Materiaalman Eddy ziet Merckx junior uitbollen

SCHEVENINGEN, 28 OKT. Eddy Merckx heeft de handen diep in de zakken van zijn dikke jas gestoken. Het hoofd houdt hij warm onder een baseballpet. Op de boulevard in Scheveningen, vlakbij het Kurhaus, wacht hij op zijn zoon, die de laatste wereldbekerwedstrijd in Japan liet schieten en voor het eerst in zijn carrière een mountainbikewedstrijd fietst. Axel heeft nog een paar kilometer op het strand te gaan. Marcel Gerritsen is dan allang als eerste over de streep gegaan, voor publiekstrekker en olympisch kampioen Bart Brentjens.

“Aangezien hij pas donderdag met vakantie naar de Verenigde Staten vertrekt, moest hij toch nog blijven trainen”, zegt Merckx senior (51) om aan te geven dat 'Scheveningen' goed past in het programma van de jonge Merckx. De 24-jarige Belg reed een sterk seizoen, met als hoogtepunt een verrassende vierde plaats op het recente wereldkampioenschap in Lugano. “Hij is nu aan het uitbollen en doet dit zeker niet om prijs te rijden.” Eddy Merckx kijkt naar de donkere wolken. “Dit was zijn eerste keer op de mountainbike en waarschijnlijk ook de laatste”, zegt hij lachend.

“Was het lastig”, vraagt Eddy als Axel, voor de allerlaatste keer in het tenue van Motorola, over de streep is gekomen. Ondanks de tweede helft, die pal tegen de zuidwestenwind (8 Beaufort) moest worden afgelegd, ziet Axel er, in tegenstelling tot de meeste wedstrijdrenners, niet afgepeigerd uit. “Het ging wel. Het fietsen viel best mee. Het is plezant. Een beetje ontspanning en eens een keer iets anders dan op de weg.”

Als Merckx junior ongeveer een half uur later onder de douche staat in een nabijgelegen hotel, zet Eddy Merckx de wielen van Axels mountainbike achterin zijn space wagon. Bij gebrek aan professionele hulp speelt Merckx voor materiaalman. In hetzelfde hotel wacht Rudy Pevenage, assistent-ploegleider bij Telekom, op zijn oogappel Jan Ullrich. De Duitser kwam ver na Axel Merckx binnen, achter de eerste vrouw en een aantal van de 2.200 recreanten, onder wie Gert-Jan Theunisse, de trainer van Brentjens. In zijn eentje komt Ullrich over het asfalt van de Gevers Deynootweg aangefietst. Als hij Pevenage bij het hotel op de uitkijk ziet staan, gooit hij in zijn laatste meters lachend een arm de lucht in.

Op het Noordzeestrand en in de duinen bij Noordwijk bakte Ullrich er niks van. “Op de heenweg, wind mee, ging het goed”, zegt hij nadat hij zich heeft omgekleed. “Terug, op het strand was het zwaar. Vooral het laatste stuk tegen wind. Toch heb ik er wel plezier in gehad.” In tegenstelling tot Axel Merckx weet de 22-jarige Ullrich wel wat het is om buiten de verharde weg te fietsen. Bij de junioren was hij nationaal kampioen veldrijden, een discipline die hem in 1991 in het Drentse Gieten bracht. Op het WK dat daar destijds gehouden werd, eindigde hij als vijfde. Ullrich is een alleskunner: bij de amateurs werd hij in 1993 wereldkampioen op de weg, in 1994 won de toen 20-jarige renner brons bij het WK tijdrijden.

Ullrich is net terug van een paar weken vakantie in Californië. Uitgerust en een paar kilo zwaarder. “Geen probleem. De eerste wedstrijden zijn pas over drieëneenhalve maand.” In Scheveningen zat hij voor het eerst in een maand op de fiets. Verdwenen is het afgetrainde koppie uit de Tour, waar hij in het eindklassement slechts ploeggenoot Bjarne Riis voor zich moest dulden. Sinds zijn topprestatie in de schaduw van de Deen wordt Ullrich beschouwd als de man om wie het de komende jaren in de Ronde van Frankrijk allemaal kan gaan draaien. Vrijwel elke dag bekijkt hij de videobeelden van zijn succesvolle eerste Tour. Die etappe-wedstrijd is allesbepalend voor Ullrich. Topevenementen als de Olympische Spelen in Atlanta en het WK op de weg liet hij aan zich voorbijgaan. Na de Tour, “mijn lievelingswedstrijd”, reed hij nog wat wereldbekerwedstrijden, daarna was hij naar eigen zeggen “ausgepumpt”. Ullrich had zich leeggereden.

Over een maand gaat Ullrich met de Belg Pevenage om de tafel zitten om in grote lijnen zijn programma voor 1997 uit te zetten. Zeker is dat elke meter vanaf deze week zal dienen als voorbereiding op de Ronde van Frankrijk. “Het zal moeilijk worden om het succes te herhalen, zeker als team. Toch moeten we normaal gesproken volgend jaar nog sterker zijn.” Die verwachting baseert hij op het feit dat de grote namen bij Telekom zijn gebleven en de ploeg is uitgebreid met de Oostenrijkse ronderenner Totschnig en de Italiaanse sprinter Lombardi. “En als het met mij volgend jaar in de Tour niet zo goed gaat, is er geen man overboord”, zegt Ullrich. “Ik heb nog vele jaren.”

Vrijdag woonde Ullrich in Parijs de presentatie bij van het etappeschema van de Tour van volgend jaar. “Je kan niet zeggen dat de ene Tour zwaarder is dan de andere. De Tour de France is altijd zwaar.” Of hij de nieuwe Indurain is? Ullrich lacht, vindt de vergelijking te veel eer. “Indurain is een klasse apart.”