De apocalyps in het leven van alledag op schilderijen

Tentoonstelling: Apokalypse van Jaques Gassman.

In: Grote- of Sint Laurenskerk, Grotekerkplein 3, Rotterdam.

Di-za 10-16u. T/m 5 nov.

ROTTERDAM, 22 OKT. In de Rotterdamse Laurenskerk, waar glas in lood het daglicht filtert, lijken de schilderijen van de 33-jarige Duitser Jaques Gassman op schimmige zwarte rechthoeken. Pas van dichtbij worden ze herkenbaar: Galopperende paarden, de troon van God die door mistflarden heen licht lijkt te geven.

Gassman werkte twee jaar aan de verbeelding van de Openbaringen van Johannes, het laatste bijbelboek van het Nieuwe Testament. Tweeëndertig grote doeken (2,5 bij 3 meter) vertellen chronologisch over het vergaan van de aarde en geboorte van een nieuwe wereld; twintig doeken uit deze serie stelt hij nu in Rotterdam tentoon. De voorstellingen zijn goed te volgen voor wie het bijbelboek kent. Aan de leek zullen misschien symbolen uit de dierenriem en veelbetekende getallen ontgaan. Om hen op weg te helpen heeft de kunstenaar hier en daar namen en getallen op de doeken aangebracht.

Deze reizende tentoonstelling deed eerst een kathedraal in Stockholm aan. Gassman raakte onder de indruk van de vanzelfsprekende religiositeit van de Zweden. “In Duitsland vragen mensen bij mijn schilderijen: 'wat betekent het?'. De Zweden begrijpen het gewoon. Zij kennen de band tussen natuurgeweld en het geestelijke.” Na een korte stilte: “Soms identificeer ik me met Johannes de Doper. Ik heb hem geschilderd als een waterval. Als ik me goed voel ben ik vloeibaar.”

Gassman schildert met chemicaliën die niet óp het doek maar erin trekken. Hij legt zijn doeken in een koude ruimte plat op de grond en brengt daarna een eerste chemische laag op die nat moet blijven om erop te kunnen schilderen. Hij kan vanwege zijn materiaal niet langer dan twaalf uur aan één doek werken. Door het gladde oppervlak krijgen de voorstellingen de dieptewerking van een foto.

Witte voorstellingen doemen op uit het grijsblauw, bruin, en zwart van de achtergrond. Ze zijn uitgebeten in de verf of ze lichten op door de toevoeging van glinsterende, minuscule stukjes glas.

Eerder maakte Gassman een serie doeken over de ervaringen van straaljagerpiloten. Hij schildert verder nog decorstukken en krijgt regelmatig kerkelijke opdrachten, zoals het beschilderen van een orgel in een Beierse barok-kathedraal. Die opdrachten stellen de kunstenaar in staat van zijn werk te leven.

Een doek heeft Gassman gemaakt in de nacht dat de Golfoorlog uitbrak, op 16 januari 1991. Gassman blijkt gevoelig voor de apocalyps in het dagelijks leven. Een felle oranje vuurzee en zwarte wolken vullen het beeld.

“In de Golfoorlog werden die oliebronnen in Koeweit in brand gestoken”, zegt de schilder. “Het tijdschrift Der Spiegel opende met de kop op de voorpagina: Vijf jaar duisternis in Duitsland. Deskundigen hadden gezegd dat het vuur niet meer te doven was en dat heel de hemel zwart zou worden. Realiteit en apocalyps liepen toen in elkaar over.”

Het laatste doek van de tentoonstelling, en ook het meest indrukwekkende, stelt het nieuwe Jeruzalem voor. Het is wit. Pas als het zonlicht erop valt gebeurt er iets hemels. De Nieuwe Wereld verschijnt parelend en wervelend, in trage kolkingen van lila en teder wit.

Gassman is gelovig, maar niet kerkelijk. “De kerk is voor mij geen godshuis maar vooral architectonisch interessant. En het geloof staat bij mij voor energie.”

Die energie trof de kunstenaar aan in de Openbaringen. “Al bij de eerste passages zag ik dat het een goede tekst was.” Hij stopte met lezen, maakte een schilderij van wat hij net gelezen had en las verder. Hij herhaalde deze werkwijze tot het boek uit was. “Het verhaal is als een videoclip tot stand gekomen”, zegt Gassman. “Beeld voor beeld.”