Nieuwe Getty Center in Los Angeles moet de kunstgeschiedenis een stap verder brengen; Eeuwigheid in een oceaan van tijdelijkheid

Nu is het Getty Museum nog gehuisvest in een kopie van een Romeinse villa in Malibu, maar eind volgend jaar betrekt het Getty Center een kolossaal nieuw onderkomen in Los Angeles. “De plek is prachtig”, zegt architect Richard Meier.

PARIJS, 25 OKTOBER. “Wordt dit mijn meesterwerk? Om dat te weten moeten we wachten tot het af is. Bovendien ben ik nog niet dood.” Dit zegt Richard Meier, die tussen de Parijse presentatie van het nieuwe Getty Center in Los Angeles nog tijd vindt om de grote tentoonstelling 'Picasso en het portret' te zien. Staande tussen de geschilderde meesterwerken vertelt de Amerikaanse bouwmeester gelukkig te zijn met 'zijn' stadhuis van Den Haag, “maar je moet het Getty-centrum in de bergen van Los Angeles zien om te beseffen dat je daar letterlijk en figuurlijk op de toppen zit.”

De Getty-top kwam naar Parijs op uitnodiging van Pierre Rosenberg, de directeur van het Louvre. Hoewel het Franse museum vele malen groter is dan het huidige Getty Museum in Malibu en “we ieder onze eigen kwaliteiten hebben” volgens Rosenberg, is alles wat de Getty Trust doet op vijf continenten zo belangrijk dat Frankrijks eerste museum graag de Europese primeur kreeg van de Getty-nieuwbouw in Brentwood, L.A., die volgend najaar opengaat voor het publiek. De ambities van de Getty Trust, die dankzij het legaat van de oliemagnaat J. Paul Getty nu 4,1 miljard dollar beheert, zijn even eenvoudig als kolossaal. “Wij willen de kunstgeschiedenis en de cultuur een stap verder brengen”, zegt Harold Williams, de 'president en chief executive officer' van de Getty Trust, de 'holding' van alle Getty-activiteiten.

Voor het eerst komen de verschillende Getty-instituten, die tien jaar of langer werken aan het verwezenlijken van die idealen, bij elkaar op één campus (bouwsom 733 miljoen dollar). Daarmee wil de altijd wat geheimzinnige stichting, die de naam heeft iedere kunstveiling te kunnen domineren, zijn idealistische gedaante voluit aan de wereld tonen. Nu zitten Getty's Conservation Institute, Research Institute for the History of Art and the Humanities, Information Institute, Education Institute, Grant Program en het Getty Museum nog verspreid over gebouwen in en om Los Angeles. Het Getty Center wordt 'de samengebalde essentie van wat de Getty Trust in de wereld wil betekenen', aldus Williams.

Twee maanden geleden zijn de eerste instituten met 300 mensen in hun nieuwe gebouwen op de campus-in-aanbouw getrokken. Op den duur werken er 900 mensen, die niet alleen het centrum als culturele trekpleister laten functioneren, maar ook wetenschappelijk onderzoek doen, internationale samenwerking organiseren, het behoud bevorderen van historische gebouwen van Pakistan, Benin en Mexico tot en met de Santa Maria Maggiore in Rome en de kathedraal van Aken. Andere Getty-instituten maken de kennis over kunstvoorwerpen wereldwijd toegankelijk (onder andere via internet http://www.gii.getty.edu), bevorderen het kunstonderwijs op school en administreren 1.500 subsidies voor vernieuwend cultuurbehoud in nu al 115 landen.

Het nieuwe Getty Museum gaat waarschijnlijk pas in december 1997 open, en de eerste wetenschappelijke onderzoekers kunnen er voorjaar '98 terecht. Het huidige Museum gaat na de verhuizing tijdelijk dicht. De op Pompeï geïnspireerde museumvilla in Malibu wordt verbouwd om in 2000 weer open te gaan als dependance voor antieke, voornamelijk Griekse en Romeinse kunst. John Walsh, directeur van het museum sinds 1983, noemt de bestaande villa “charmant, maar erg beknopt. Het is kleiner dan het Musée Cluny bij de Sorbonne in Parijs. Sinds wij de collectie hebben geërfd van Getty is zij veel groter geworden, maar ook serieuzer en gevarieerder.

