Bedrijven lijmen personeel met financiële extraatjes

ROTTERDAM, 28 OKT. Endemol is jong, succesvol en winstgevend, maar als het om aandelenparticipatie door het personeel gaat is het concern de familie doorsnee. Twee werknemers (oprichters J. van den Ende en J. de Mol) hebben echte aandelen in het bedrijf, dat in zijn laatste boekjaar 60 miljoen gulden netto winst maakte.

Andere medewerkers (een stuk of vijftig) hebben opties op aandelen: dat is het recht om tegen een vooraf vastgestelde prijs aandelen in het bedrijf te kopen.

Zulke optieregelingen zijn de afgelopen drie jaar in het Nederlandse bedrijfsleven uitermate lucratief gebleken: door de almaar stijgende beurskoers werd het verschil steeds groter tussen de prijs waartegen de managers de opties konden omzetten in aandelen en de prijs waartegen zij deze aandelen vervolgens op de beurs konden verkopen. De waarde die in deze optieplannen ligt besloten, loopt in de miljarden guldens.

De derde categorie medewerkers bij Endemol heeft geen opties. Als zij willen meedelen in het succes van 'hun' bedrijf op de beurs moeten zij zogeheten personeelsobligaties kopen die later omgezet kunnen worden in gewone aandelen. Endemol geeft voor 15 miljoen gulden van deze obligaties uit en medewerkers kunnen bij Endemol ook geld lenen om deze effecten te kopen. De optieregeling voor ongeveer 50 medewerkers, waaronder bestuurders, bestond al langer maar wordt in het kader van de beursgang uitgebreid, de converteerbare personeelsobligaties worden in samenhang met de beursgang geïntroduceerd.

De driedeling bij Endemol is tekenend voor de rappe groei van de belangstelling onder bedrijven voor financiële participatie door het personeel, maar ook voor de huiver om alle werknemers te laten meedoen in een aandelenoptieplan. Na de dertiende maand, de winstdeling en de bonus zijn aandelenopties steeds vaker onderdeel van een arbeidsovereenkomst.

Uit nog te publiceren onderzoek van het Nederlands Participatie Instituut blijkt dat 2.000 bedrijven de komende drie jaar een vorm van financiële participatie voor werknemers wil invoeren. Dat betekent een verdubbeling van het aantal bedrijven dat nu al zo'n regeling heeft.

Met een financiële werknemersparticipatie slaat een bedrijf verscheidene vliegen in één klap: het versterkt de betrokkenheid van individuele werknemers bij het financiële wel en wee, het kan worden ingevoerd als een vorm van prestatiebeloning en het zorgt voor betere financiële resultaten, zo komt naar voren uit wetenschappelijk onderzoek.

Een oudgediende en een nieuwkomer is uitgever Wolters Kluwer, die al jaren voor topmanagers en hoger kader een aandelenoptieplan heeft. Dat heeft hen, gezien de fenomenale stijging van de beurskoers van Wolters Kluwer, geen windeieren gelegd. De opties zijn bij Wolters Kluwer onderdeel van het beloningsbeleid, aldus een woordvoerster: wie geen opties heeft, heeft een winstdelingsregeling. Daar komt nu een nieuwe optie bij: personeelsleden (ongeveer 2.700) van de Nederlandse bedrijven van Wolters Kluwer kunnen tot eind november inschrijven op converteerbare personeelsobligaties, een extraatje dat expliciet geen deel uitmaakt van het beloningsbeleid. Het is “een mogelijkheid om op een wat veiliger manier mee te profiteren van eventuele koersstijging van de aandelen”, zo zegt de woordvoerster. Het idee voor de personeelsobligaties kwam van de centrale ondernemingsraad.

De veiligheid van beleggen door personeelsobligaties is niet alleen populair bij Endemol en Wolters Kluwer. Ook relatieve nieuwkomers op de Amsterdamse effectenbeurs als post- en telecombedrijf KPN en Vendex International (V&D warenhuizen, diensten) hebben vergelijkbare gescheiden systemen opgezet voor personeelsparticipatie: topmanagers krijgen aandelenopties, voor de rest van de medewerkers zijn er converteerbare personeelsobligaties.

De lucratieve aandelenoptieplannen zijn meestal voorbehouden aan topmanagers en directeuren van belangrijke werkmaatschappijen. Het onderzoek van het Nederlands Participatie Instituut geeft aan dat slechts een derde van de optieplannen toegankelijk is voor het hele personeel. Grote bedrijven die zulke 'open regelingen' hebben, zijn onder meer verzekeraar Aegon (voor iedereen) en ABN Amro (voor werknemers in Nederland).

De belangrijkste oppositie tegen aandelenoptieplannen komt van de bestaande of nieuwe aandeelhouders, die hun relatieve belang in de onderneming zien teruglopen door de uitgifte van extra aandelen. De nieuwe beleggers in Endemol hoeven niet bang te zijn. De toekenning van de aandelenopties en de lancering van de personeelsobligaties zullen niet leiden tot een uitbreiding van het aandelenkapitaal van Endemol, zo blijkt uit het prospectus voor beleggers. Uit de kleine lettertjes blijkt dat mede-oprichter De Mol een deel van zijn aandelen voor dit “goede doel” beschikbaar heeft gesteld: hij levert de aandelen die nodig zijn als managementopties worden uitgeoefend of personeelsobligaties worden omgewisseld.