Toen in België de onschuld vermoord werd

Driehonderdduizend Belgen gingen gisteren in Brussel de straat om hun steun te betuigen aan de ouders van verdwenen en vermoorde kinderen en te demonstreren tegen de laksheid van de Belgische justitie. De Belgische schrijver Geert van Istendael liep mee.

Ik ben gisteren mee opgestapt. We waren met een paar honderdduizend. Ook de grootste betoging tegen de kernraketten, nu al meer dan tien jaar geleden, heeft niet zoveel inwoners van mijn vaderland bij elkaar gebracht in de straten van de hoofdstad. Ik heb gisteren met een paar schrijvers gesproken, maar ook met de slager die vlakbij ons naast de kerk woont en met de huisarts van mijn oude vader. Ik zag een vertaler van Shakespeare, Waalse arbeiders, Marokkaanse bakvissen, Antwerpse werklozen, een hoogleraar, een Vlaamse vakbondsman en een toneelspeler.

De betoging was een doorsnee van de hele Belgische samenleving en dat heeft me niet verbaasd. De ouders van de slachtoffertjes zijn afkomstig uit Luikse Italiaanse migrantenfamilies, uit een Brussels Marokkaans gezin, uit de Vlaamse stad Hasselt. België werd getroffen in al zijn onderdelen. Het is duidelijk dat al die onderdelen geaccepteerd worden. Alleen dit. Aan het einde van de demonstratie waren grote borden opgesteld waarop de namen van de vermiste en vermoorde kinderen te lezen stonden. Eén naam ontbrak. Die van het Marokkaanse meisje Loubna. Een onbegrijpelijke, onvergeeflijke vergissing.

Zeer indrukwekkend was de kalmte en de waardigheid die de massa tentoon spreidde. Ik wist niet dat het mogelijk was tienduizenden en tienduizenden mensen, dicht op elkaar gepakt, lijf aan lijf mag je wel zeggen, in stilte te laten opstappen, rustig pratend, slechts af en toe applaudiserend wanneer de luidsprekers langs het parcours het aantal betogers meldden.

De Belgische burger heeft een reputatie van grote onverschilligheid voor alles wat politiek betreft. De Belgische burger zou bovendien een kortzichtig materialisme aanhangen. De Belgische burger heeft de afgelopen dagen en weken bewezen dat zulks onzin is, beledigende onzin.

Hij is de straat niet opgegaan toen de Bende van Nijvel achtentwintig mensen in supermarkten neerknalde. Hij is de straat niet opgegaan toen de politicus André Cools werd neergeknald. Hij is de straat niet opgegaan toen de justitie van hoog tot laag blunder op blunder stapelde en er maar niet in slaagde die twee zaken op te lossen. Maar toen werd de onschuld vermoord.

Eén onderzoeksrechtertje (officier van justitie) uit een verloren gat ergens in de Ardennen blunderde niét. En hij vond de moordenaars van België's onschuld. Hij, de efficiënte, de integere, werd hardhandig verwijderd van het onderzoek. Volgens 's lands hoogste rechtsinstantie, het Hof van Cassatie, was hij partijdig geweest. Het Hof van Cassatie wilde het bewijs leveren dat het recht in ons land zegevierde. Juist daardoor heeft het Hof van Cassatie precies het omgekeerde bereikt. Het gaat voortaan gebukt onder het odium van partijdigheid, onrecht, hooghartigheid en hardvochtigheid.

Oh, ik lees in de kranten dat geen andere uitspraak mogelijk was. Ik ben geen jurist, maar ik heb wel aandachtig geluisterd naar de uiteenzettingen van eminente juristen als bijvoorbeeld mevrouw Van de Wijngaert, hoogleraar strafrecht aan de Universteit van Antwerpen. Zij - en zij is lang niet de enige - levert het bewijs dat een andere uitspraak wel degelijk mogelijk was, een uitspraak die het efficiënte onderzoeksrechtertje niét de deur uitschopt, een uitspraak die de Belgische burger géén trap tegen zijn rechtsgevoel verkoopt.

