Milieubeweging verspeelt haar krediet bij politici

In Haarlem dient vandaag een kort geding over de vraag of Milieudefensie het vliegverkeer op Schiphol mag ontregelen door ballonnen op te laten. Veel politici keuren de actie af en willen de subsidie aan Milieudefensie intrekken.

DEN HAAG, 23 OKT. Bijna twee jaar geleden liet minister De Boer (VROM) zich complimenteus uit over Milieudefensie, een van de toonaangevende milieuorganisaties. “Ik heb bewondering voor een organisatie als Milieudefensie die door alle jaren heen constant aan de gang blijft, constant blijft tamboereren op zaken die volgens hen niet in orde zijn”, zei de minister in een vraaggesprek. “Ze lopen me natuurlijk ook wel eens voor de voeten, maar dat hoort er ook bij. Daar heb ik geen enkele moeite mee.”

Nu vindt de minister het echter welletjes. De Boer keurt het voornemen van Milieudefensie af om de radar van Schiphol in de war te sturen door daar ballonnen met zilverpapier op te laten. Op die manier wil de organisatie protesteren tegen de aanleg van de vijfde start- en landingsbaan op Schiphol. Ook Milieudefensie heeft zich te houden aan het democratisch genomen besluit van de Tweede Kamer, aldus De Boers woordvoerder.

Dat 'tamboereren' van milieuorganisaties als Milieudefensie op hun eigen gelijk gaat nu steeds meer politici irriteren, zo blijkt. De welwillendheid waarmee milieugroepen lange tijd tegemoet werden getreden wordt steeds meer verruild voor een kritische bejegening. De organisaties wordt vervuiling van het milieudebat verweten door overdrijving en manipulatie van de media.

Het Tweede-Kamerlid N. van 't Riet (D66) weigert tegenwoordig met vertegenwoordigers van Milieudefensie in één forum te zitten. “Ze maken zich te vaak schuldig aan overdrijving”, zo licht ze haar opstelling toe. “Aan het debat kom ik nooit toe. Ik ben alleen maar bezig de feiten die verkeerd worden weergegeven correct in de discussie te brengen.” Als voorbeeld noemt ze een forumdiscussie over de werkgelegenheidseffecten van de aanleg van de vijfde baan op Schiphol. “Daar stelde Milieudefensie dat voor 60.000 banen zo'n 33 miljard aan investeringen op Schiphol nodig was. Onzin natuurlijk, want daarmee telde Milieudefensie alle uitgaven voor de HSL en andere sporen en wegen naar Schiphol mee.”

J. te Veldhuis, milieuwoordvoerder van de VVD, heeft naar aanleiding van de geplande actie op Schiphol de vraag opgeworpen of Milieudefensie haar subsidie van meer dan een miljoen gulden van VROM en andere ministeries niet moet worden ontnomen. Immers, jarenlang heeft de organisatie gelegenheid gehad via allerlei inspraakprocedures haar gelijk te halen.

Pag.2: Kamerleden denken aan subsidiestop

Nu het besluit genomen is, heeft ook Milieudefensie met haar 34.000 leden dit besluit te respecteren, aldus Te Veldhuis. “Als Milieudefensie de elementaire beginselen van onze parlementaire democratie en onze rechtsstaat toch niet of onvolledig accepteert, waarom dan nog gemeenschapsgeld uit belastingopbrengsten aan haar spenderen?”

B. van Ojik, oud-Kamerlid van GroenLinks, en tegenwoordig voorzitter van Milieudefensie, noemt het dreigement van Te Veldhuis een zwaktebod. “Wij vinden dat, ook nadat het parlement een besluit genomen heeft, er een recht op demonstratie bestaat. Of het veilig en proportioneel is wat we doen, daar kun je van mening over verschillen. Over het recht op demonstratie hopelijk niet. Ter wille van de veiligheid hebben we Schiphol gevraagd het vliegverkeer twee uur stil te leggen.”

Een flink aantal parlementariërs blijkt echter Te Veldhuis in zijn opvatting te steunen. Een enquête die de EO-radio onlangs hield onder Tweede-Kamerleden, wees uit dat bijna de helft van de 150 Kamerleden voor een subsidiestop was. En daarbij waren leden als M. Versnel van D66 niet eens meegeteld. Tijdens een discussie in de wekelijkse fractievergadering, gisterochtend, bleek ook zij voorstander van de subsidiestop.

Hoewel de kritiek van politici zich vooral richt op Milieudefensie, krijgen ook gematigder groepen steeds meer commentaar. Illustratief voor de veranderende houding tegenover milieuorganisaties was een harde aanval op de milieubeweging in Rom-magazine, een toonaangevend vakblad op het gebied van ruimtelijke ordening en milieu. Hoofdredacteur H. Bakker verweet milieugroepen “zelfgenoegzaamheid” en “intellectuele luiheid”. Complexe problemen worden volgens hem “gesimplificeerd”. Over de lange termijn denken de milieulobby's niet na. Het is kritiek waarbij D66'ster Van 't Riet zich in elk geval bij Milieudefensie iets kan voorstellen.

Bakker schrijft deze luiheid toe aan de manier waarop media en overheid de milieugroepen jarenlang hebben 'doodgeknuffeld'. “Knipmesbuigende publiciteit” door kranten die belust zijn op een primeurtje over de zoveelste tegenslag voor het milieu, speelt de milieubeweging in de kaart. Overheidsdiensten passen er wel voor op de machtige lobby's tegen zich in het harnas te jagen. Zorg om het milieu staat immers hoog op de politieke agenda. Inmiddels heeft diezelfde overheid echter veel van hun kritiek geïncorporeerd, stelt Bakker. In milieuwetten is tegenwoordig een evaluatieprocedure opgenomen, overheidsinstituten zoals het RIVM of de WRR voorzien het beleid zelf ook van de nodige kanttekeningen. “Zo wordt veel gras voor de voeten van de milieubeweging weggemaaid.”

In een repliek schreef Milieudefensie in hetzelfde Rom-magazine dat hun gehamer op misstanden in het milieu wel degelijk effect op het beleid had gehad. Over hun bestaansrecht hoeven milieu-organisaties derhalve niet te twijfelen. Ook het verwijt van intellectuele luiheid in het denken over de lange termijn, wierp Milieudefensie verre van zich. Ze verwees onder meer naar maatregelen van de Deense regering om op de lange termijn de CO -uitstoot te verminderen. Die maatregelen zouden sterk lijken op hetgeen Milieudefensie en haar Deense zusterorganisatie eerder hadden voorgesteld.

Ten slotte beschuldigden de scribenten van Milieudefensie op hun beurt de overheid van overdrijving, al deden ze dat impliciet. “Voor een positief verhaal over het Nederlandse milieubeleid heeft de overheid zelf een enorme publiciteitsmachine tot haar beschikking”, zo schreven ze.