “We praten over een meningsverschil waarvan ik me niet kan voorstellen dat men daar een staking voor over heeft.”

De besprekingen bij NS Reizigers vloeien voort uit het CAO-akkoord dat de bonden vorig jaar voor alle 27.000 NS-werknemers hebben afgesloten. Kernpunten van dat akkoord waren de invoering van een 36-urige werkweek en een loonsverhoging van 4,5 procent in twee jaar tijd. Over de vormgeving van de kortere werkweek zou per bedrijfsonderdeel verder worden onderhandeld.

Het overleg bij NS Reizigers (11.000 werknemers) liepen al vanaf het begin uiterst stroef. De directie wil in ruil voor de kortere werkweek meer mogelijkheden om werknemers flexibel in te roosteren en beroept zich op afspraken die daarover vorig jaar tijdens het 'heide-overleg' zouden zijn gemaakt. De vakbonden ontkennen het bestaan van dergelijke afspraken. Volgens NS-directeur Lantain stellen de vakbonden zich onbuigzaam op.

De invoering van de 36-urige werkweek levert niet alleen bij de NS problemen op; ook bij Akzo Nobel mort het personeel over de vorig jaar afgesproken arbeidsduurverkorting. Begin 1997 moet (op basis van de resultaten van nu lopende experimenten) het besluit vallen of de kortere werkweek per 1 juli 1997 definitief ingaat. Er zijn ruim 140 experimenten afgesproken, waarbij tussen de 2.000 en 3.000 werknemers zijn betrokken.

Vooral het feit dat het hoger kader waarschijnlijk nauwelijks minder gaat werken (en daarom straks 5,5 procent extra loon krijgt) en de extra flexibiliserings-eisen leiden tot spanningen onder het personeel, erkent bestuurder B. Roodhuizen van de Industriebond FNV. Zijn collega R. van Baalen van de VHP Akzo Nobel, die een groot deel van het hoger personeel vertegenwoordigt, beaamt dat veel hoger kader niet meedoet: “Ik heb vanaf het begin gezegd dat mijn leden niet korter zullen gaan werken. Daarmee zouden ze schade doen aan de bedrijfsvoering en schade doen aan hun eigen functie. Dat blijkt een jaar na dato nog zo te zijn. Ik denk dat het met de 36 uur een moeilijk verhaal wordt.”