Pavlov-reactie in de agrarische sector

DEN HAAG, 30 OKT. Het oogde als een mooi plannetje, het leidde tot een Pavlov-reactie van de agrarische sector, het stelt eigenlijk niet veel voor en het maakt in Europa geen kans. Binnen een week was het voorstel van staatssecretaris Van Dok (Buitenlandse Handel) om de invoerrechten op alle produkten uit de armste ontwikkelingslanden te schrappen, teruggebracht tot wat het was: bijna niets.

Binnen de Europese Unie bestaat slechts lauw enthousiasme om dit voorstel in te brengen op de komende ministersconferentie van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in Singapore. Binnen Nederland kon het rekenen op de verontwaardigde reactie van Gerard Doornbos, de voorzitter van de federatie van land- en tuinbouworganisaties LTO. Hij beklaagde zich dat de boeren en tuinders moesten opdraaien voor een loffelijk gebaar naar de armste landen. Ook VNO-NCW-voorzitter Hans Blankert liet zich zuinig uit over de ongeclausuleerde afschaffing van alle invoerrechten voor de armste landen.

Terwijl in Den Haag de directeur-generaal van de WTO, Renato Ruggiero, zijn “volledige steun” voor het Nederlandse voorstel uitsprak, reageerden Nederlandse diplomaten gisteren in Luxemburg teleurgesteld op het gebrek aan ruimhartigheid van de overige EU-landen.

Echt nijdig waren de staatssecretaris en haar medewerkers over de reactie van het LTO. Want waar gaat het helemaal over? De waarde van de import van alle produkten uit de groep van 48 armste landen bedraagt slechts 1,5 miljard gulden, een half procent van de totale Nederlandse import.

Bijna alle importgoederen uit de armste landen (95 procent van de landbouwinvoer en 99 procent van de industriële import) vallen in het kader van handelsakkoorden al onder een nultarief.