“Getty had een beperkte visie. Hij hield van antieke kunst, Frans meubilair en decoratieve kunst uit de achttiende eeuw, plus Franse schilderkunst. Daarbij had hij geen bijzonder gelukkige hand van aankopen. De kwaliteit van de collectie is dramatisch toegenomen. We hebben nu ook tekeningen van oude meesters, geïllustreerde middeleeuwse en renaissance handschriften, fotografie en beeldhouwkunst.”

Walsh, voormalig conservator Europese schilderkunst van het Metropolitan Museum, heeft zich onder meer in Leiden gespecialiseerd in de 17de-eeuwse Nederlandse schilderkunst. “We zijn uit het oude museum naar het nieuwe toegegroeid. Dat wordt echt een internationale attractie. We hebben er twee keer zo veel ruimte en kunnen drie keer zo veel bezoekers verwerken, maar de atmosfeer zal er kalm en helder zijn.”

Het hart van het onderzoeksinstituut is een bibliotheek met 800.000 boeken en 2 miljoen foto's, waar ook schetsboeken van grote meesters en archieven van kunsthandelaren en kunstenaars worden verzameld. Het instituut, dat onder leiding staat van de Italiaanse archeoloog Salvatore Settis, organiseert ook seminars en eigen tentoonstellingen, publiceert nieuwe studies en geeft oude boeken opnieuw uit.

Architect Richard Meier: “De plek is prachtig. Het 44 hectare grote terrein ligt op twee bergruggen, boven de kruising van de San Diego Freeway en de Sunset Boulevard. Er is rondom uitzicht. Aan de ene kant zie je de Pacific, aan de andere kant kijk je uit over de Santa Monica Mountains, en voor de rest ligt downtown Los Angeles aan je voeten. De locatie is nauw verbonden met de stad. Als je daar boven op die heuvels staat begrijp je Los Angeles. Ik heb een tijd het geluk gehad ter plekke te kunnen wonen in een huis dat er al stond - het moet binnenkort worden afgebroken. Daardoor heb ik geleefd met de zonsop- en ondergangen, het onvergelijkelijk mooie licht en het meer dan heerlijke Zuid-Californische klimaat. Ik heb getracht in harmonie daarmee iets te bouwen dat voldeed aan de bijzondere opdracht voor een openbaar centrum met een aantal duidelijk private taken.”

Het bestaande museum in Malibu heeft altijd wat verscholen in zijn subtropische tuin gelegen. Het nieuwe Center wordt beter bereikbaar, maar mag geen pretpark worden. Een parkeergarage beneden in de berg kan 1.300 auto's en 16 bussen huisvesten. De bezoekers worden met een tram, die zweeft op een laagje lucht, in vier minuten naar boven getrokken. Daar staat een hoofdzakelijk uit beige Italiaans travertijn opgetrokken complex van ronde en rechthoekige, lage gebouwen. Daartussen open binnenruimtes, een restaurant, water- en tuinpartijen met de geuren en kleuren van eucalyptus, jacaranda, plumbago en bougainville (ontworpen door de Californische kunstenaar Robert Irwin).

Richard Meier: “Iedereen denkt altijd dat LA alleen maar een uit de hand gelopen stadspannenkoek is, maar er zit een duidelijke structuur in. Wij liggen precies boven een knik in de San Diego Freeway. Ik heb die knik ten opzichte van het rechthoekige stratenpatroon van de stad tot uitgangspunt genomen. Dat bepaalde de twee assen van dit complex. Het museum staat aan de publieke kant, de onderzoeksafdelingen aan de private, de zeekant.”

De architect, die in Europa werkt aan een Hans Arp Museum bij Bonn en een kerkje in het Vaticaan, zegt: “Los Angeles is een symbool van tijdelijkheid, de plaats waar alles in beweging is. Dit bouwproces heeft meer dan twaalf jaar geduurd. Dat is lang voor de Verenigde Staten, maar dit centrum is opgezet om de eeuwen te trotseren. Dit moet een symbool van stabiliteit zijn, van continuïteit, van de langzame evolutie van de cultuur. Het Center is een poging nieuwe betekenis te vinden in oude tradities. Het wil geen klooster worden, geen plaats om je af te vragen: 'Wie ben ik?' - eerder: 'Wie zijn wij?'.”