Vrachtwagenchauffeurs geconfronteerd met buitensporig geweld; Transport naar Moskou vogelvrij

NIJMEGEN, 28 OKT. De Poolse vrachtrijder in dienst van een Nijmeegs bedrijf mocht van geluk spreken. De struikrovers die hem vorig jaar op het traject Brest-Minsk overvielen gaven hem zijn uitgeklopte winterjas terug en lieten hem achter in een Witrussisch bos. Vastgebonden aan een boom, dat wel.

Een kwartier na de overval gaf de computer in Nijmegen aan dat de combinatie met kenteken BB EF 43 van de route afweek. Dat was verdacht. Waarom zou iemand op weg naar Moskou ineens afbuigen naar Litouwen? Toch was dat het geval: op de computerkaart, waarop de bewegingen van de vrachtwagen via de satelliet worden gevolgd, schoof BB EF 43 met minieme schokjes naar het noorden.

Zo is het op 16 oktober bij het Russische Smolensk ook gegaan met de 26-jarige chauffeur R. van Wolferen uit Mill, zij het dat zijn vrachtwagen met aanstekers afboog richting Letland. Maar het lijkt erop dat hij minder 'geluk' heeft gehad dan zijn Poolse collega, want Van Wolferen wordt sindsdien vermist. Zijn uitgebrande truck is op 18 oktober teruggevonden. Van oplegger en chauffeur ontbreekt elk spoor.

“Het IJzeren Gordijn mag dan zijn neergehaald, Moskou is over land moeilijker te bereiken dan in de jaren '80”, zegt L. de Werker van transportbedrijf MosTransEurope in Hoogvliet. Het verschil met andere gevaarlijke tochten - naar Teheran of Tanger - is volgens hem het buitensporige geweld van bendes op de wegen voorbij Polen. “Als ze je te pakken krijgen, word je zo grof afgetuigd dat je nooit meer die kant op wilt.” Tot aan de Oder gaat het wel, daarna beginnen de problemen. Als de waarde van de lading een bepaalde limiet overschrijdt, ben je in Polen verplicht om onder politiebewaking in een konvooi te rijden. “Dat moet je zien te voorkomen”, zegt De Werker. “Want iedereen weet dan meteen: daar zit kostbare lading in. Bij aankomst in Witrusland ben je vervolgens vogelvrij, want die informatie is je vooruit gesneld.”

De manier waarop transporteurs hun chauffeurs beschermen is voor velen bedrijfsgeheim. Moderne cabines hebben een zwarte doos aan boord, die alle gegevens registreert. De stem van de chauffeur, de inhoud van de tank, de temperatuur in de koeling. Bij onraad kan men vanuit Nederland de motor van de vrachtwagen afzetten, waar die zich ook bevindt, maar dat is in verband met de verkeersveiligheid verboden. Hoewel sommige chauffeurs erbij zweren, is het bezit van een pistool volgens bedrijfsleiders geen oplossing. Zo min mogelijk opvallen is naar hun idee beter dan een honkbalknuppel meenemen. Fonkelnieuw materiaal, opzichtige spoilers en andere toeters en bellen zijn uit den boze. De wagen moet er het liefst smoezelig uitzien. “Camouflage”, zegt De Werker. “Daar gaat het om.”

Kaping is op de route naar de Oost slechts één van de problemen. De eigenares van het Nijmeegse bedrijf - die niet met haar naam in de krant wil - noemt de reis een hordenloop. “Je gaat van obstakel naar obstakel.” Poolse en Russische douaniers zijn volgens haar notoire zakkenvullers. Ze zegt per rit meer kwijt te zijn aan smeergeld dan aan het salaris voor haar chauffeurs. “Tussen Berlijn en Moskou is er niet één weegschaal die deugt. Ze vinden altijd wel wat om je te laten betalen, desnoods een bemodderd nummerbord.”

Stempels, vrachtbrieven en onverwacht veranderende wetgeving zijn andere hobbels. Volgens bedrijfsadviseur 'Oost-Europa' E. de Bruin van de branche-organisatie Transport en Logistiek Nederland is de grootste plaag de nep-douane die valse stempels op de papieren zet. Eens per maand is een Nederlands bedrijf de klos: bij het verlaten van Rusland wordt de vrachtwagen vastgehouden en de chauffeur op verdenking van zwendel in een cel gegooid. “De schade loopt dan op tot enkele tonnen”, aldus De Bruin. J. Wernars van Allied Varekamp in Utrecht, die verhuizingen verzorgt tot in Alma Ata: “Als ze een wagen aan de ketting leggen, is het leed niet te overzien. Daarom bedienen we grensautoriteiten op hun wenken. Willen ze een factuur met een gouden randje, dan krijgen ze een factuur met een gouden randje.”

Een vrachttransport van Rotterdam naar Moskou duurt gemiddeld vier tot vijf dagen, maar dat kan oplopen tot weken of soms maanden wanneer beslag wordt gelegd op truck of lading. Een medewerker van de Nederlandse ambassade in Moskou heeft soms een halve dagtaak aan het lospraten van gestrande vrachtwagens. Zoals eerder dit jaar een met patat gevulde vrieswagen; de lading was geconfisqueerd omdat de Russische afnemer de belastingdienst zou hebben getild.

Op 13.000 ritten van Nederland naar het GOS gaat het volgens hem per jaar twintig keer fout. De ambassade adviseert alleen van bewaakte parkeerplaatsen (“daar staan types die je privé niet wil tegen komen”) gebruik te maken. De zwakste schakel is echter de chauffeur zelf: onderweg proberen prostituées hem uit zijn cabine te lokken, te drogeren en van zijn contactsleuteltjes te beroven.

Om de verbinding over land tussen Moskou en de rest van Europa begaanbaar te houden, financiert de Wereldbank infrastructurele projecten in Witrusland. De machthebbers in Minsk zien wel wat in een tolweg, maar de vervoersbranche wil niet nòg een loket - die wil veiligheid. De wachttijden bij de Duits-Poolse grens liepen een paar jaar geleden zó uit de hand (vaak minimaal een etmaal) dat de Finland-route in zwang kwam: van Kiel per boot naar Helsinki en dan via St. Petersburg naar Moskou. Op Duitse kosten is in Polen inmiddels een nieuw douanegebouw verrezen.

Een transport op Rusland is steeds moeilijker te verzekeren. “De premie voor Moskou komt op het dubbele van die voor Madrid”, zegt een Rotterdamse verzekeraar. De eisen worden steeds strenger, tè streng vindt De Bruin van Transport en Logistiek Nederland.

Het Nijmeegse bedrijf zou het verlies van een van haar zes vrachtwagens maar moeilijk te boven komen. De schrik was dan ook groot toen BB EF 43 naar Litouwen afboog. De satelliet gaf aan dat hij in een dorpje in Witrusland tot stilstand kwam. Daar vond de plaatselijke politie hem leeg terug. De Nijmeegse: “M'n man is met een zak geld in de auto gesprongen en heeft gezegd: ik wil mijn wagen binnen zoveel dagen terug hebben en ben bereid zoveel te betalen.”

De chauffeur die gekneveld in het bos werd teruggevonden heeft een maand thuis gezeten. Daarna is hij weer gaan rijden.