Voorbij Cuba

DE EUROPESE UNIE heeft de rijen gesloten. Evenals Canada en Mexico heeft de EU besloten om zich actief te verzetten tegen de omstreden Amerikaanse Helms-Burtonwet die handel met Cuba bestraft. De EU zal opkomen voor de belangen van Europese ondernemingen die met de sancties van deze wet te maken krijgen.

De dreiging van Denemarken om een gezamenlijk Europees standpunt met een veto te blokkeren omdat dit een inbreuk zou zijn op de nationale soevereiniteit van de lidstaten, is gisteren in Luxemburg met een juridische spitsvondigheid omzeild.

De Helms-Burtonwet is bedoeld om Castro's Cuba economisch nog verder te isoleren maar leidt in de praktijk vooral tot conflicten tussen de Verenigde Staten en hun handelspartners. Onder druk van de anti-Castrolobby bepaalt deze 'Libertad-wet' onder meer dat buitenlandse bedrijven en individuen die zaken doen met “geconfisqueerd eigendom” op Cuba van Amerikaanse staatsburgers (onder wie genaturaliseerde Cubanen) tot schadevergoeding gedwongen kunnen worden en dat hun de toegang tot Amerikaans grondgebied ontzegd kan worden. Het verzet richt zich tegen het 'extraterritoriale karakter' van de wet - de toepassing beperkt zich niet tot Amerikaanse ondernemingen maar strekt zich uit tot bedrijven van alle nationaliteiten die zaken doen met Cuba.

President Clinton heeft deze zomer de inwerkingtreding van de sancties met zes maanden uitgesteld, tot na de Amerikaanse presidentsverkiezingen waarin hij hoopt op de Cubaanse stemmen in belangrijke staten, zoals Florida. En terwijl de Amerikanen hun lobby in het buitenland opvoeren - de Amerikaanse 'speciale vertegenwoordiger van de president voor de promotie van democratie in Cuba' Stuart Eisenstat is vandaag in Nederland - beweren de gedupeerde landen dat de wet strijdig is met de beginselen van de internationale handelswetgeving. De EU heeft inmiddels bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO) een klacht ingediend die op 20 november in behandeling wordt genomen. Bij de WTO bestaat de hoop dat de kwestie na de Amerikaanse verkiezingen, als de politieke druk van de ketel is, diplomatiek zal kunnen worden bijgelegd.

VOOR DE EUROPESE UNIE staat er aanzienlijk meer op het spel dan alleen Helms-Burton en de vergelijkbare d'Amato-wet inzake handel met Libië. Eurocommissaris Sir Leon Brittan sprak gisteren in Luxemburg met enige overdrijving over een “historische doorbraak” toen de Denen hun verzet tegen een gemeenschappelijke Europese stellingname opgaven. Deze euforie komt voort uit de wens van de Commissie om Europa met één stem te laten spreken in handelskwesties. Dat geldt weliswaar al jaren voor de traditionele handelsonderwerpen - de EU voerde de onderhandelingen in de Uruguay-ronde van de GATT, maar met het groeiende belang van nieuwe handelsthema's zoals financiële diensten, informatica en telecommunicatie bestaat er in sommige EU-lidstaten een neiging tot renationalisatie van het handelsbeleid. Dat zou funest zijn voor de Europese onderhandelingspositie in de aanloop naar de eerste ministeriële conferentie van de WTO, die in december in Singapore wordt gehouden.

De gemeenschappelijke opstelling inzake Helms Burton is dan ook een opsteker voor de Europese Commissie. Die weet maar al te goed dat een versnipperd Europa geen machtsfactor is in het wereldhandelsspel.