Kamer tegen aanscherping normen beurs

DEN HAAG, 30 OKT. Een meerderheid in de Tweede Kamer verzet zich tegen de voorgenomen bezuiniging in het middelbaar beroepsonderwijs (MBO) en tegen de verhoging van de norm voor de prestatiebeurs van studenten.

Dit bleek in de eerste termijn van het debat in de Kamer over de begroting van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.

Grote instemming was er met de plannen die op stapel staan om in het basisonderwijs tot kleinere klassen te komen. De Kamer verwacht dat hiermee al een eerste concrete stap kan worden gezet in augustus 1997 als staatssecretaris Netelenbos in het overleg over de voorjaarsnota met minister Zalm (Financiën) extra geld voor deze kostbare, meerjarige operatie hoopt te krijgen.

Koekkoek (CDA) hekelde dit uitstel. Hij wil dat nu al tweehonderd miljoen gulden wordt uitgetrokken voor de kleinere klassen. Daarvan moet honderd miljoen komen van andere begrotingen, onder andere sociale zaken. De andere honderd miljoen is het bedrag dat nu wordt besteed aan de klassenassistenten. Koekkoek wil de scholen de keuze laten hoe dat bedrag te besteden. De meerderheid van de Tweede Kamer wil liever wachten op het plan van het kabinet.

De regeringsfracties PvdA, VVD en D66, maar ook het CDA verzetten zich tegen de bezuiniging in het middelbaar beroepsonderwijs, die in 1997 zou moeten beginnen met 12 miljoen, oplopend tot 124 miljoen in 2000. Breed gedeeld bezwaar is de verminderde toegankelijkheid van het MBO, dat ook een opstap kan zijn naar het HBO.

De Kamer vreest dat ook de toegankelijkheid van het hoger onderwijs in het gedrang komt als de norm voor de prestatiebeurs wordt verhoogd van 50 naar 70 procent. De student die minder dan 70 procent van het benodigde aantal studiepunten haalt in het eerste jaar zou dan zijn lening niet zien omgezet in een beurs. De Kamer vindt de huidige norm van 50 procent streng genoeg. De Vries (VVD) betoogde dat studenten in het eerste jaar een vergissing mogen maken.

Dijksma (PvdA) wil dat studenten de mogelijkheid krijgen om zelf visitatiecommissies te bemannen die de kwaliteit en studeerbaarheid van de opleidingen in het hoger onderwijs gaan onderzoeken.

Onder verwijzing naar de financiële problemen in het Rotterdamse openbaar voortgezet onderwijs zet de Kamer grote vraagtekens bij de voortgaande schaalvergroting in het onderwijs. Het moet niet gaan om besturenfusies, maar om verbetering van het onderwijs, aldus Cornielje (VVD). De aangekondigde lump sum-financiering voor het basisonderwijs kan daarom beter worden uitgesteld, aldus een Kamermeerderheid.

Het Kamerlid Rabbae (GroenLinks) pleitte voor het oprichten van schoolinternaten voor jonge allochtonen die dreigen te ontsporen. Hij wees daarbij op experimenten in Rotterdam en Utrecht. Plaatsing in zo'n internaat moet “vrijwillig, maar niet vrijblijvend' zijn, aldus Rabbae.

Minister Ritzen en de staatssecretarissen Netelenbos en Nuis antwoorden de Kamer vanavond.