Bob Dole valt nu media aan, partijgenoten 'hollen weg'

WASHINGTON, 28 OKT. Met bittere aanvallen op de media is de Republikeinse presidentskandidaat Bob Dole dit weekeinde de laatste fase van de Amerikaanse verkiezingscampagne ingegaan. President Clinton heeft volgens opiniepeilingen nog altijd een voorsprong van meer dan tien punten op Dole, en vooraanstaande Republikeinen lijken er al rekening mee te houden dat het Witte Huis voor hun kandidaat onhaalbaar is.

Dole riep zijn gehoor de afgelopen dagen in toespraken op om “in opstand te komen” tegen de Amerikaanse media, die de regering-Clinton in bescherming zouden nemen en Dole al afgeschreven zouden hebben. “We moeten een einde maken aan de linkse vooringenomenheid in dit land. Lees die troep toch niet! Kijk geen televisie! Beslis voor jezelf.” Vier jaar geleden verweet ook de toenmalige president Bush de pers eenzijdig en pro-Clinton te zijn.

Dole riep de Amerikaanse bevolking op verbolgenheid te tonen over de affaires waarin de president en zijn regering zijn verwikkeld. “Wanneer zullen de kiezers hun aandacht daarop vestigen? Waar is de verontwaardiging?”, riep hij herhaaldelijk vertwijfeld uit.

Bij zijn aanvallen op de media noemde Dole in het bijzonder The New York Times, die de afgelopen dagen een aantal artikelen heeft gepubliceerd over de ontreddering binnen Dole's campagneteam. “We zullen niet toestaan dat de media de verkiezingen stelen. Wij gaan de verkiezingen winnen. Het land is van de mensen, niet van The New York Times”, aldus Dole vrijdag. Gisteren sprak de krant zich in een hoofdartikel uit voor herverkiezing van president Clinton, ondanks bedenkingen over het ethische gehalte van zijn regering. Het is gebruikelijk dat Amerikaanse kranten zich kort voor verkiezingen uitspreken voor een bepaalde kandidaat.

Veel van de affaires waardoor de regering-Clinton in opspraak is gebracht, zijn overigens de media op het spoor gekomen en door hen naar buiten gebracht, zoals recentelijk de grote financiële bijdrages van een Indonesische zakenfamilie aan de partijkas van de Democraten. Een artikel in een supermarkt tabloid over een buitenechtelijke verhouding die Dole meer dan twintig jaar geleden, in de laatste jaren van zijn eerste huwelijk, gehad zou hebben is door de serieuze pers genegeerd.

Naarmate het onwaarschijnlijker wordt dat Dole zijn achterstand nog inloopt, lijken de Republikeinen hun campagne-inspanningen er steeds meer op te richten tenminste de meerderheid in het Congres te behouden. Partijvoorzitter Haley Barbour zei vorige week al dat de verkiezing van Dole tot president “niet de enige prioriteit” was, en steeds meer Republikeinse Congresleden trachten in hun eigen campagnes enige afstand te nemen van Dole.

Deze week zal de Republikeinse partij reclamespotjes gaan uitzenden waarin de kiezers worden opgeroepen Clinton geen “blanco cheque” te geven, dat wil zeggen: mèt hem niet ook een Democratisch Congres te kiezen. Impliciet is de aanname van het filmpje dat Clinton wel herkozen zal worden. Jack Kemp, Dole's kandidaat voor het vice-presidentschap, heeft zijn teleurstelling uitgesproken over partijgenoten die, zoals hij zei, “weghollen” van Bob Dole.

Nadat Dole vorige week vergeefs een beroep had gedaan op Ross Perot zich uit de strijd terug te trekken, riep ook Kemp gisteren de kandidaat van de Hervormingspartij nog eens op om zich achter Dole te scharen. “Ross, ik smeek het je”, aldus Kemp op de televisie. Perot heeft geen enkele aanwijzing geven dat hij de strijd voortijdig zal opgeven.

Dole trachtte de afgelopen dagen zoveel mogelijk steun te krijgen in de belangrijke staat Californië. Clinton nam zaterdag een dag vrij van de campagne, en haalde gisteren de media met de aankondiging dat hij 30 miljoen dollar extra zal uittrekken voor onderzoek naar de genetische achtergronden van borstkanker.

Beide kandidaten tonen zich bezorgd over de opkomst op 5 november. De indruk dat de strijd al beslist is, kan kiezers ontmoedigen nog te gaan stemmen. Opinie-onderzoek geeft aan dat veel minder Amerikanen de campagne interessant vinden dan vier jaar geleden. De tv-debatten tussen de kandidaten zijn door veel minder kijkers gevolgd dan bij voorgaande campagnes. De televisie besteedt dit jaar 40 procent minder tijd aan de verkiezingen dan in 1992, en ook de kranten hebben aanzienlijk minder artikelen op de voorpagina over de strijd om het presidentschap.