Philips-management kan zijn borst natmaken

EINDHOVEN, 25 OKT. “We zullen ons in de eerste plaats richten op het verwijderen van lagen in het management, het uitnemen van kleilagen.” Leidinggevenden van Philips kunnen hun borst natmaken en president Cor Boonstra was gisteren persoonlijk naar het Evoluon gekomen om dat met beeldende taal duidelijk te maken. De nieuwe topman sloeg met de vuist op tafel. Wat dient er te veranderen?

“We trappen af met een reorganisatie op het hoofdkantoor”, had financieel bestuurder Dudley Eustace al gezegd, even voor de zorgvuldig geënsceneerde opkomst van Boonstra. In ferme bewoordingen bevestigde de president vervolgens het imago dat hem is vooruitgesneld: dat van harde manager voor de leidinggevenden die hem omringen en van begripvolle baas voor de arbeiders in de fabriek. Boonstra wil “geen onzekerheid op de werkvloer, in de fabrieken en de families van de arbeiders”. Deze mensen hebben volgens hem voldoende efficiëntieslagen meegemaakt. De 'blauwe boorden' moeten zich echter geen illusies maken. Als de bedrijfseconomische omstandigheden Philips dwingen “van A naar B te gaan”, zal Boonstra handelen.

“Ik ben geen diplomaat, ik zal vrijuit spreken,” zei Boonstra gisteren in een toelichting op beroerde derde-kwartaalcijfers. Het management heeft gefaald en zal in de toekomst nadrukkelijker op prestaties worden afgerekend, was zijn boodschap.

Het is niet voor het eerst dat een Philips-topman zijn pijlen richt op de aangekoekte lagen in de organisatie. Zelfs de vergelijking van het management met kleilagen is niet geheel nieuw. Boonstra's voorgangers Cor van der Klugt en Wisse Dekker kozen in het verleden voor een vergelijkbare beeldspraak. Zij trokken ten strijde tegen de 'leemlagen', die het zicht belemmerden op wat er dieper in de organisatie speelde.

Hoeveel banen zullen verdwijnen op het hoofdkwartier in Eindhoven wordt medio november bekend. “Daarna gaan we door naar de nationale organisaties en de divisies”, aldus Eustace.

Belangrijker nog dan de harde opstelling jegens managers is misschien dat Boonstra belooft af te rekenen met bedrijven die onvoldoende rendement behalen of die niet in Philips' portfolio passen. Deze bleeders, zoals Boonstra ze gisteren typeerde, moeten gesloten of verkocht worden. Tot Kerstmis zal een reeks reorganisaties bekend worden, waarvoor in totaal een miljard gulden is gereserveerd. “Zorgvuldig nalezen van het kwartaalbericht laat zien waar we onze aandacht op zullen toespitsen”, stelde Boonstra. Hij wilde weinig concrete uitspraken doen.

Duidelijk is in elk geval dat een deel van het miljard is bestemd voor Polygram en voor herstructurering in de sector verlichting, waar aanpassingen het afgelopen jaar zijn uitgesteld. Boonstra noemde voorts een beursgang van bepaalde Philips-actviteiten “een juiste suggestie”.

Een analist van ING Barings ziet kandidaten voor een beursgang in het automatiseringsbedrijf Origin, dat daarvoor wel minder afhankelijk zal moeten worden van het huidige moederbedrijf, en Navtech, een bedrijfje dat navigatiesystemen ontwikkelt. Daarnaast zal Philips het belang in de Taiwanese chipsfabrikant TSMC verder verkleinen als zich daarvoor een goede gelegenheid aandient. Eerder overwoog Eustace al wat aandelen TSMC te gelde te maken, maar de spanning tussen China en Taiwan en de dip op de chipmarkt leidden tot uitstel. Een herkansing volgt op zijn vroegst volgend jaar.

Aanleiding voor gematigd enthousiasme bij beleggers en analisten is het drieluik van financiële doelstellingen dat Boonstra gisteren presenteerde. De kasstroom (winst plus afschrijvingen) moet het komend jaar ten minste uitkomen op een miljard gulden. Het resultaat als percentage van het bedrijfskapitaal moet naar minimaal 24 procent en het bedrijfsresultaat moet “duurzaam groeien met dubbele cijfers”.

Die laatste doelstelling zal, ten opzichte van de magere resultaten dit jaar, eenvoudig te halen zijn, erkende Boonstra gisteren lachend. De overige doelstellingen vormen een zwaardere opgave. Het rendement op het bedrijfskapitaal moet van de huidige 8,4 procent stijgen naar 24 procent. Zelfs in Philips' betere jaren 1994 en 1995 kwam deze maatstaf niet boven een percentage van respectievelijk 18,4 en 18,1. Het concern hanteert deze doelstelling al veel langer, maar tot nog toe als streefcijfer voor langere termijn, Boonstra wil de 24 procent volgend jaar realiseren.

De kasstroom van een miljard gulden waarop Boonstra mikt is de meest ambitieuze doelstelling. Philips wil in 1997 een financieringsoverschot genereren, zelfs nadat uitgaven voor investeringen van de kasstroom zijn afgetrokken. Dit is een hele opgave. Philips noteerde in de eerste negen maanden van dit jaar nog een financieringstekort van ruim 2,8 miljard gulden.

Het is niet voor het eerst dat Philips zich bindt aan financiële doelstellingen. Het streven naar een bruto marge van vier procent, is eén van de maatstaven uit het verleden die op de achtergrond zijn geraakt. Met de voorziening van een miljard in het vierde kwartaal heeft Boonstra een buffer opgebouwd die lucht geeft voor de realisering van de financiële doelen.

Over strategie hielden Eustace en Boonstra zich gisteren op de vlakte. De vraag waar Philips nu eigenlijk naar toe moet zal volgens de nieuwe topman aan de orde komen nadat de bestuurlijke taken opnieuw zijn vastgesteld (“meer doen met minder mensen”) en bindende budgetten zijn ingevoerd (“om de helderheid en aansprakelijkheid te verhogen”).

Het afstoten van hele divisies of kernactiviteiten lijkt voorlopig niet aan de orde. Boonstra: “We zijn ongelukkig met onze resultaten, niet met de samenstelling van ons concern.”