Oost-Timor

Met grote verbazing las ik het artikel van Drs. E.W.V.M. Hoeks getiteld 'Nobelprijs voor verkeerde man'. Het ergste is dat Hoeks, als hoge ambtenaar bij Buitenlandse Zaken, expliciet Oost-Timor als deel van Indonesië ziet, in tegenspraak met het officiële standpunt van Den Haag en ook de Verenigde Naties.

Hoeks beweert dat het Oosttimorese verzet in Indonesië in verschillende delen van de wereld verdeeld is en deze verdeeldheid wordt door hem veroordeeld. Het frappante is dat de verschillende fracties binnen het Oosttimorese verzet deze pluriformiteit juist als een pluspunt zien. Vele woordvoerders van het verzet hebben een toekomstig onafhankelijk Oost-Timor gekenschetst als een pluriforme samenleving met een meerpartijensysteem. Dat de heer Hoeks een dergelijk systeem niet als positief beoordeelt, is op zijn minst vreemd.

José Ramos Horta, de winnaar van de Nobelprijs, omschrijft hij als iemandgeïnspireerd door “het revolutionair socialisme van Frelimo en andereguerillabewegingen in Afrika”. Ik ken de Nobellaureaat sinds 1976, toen hij voor het eerst een bezoek bracht aan Nederland. De politieke omschrijving klopt zelfs niet ten dele, Horta vertegenwoordigde met name deniet-marxistische vleugel binnen het het Fretilin. Alle belangrijke marxistische voormannen van het Fretilin zijn tussen 1975 en 1979 omgebracht door het Indonesische leger. In vele publicaties heeft Horta zijn politieke voorbeelden genoemd: Kennedy, Soekarno en Olaf Palme.

De heer Hoeks beschrijft Horta, net als de Indonesische regering, alspolitieke avonturier, die verzoeningpogingen saboteert. Het tegendeel is waar. Iedereen die het vredesplan van het Oosttimorese verzet kent, dat voor een belangrijk is opgesteld door José Ramos Horta, weet dat het juist de geest van verzoening ademt. Het stuk pleit voor een politieke oplossing en biedt Indonesië voldoende ruimte om zijn gezicht niet te verliezen.

De manier waarop de heer Hoeks feiten selecteert, is vreemd. Zo noemt hij de ruzie die een aantal jaar geleden is ontstaan met Amelia, de echtgenote van Xanana Gusmao (de verzetsleider die vastzit in een Indonesische gevangenis), over het aanwenden van gelden. Dat was een misverstand, voornamelijk te wijten aan een communicatiestoornis, einde probleem. Hoeks beweert dat de fondsen door Horta ten eigen bate zijn aangewend, maar levert geen enkel bewijs.

Hij verwijt José Ramos Horta 'extreme standpunten' tijdens deontmoetingen van de ''All Inclusive East Timorese Dialogue' die onder deauspiciën van de VN zijn belegd in 1995 en 1996. Francesco Vendrell, een hoge VN-ambtenaar die verantwoordelijk is voor het organiseren van de beideontmoetingen, zal het tegendeel beweren.

Hoeks heeft het ook over de zogenaamde ''Londense besprekingen' waaraan Horta weigerde deel te nemen. Deze gesprekken waren een opzetje van de Indonesischeambassade in Londen en vielen buiten de verantwoordelijkheid van de VN.

Ik zou de partijen in het parlement willen oproepen om op zijn minst vragen te stellen over deze zeer controversiële brief van hoge ambtenaar Hoeks.