Tadic ontkent deelname aan etnische zuivering

DEN HAAG, 29 OKT. De Bosnische Serviër Dusko Tadic ontkent te hebben deelgenomen aan etnische zuiveringen in Noord-Bosnië in 1992. In het proces tegen hem voor het VN-tribunaal voor oorlogsmisdadigers in voormalig Joegoslavië is Tadic als laatste 'ooggetuige' opgeroepen door de verdediging.

Tadic staat terecht voor moord en mishandeling in de gevangenkampen Keraterm, Omarska en Trnopolje in Noordoost-Bosnië tussen mei en december 1992. Door de valse verklaring van getuige 'L' heeft de aanklager de beschuldiging dat Tadic dertig mensen zou hebben vermoord in het kamp Trnopolje ingetrokken. In de aanklacht zijn blijven staan moorden in zijn woonplaats Kozarac en het gevangenkamp Omarska.

Gisteren en vandaag ondervroeg de verdediging Tadic over zijn verblijfplaats nadat de Serviërs eind mei 1992 zijn woonplaats Kozarac hadden ingenomen. Getuigen hebben gezegd hem toen te hebben gezien in het dorp. Tadic zei echter in die periode in Banja Luka te zijn geweest. Pas na een week was hij met zijn broer gaan kijken hoe het familiehuis erbij stond. Zijn café had er tamelijk ongeschonden bijgelegen.

Kort daarna keerde hij weer terug, maar dit keer was het huis geplunderd. Teleurgesteld waren Tadic en zijn broer teruggekeerd naar Banja Luka, hoewel Tadic wel zijn wapens, waaronder een automatisch geweer, had kunnen meenemen. Van zijn broer had hij later een uniform gekregen, omdat ze gemerkt hadden dat het in burgerkleren gevaarlijk was geweest in het gebied, waar het krioelde van de militairen en politie. Zo had hij voor de poort van het gevangenkamp Trnopolje gestaan, waar veel moslims uit Kozarac waren opgesloten.

In juni werd Tadic gemobiliseerd. Hij slaagde erin bij de verkeerspolitie te komen en kreeg een flat. Tadic raakte in deze periode betrokken bij de wederopbouw van Kozarac, in een commissie van de nationalistische partij SDS. Tadic wilde zo bereiken dat hij niet langer hoefde te dienen bij de politie, toch een betaalde baan kon krijgen en niet in het leger hoefde. Hij werd uiteindelijk betaald secretaris van de SDS in Kozarac, maar het leger had geen boodschap aan het vrijgeleide dat deze positie hem bood. Hij werd verscheidene malen gearresteerd en uiteindelijk meegenomen naar de frontlinie, waar hij naar eigen zeggen deserteerde.

De aanklager haalde een rapport aan van Tadic aan SDS-voorzitter Radovan Karadzic, waarin Tadic zijn trouw aan de partij betuigde en een aantal mensen beschuldigde gehuwd te zijn met een niet-Servische vrouw. Tadic zei dat hij het rapport ook aan internationale instituten had gericht, en dat hij het in haast had geschreven toen hij naar de frontlinie dreigde te worden gestuurd na te zijn gearresteerd wegens desertie.

Tadic vertelde uiteindelijk dat hij weg moest omdat hij niet meer kon 'overleven'. In november 1993 vluchtte Tadic naar Duitsland.