Maar heeft die Belgische burger het niet allemaal zelf gezocht? Krijgt hij niet de rekening gepresenteerd van zijn hardnekkige geritsel? De Belgische burger, het is bekend, wil graag profiteren van zijn lakse overheid. Het ontduiken van belastingen is één nationale sport, bouwen waar en wat je niet mag is er een tweede. Als de grote corrupt is op grote schaal, waarom zou de kleine het dan ook niet zijn op kleine schaal? Dat is de Belgische logica.

Die Belgische logica is al jaren lang niet meer sluitend. Het inleveren gaat ten koste van de kleine man, van de gewone vrouw, en de banken zwelgen in hun winsten. Ondanks alle regeringsretoriek over sterke schouders die de zwaarste lasten moeten dragen, voelt de Belg aan zijn water dat hem voorgelogen wordt. Hij ziet het elke dag om zich heen. Het is uit met de democratisch gespreide corruptie.

En dan ziet de Belg dat Justitie de moordenaars van achtentwintig medeburgers niet kan vinden. En dan leest de Belg in zijn krant - een paar jaar geleden - dat het Hof van Cassatie een onderzoeksrechtertje uit de Ardennen dat een heet spoor heeft gevonden in de zaak Cools, verbiedt dat onderzoek voort te zetten. En dan vindt dat onderzoeksrechtertje kinderlijkjes. Bijna tegelijkertijd wordt duidelijk dat die man in de Ardennen ook in de zaak Cools al die jaren het gelijk aan zijn kant had. En dan dient het Hof van Cassatie het recht de nekslag toe.

Ik ben de jongste dagen zeer kwaad geworden op enkele intellectuele vrienden van me. Zij spreken over een opgehitste massa, die drijft op verdachte sentimenten; zij raden de vader van de vermoorde An Marchal aan een psychiater op te zoeken. En ja, sprak de heer Van Mierlo laatst niet over het heilzame psychiatrische effect van de grote demonstratie gisteren?

Wat denken die lieden wel? Sinds wanneer is een burger die gerechtigheid eist psychiatrisch ziek? Sinds wanneer is de eis tot gerechtigheid een verdacht sentiment? En wie heeft het gore lef een laatdunkend oordeel te vellen over vader Marchal? Nee, vader Marchal is geen held en geen witte ridder. Vader Marchal is een uiterst integer, maar ook een uiterst gekwetst man.

Laat hij zich af en toe meeslepen door zijn gevoel? En wat dan nog? Vader Marchal heeft nooit om galg en rad geroepen, nooit. Vader Marchal is ook na het afschuwelijkste bericht dat een vader kan bereiken, de moord op zijn dochter, rustig gebleven. Vader Marchal heeft de stakingen niet uitgeroepen, heeft de scholieren niet tot voor de deur van het gerecht gejaagd.

Dat heeft het Belgische gerecht aan zijn eigen arrogantie, aan zijn eigen corporatistische reflexen te wijten. Ik heb de laatste weken integere, intelligente, buitengewoon bekwame leden van ons justitiële apparaat woedend zien worden wanneer iemand in hun omgeving durfde te twijfelen aan de onfeilbaarheid van het Hof van Cassatie. Wie denken deze lieden wel dat ze zijn? Zij zijn door het Belgische volk aangesteld om recht te laten geschieden. Dat Belgische volk vindt nu overduidelijk dat zijn justitie faalt.

Dit is een zeer diepe crisis in onze democratie. Arbeiders die staken tegen vergrijsde rechters in hermelijn, scholieren die de ruiten gaan ingooien van justitiepaleizen, driehonderduizend mensen die spontaan in hun hoofdstad komen betogen, dat is nog nooit vertoond.

Het roept herinneringen op aan de grote demonstraties die aan de val van de Berlijnse muur voorafgingen. Maar ik denk dat het slopen van één muur niet zal volstaan. Het hele Belgische huis staat op instorten. We moeten het van kelder tot zolder verbouwen.