RONALD BRAUTIGAM OVER Melvyn Tan

Melvyn Tan solo: 23/10 Oosterpoort Groningen; Melvyn Tan en Ronald Brautigam: 24/10 Concertgebouw Haarlem; 26/10 15 uur Concertgebouw Amsterdam; 29/10 Gouda.

“Het is een rare situatie dat je met zijn tweeën aan één instrument zit te spelen. In geen enkel genre kan je muziek zo gelijkademig en geïntegreerd laten klinken als bij het spelen van quatre-mains.”

Pianist Ronald Brautigam (1954) vormt sinds kort een duo met de in Singapore geboren fortepianist en klavecinist Melvyn Tan (1956). De komende dagen spelen zij op de pianoforte een vierhandig programma met muziek van Franz Schubert en Carl Maria von Weber. Het Matinee-concert van zaterdag wordt voor tv opgenomen.

“Ik heb Melvyn Tan zo'n drie jaar geleden leren kennen tijdens een Robeco Zomerconcert, toen we het dubbelpianoconcert van Mozart speelden bij het Radio Kamerorkest. Het klikte meteen en we werden door de AVRO uitgenodigd om het dubbelpianoconcert van Mendelssohn te spelen, ook op oude instrumenten.

“Afgelopen week werd Melvyn veertig en dat is gevierd met een concert in de Londense Wigmore Hall. Daar hebben we zowel op fortepiano, als op moderne vleugel vierhandig gespeeld. Het programma dat we nu spelen hebben we ook in Oostenrijk gedaan maar dan op een moderne vleugel, wat voor Melvyn een verademing was.

“Melvyn, die vooral bekend is als fortepianist, maakt nu door wat ik een jaar paar geleden deed, maar dan omgekeerd. Toen raakte ik opeens bezeten van de fortepiano. Melvyn heeft nu de Bösendorfer-koorts. Wat hem betreft spelen we zelfs liever moderne muziek dan oude. Zeeën van repertoire kan hij opeens weer spelen: Chopin, Debussy, Bizet.

“Onze benaderingen lopen niet zo gek ver uiteen. Dat zou anders zijn geweest als hij van huis uit klavecinist was, maar ook Melvyn is begonnen als 'modern' pianist. Hij heeft bij Vlado Perlemuter gestudeerd en is gespecialiseerd in het Franse repertoire. Hoe goed we elkaar aanvoelen bleek toen we samen een stuk van Bizet speelden waarin we allebei de melodie hebben - de een in de linkerhand en de ander in de rechter, met rubato erin. Dat was vanaf de eerste keer gewoon gelijk. Als je zoiets niet op dezelfde manier voelt, dan helpen afspraken ook niet. Want timing is bij vierhandig piano cruciaal.

“Oorspronkelijk materiaal voor quatre mains is er weinig, en hedendaags repertoire is er al helemaal niet. Als je gaat zoeken in transcripties en arrangementen van symfonieën, dan vind je stapels. Het vierhandig pianospel is van vóór de opkomst van de lp, toen het nodig was om via het klavier muziek te leren kennen. Voor twee piano's bestaat veel meer repertoire, maar er is nog genoeg te ontdekken. Soms vind je rare dingen, een arrangement door Czerny van het Requiem van Mozart en dat soort draken.

“Toch zijn er ook hoogtepunten. Het Rondo in A groot dat we nu spelen is voor mij een van de mooiste Schubert-stukken. Het heeft een onovertroffen super-mildheid. Eigenlijk spelen we een programma met allemaal lekkere hapjes. Het samenspelen doet ons veel plezier en ik geloof dat zoiets overkomt. Melvyn is een van de meest expressieve pianisten die ik ken; ook uiterlijk. Hij is zeer beweeglijk. Dat is geen maniertje. Het is een soort versterking van wat hij muzikaal wil. Wanneer je met hem samenspeelt word je daar door aangestoken. Je móet daarin ook meegaan - om plaats te maken. Vierhandig spelen is één door elkaar gekrioel. Je krijgt domweg aanvaringen in het luchtruim wanneer de een als een zoutzak blijft zitten terwijl de ander van hot naar her beweegt.”