Foto's uit wereld van sneeuw en kou

Tentoonstelling: Esko Männikkö. De Pont, Wilhelminapark 1, Tilburg. T/m 12/1/97. Open: di-zo 11-17u. Cat. ƒ 49,50. Ook te zien: Lenbachhaus, München (22/1 t/m 2/3) en Het Paleis voor Schone Kunsten, Brussel (21/3 t/m 25/5).

Als het ergens koud is, moet het in Noord-Finland zijn. Een landschap waar het altijd waait, sneeuw eeuwig blijft liggen en waar alles overheerst wordt door de kou. Die kou heeft ook een eigen wereld geschapen, waaruit de vrouwen met hun kinderen zijn vertrokken en waarin de mannen en de honden zijn achtergebleven - de mannen met verweerde koppen, rood aangelopen van wind en drank; de honden permanent slapend voor de kachel. De kou heeft ook alle schoonheid uit de wereld gebannen; voor decoratie, voor esthetiek is geen tijd: alles staat in het teken van verwarmen en overleven. De wereld van Noord-Finland staat daardoor van de gemiddelde moderne kunstbeschouwer ongeveer even ver af als die van onze voorouders in de 17de eeuw.

Wie, zoals de Finse kunstenaar Esko Männikkö, in zo'n ongebruikelijke omgeving gaat fotograferen, plaatst zichzelf in een lastige situatie. Door een wereld tot onderwerp te nemen die zo ver van het alledaagse afstaat, maakt hij zijn eigen artistieke inbreng voor een deel overbodig. Alle originaliteit en vervreemding die hij onder 'normale' omstandigheden zelf had moeten creëren krijgt hij hier plotseling cadeau. Kijk: daar zit een man in pyjama op een sneeuwscooter, met blote voeten in de sneeuw! Zie daar aan de wand van de dikke man, die in trainingspak op bed ligt: een enorme, spuuglelijke deken met twee hertjes! Of kijk naar de sombere man die zeker tweehonderd flessen Jaffa in een troosteloos zijkamertje heeft staan: gerangschikt op kleur en smaak! Als fotograaf is het verleidelijk daar weinig aan toe te voegen, maar daardoor loop je het gevaar in aapjes kijken te vervallen - voor je het weet kopieer je een complete aflevering van de National Geographic.

Om los te komen van de documentaire-fotografie heeft Männikkö dan ook een nogal controversiële kunstgreep uitgehaald: al zijn foto's heeft hij ingelijst in oude, vervallen schilderijenlijsten. Soms zijn die recht en wit, een andere keer bruin en vol krullen, maar altijd zorgen ze ervoor dat de afstand tot het onderwerp nog wordt vergroot: door de lijsten worden de foto's schilderijen.

Männikkö raakt daarmee aan een merkwaardig fenomeen, waarover in de 'is fotografie-ook-kunst-discussie' al veel is gepraat. Een van de belangrijkste elementen die een foto onderscheidt van een schilderij, is dat een fotograaf de werkelijkheid altijd nodig heeft, terwijl een schilder zijn beelden in principe ook vanuit zijn hoofd kan maken. De foto wordt daardoor automatisch geassocieerd met 'echte' werkelijkheid; een schilderij blijft daar altijd een afgeleide van.

De laatste tijd zie je echter steeds meer fotografen die proberen in de werkelijkheid van alledag de 'schilderkunstige' werkelijkheid te betrappen. Het mooiste voorbeeld daarvan is het werk van de Duitse fotograaf Andreas Gursky, die allerlei schilderkunstige trucs (atmosferisch perspectief, driehoeken en cirkels in de compositie van het landschap etc.) in het landschap van alledag weet te vinden. Het werk van Männikkö doet iets soortgelijks. Niet alleen door de ongebruikelijkheid van zijn werkelijkheid, en die lijstjes, maar ook door de wijze waarop zijn foto's aansluiten bij verschillende stijlen uit de schilderkunst. Zo doen zijn turende arbeiders met hun rauwe, droevige koppen denken aan het genadeloze realisme in de schilderijen van Gustave Courbet, lijken zijn avondlandschappen sprekend op de plattelandsromantiek van de 17de-eeuwse schilder Aert van der Neer en verwijzen zijn jolige drinkers met rode puntmutsen onweerstaanbaar naar het werk van Jan Steen.

De beste foto's van Männikkö rechtvaardigen hun lijst dan ook volkomen; ze lijken overgezonden uit een voorbij tijdperk, om vervolgens werkelijkheid te zijn geworden. In zijn zwakste foto's (zoals die van een man die op een ladder tegen een soort snackbar staat, naast hem een enorme Coca Cola-reclame) wordt de lijst potsierlijk - een National Geographic-foto hang je ook niet tussen krullen. Het werk van Esko Männikkö mag soms dan wel erg nadrukkelijk gaan over het worstelen met tijd en vergankelijkheid, wat overheerst is een gevoel van melancholie over een manier van leven die door de tijd naar de periferie van de aarde is verdrongen.