Spanning rondom Philips wordt voelbaar

ROTTERDAM, 23 OKT. Waar zit de pijn en waar gaan de klappen vallen? Dat zijn de belangrijkste vragen die morgenochtend aan de orde zijn bij de presentatie van Philips' resultaten over het derde kwartaal. Aan de vooravond van de eerste cijferpresentatie onder de nieuwe topman Cor Boonstra is de door hem heilzaam geachte sense of urgency rond het elektronicaconcern voelbaar.

Met de aankondiging, begin vorige week, dat geplande reorganisaties versneld zullen worden uitgevoerd heeft Philips aan de oplopende spanning bijgedragen. Hoewel ingrijpende saneringen met navenant grote voorzieningen zijn aangekondigd, begin dit jaar bij dochter Grundig en deze zomer bij de divisie Sound & Vision, sluiten sommige analisten niet uit dat Boonstra de teugels verder zal aantrekken. De vanochtend aangekondigde reorganisatie bij dochterbedrijf Polygram, waarvoor een eenmalige voorziening is getroffen van 90 miljoen dollar, geeft extra voeding aan die opinie.

Philips loste de afgelopen maand ook wat schoten voor de boeg met kleinere reorganisaties, zoals die bij het Natuurkundig Laboratorium (ten koste van 145 banen), Philips Media (120 banen verlies) en, vorige week, het hoofdkwartier in Eindhoven (aantal verloren arbeidsplaatsen nog onbekend). Boonstra heeft duidelijk gemaakt dat “afdelingen binnen Philips” die niet aan Centurion hebben meegedaan met een nieuwe herstructurering rekening moeten houden.

Analist S. Vrolijk van ING Barings: “Het blijft speculeren, maar misschien dat er divisies aan de orde komen waarover we normaal niet praten. Je zou kunnen denken aan huishoudelijke apparaten of zelfs de lichtdivisie.” De sector verlichting, die meestal een stabiele bijdrage levert aan Philips' resultaat, zag het bedrijfsresultaat in het tweede kwartaal dalen, met 2,5 procent tot 487 miljoen gulden.

F. de Vries van Theodoor Gilissen is stellig over de reorganisaties. Volgens hem zijn de lopende maatregelen onvoldoende. Als meest voor de hand liggende kandidaten voor een nieuwe voorziening beschouwt hij de sector Consumentenprodukten en de overhead (overkoepelende kosten).

Analist S. Street van zakenbank Barclays in Londen voorziet daarentegen geen nieuwe reorganisaties: “Philips zal eenvoudig de aangekondigde herstructureringen sneller doorvoeren”, voorspelt hij.

Terwijl medewerkers gespannen afwachten of opnieuw in de organisatie gesneden zal worden, kijken beleggers uit naar een verklaring voor de achterblijvende resultaten van Philips. Dàt de winst niet zal voldoen aan de verwachtingen maakte het elektronicaconcern vorige week al met een profit warning duidelijk.

Anders dan voorzien is het “hoogst onwaarschijnlijk” dat de winst in het tweede halfjaar zal uitkomen boven het niveau dat vorig jaar werd behaald, aldus Philips. Analisten hebben de verwachtingen getemperd en voorspellen een kwartaalwinst van tussen de 288 miljoen en 461 miljoen gulden, een forse daling tegenover de 539 miljoen gulden die in het derde kwartaal 1995 is behaald.

De zwakke markt voor chips speelde en speelt een belangrijke rol in de prognoses. Met een onstuimige groei, oplopend tot zo'n 40 procent, kon de sector componenten en halfgeleiders vorig jaar tegenvallers elders bij Philips compenseren. Nu bedraagt de groei van de chipsdivisie amper 10 procent. Menig fabrikant investeerde het afgelopen jaar in vergroting van de capaciteit, wat aanzienlijke druk op de prijzen tot gevolg heeft. Ook Philips ondervindt daarvan de nadelige gevolgen.

Overigens geven de jongste ontwikkelingen op de markt voor halfgeleiders Philips enige grond voor optimisme. De waarde van orders voor Amerikaanse chipsmakers was in de maand september weer bijna gelijk aan de waarde van de verkochte chips. Dit is volgens kenners een signaal dat duidt op een spoedig herstel van de marges op de markt voor halfgeleiders.

Ook de recente winstgroei van het Franse SGS Thomson Microelektronics (7,1 procent over het derde kwartaal) is reden voor een sprankje hoop. Street van Barclays ziet gelijkenis tussen de chipsactviteiten van Philips en die van de Franse specialist. Beide bedrijven richten zich niet op de uiterst concurrentie- en conjuctuurgevoelige bulkmarkt voor geheugenchips voor computers, maar ze leggen zich toe op de produktie van geavanceerde chips voor specifieke toepassingen. Street waarschuwt er wel voor dat Philips in 1995 een uitzonderlijk goed derde kwartaal had. “Het zal niet zo'n verbetering kunnen laten zien als Thomson.”

Duidelijk is dat een meevallertje in de chipsdivisie het derde kwartaal voor Philips niet zal redden. Volgens Vrolijk “zit de pijn in essentie overal”. Street: “Ik zie geen divisie die voor een positieve uitschieter in aanmerking komt.”

Aanhoudende prijsdruk en tegenvallende verkopen in de sector Consumentenprodukten zullen opnieuw resulteren in rode cijfers voor deze sector, na een verlies van 92 miljoen in de eerste helft van dit jaar, zo is de algemene verwachting. Street verwacht dat de herstructurering bij Grundig nog onvoldoende resultaat oplevert en wijst op forse aanloopkosten in de produktie van mobiele telefoons, waarin Philips tot de mondiale top-drie wil gaan behoren.