Duitse tekorten blijven te groot voor de EMU

BONN, 29 OKT. Duitsland zal ook volgend jaar niet aan de economische criteria kunnen voldoen die vereist zijn voor het lidmaatschap van de Europese Monetaire Unie. Het totale tekort bedraagt volgend jaar 3,5 procent in plaats van de vereiste 3 procent van het bruto nationaal produkt. Dit jaar valt het tekort met 4 procent nog hoger uit.

Dit hebben de zes economische instituten, ook wel de Zes Wijzen genoemd, vanmorgen in hun jaarlijkse herfstrapport in Bonn bekendgemaakt. De instituten zijn overigens optimistisch over het aantrekken van de conjunctuur in Duitsland. Voor volgend jaar verwachten ze een stijging van de economische groei van 1,5 naar 2,5 procent.

Het aantrekken van de economische bedrijvigheid zal er echter niet toe leiden dat de Bondsrepubliek zijn financiële tekorten ingrijpend kan terugbrengen. Ook leidt de stijgende economische groei niet tot een opvallende vermindering van de werkloosheid van vier miljoen.

De zes instituten verwachten dat het totale tekort van de staat (bond, de zestien deelstaten en de gemeenten) volgend jaar 127 miljard mark zal bedragen. Hoewel er volgens plannen volgend jaar 17 miljard zal worden bezuinigd, zijn de besparingen nog onvoldoende om het tekort terug te dringen naar de gewenste 3 procent. Ook zal Duitsland volgens de Zes Wijzen (voorheen waren het er vijf, maar sinds de hereniging is het economisch instuut in het Oostduitse Halle erbij gekomen), in 1997 niet aan het criterium voldoen voor de staatsschuld. Voor de Europese monetaire unie mag de schuld niet boven de 60 procent van het bnp uitkomen. Duitsland zal in 1997 net als dit jaar de 60 procent-grens royaal overschrijden, schrijven de instituten.

De Bondsrepubliek zal volgend jaar in ieder geval de fase van conjuncturele zwakte overwinnen. Dr. Enno Langfeldt van het Institut für Weltwirtschaftsforschung in Kiel en een van de opstellers van het herfstrapport, schrijft dit toe aan de algehele opleving van de wereldconjunctuur. “Bovendien is de rente in Duitsland laag, de kosten zijn gedaald en de lonen worden gematigd. Dat zijn ook belangrijke factoren die de groei stimuleren”, aldus Langfeldt.

Tegelijkertijd waarschuwen de zes instituten ervoor dat het aantrekken van de groei weliswaar op korte termijn voordeel oplevert, maar dat de middellange termijnproblemen allerminst zijn opgelost. “De werkloosheid is met vier miljoen hoog en blijft zich zorgelijk ontwikkelen”, meent Langfeldt. Het aantrekken van de groei leidt nauwelijks tot verlaging van de werkloosheid omdat de oorzaken volgens Langfeldt structureel zijn.

Ook zal het oosten van Duitsland nauwelijks van de aantrekkende groei in het westen profiteren, stellen de instituten vast. Vooral de flauwe ontwikkeling in de bouw zal in de voormalige DDR tot verzwakking van de economische groei leiden.

De werkloosheid in heel Duitsland zal volgend jaar met vier miljoen 10,4 procent van de beroepsbevolking bedragen. In de zes nieuwe deelstaten in het oosten stijgt de werkloosheid van 15,5 procent naar 16 procent.