Machtsstrijd Minsk: concessie president

MINSK, 21 OKT. In zijn machtsstrijd met het parlement heeft president Aleksandr Loekasjenko van Wit-Rusland zaterdag een kleine concessie gedaan.

Loekasjenko ging ermee akkoord dat zijn referendum over een verdere uitbreiding van zijn bevoegdheden niet op 7 november wordt gehouden, dus op de verjaardag van de Oktoberrevolutie van 1917, die in Wit-Rusland nog steeds als officiële feestdag wordt gevierd, maar op 24 november. Op die dag wordt, samen met de tussentijdse verkiezing voor een aantal parlementszetels, nog een referendum gehouden: de door het parlement uitgeschreven volksstemming die voorziet in afschaffing van de functie van president en de vestiging van een parlementaire democratie. Loekasjenko verzet zich tegen zowel dat referendum als tegen de tussentijdse parlementsverkiezingen.

De polarisatie in de politiek van Wit-Rusland werd gisteren geïllustreerd door twee bijeenkomsten die tegelijkertijd werden gehouden. Terwijl in het centrum van Minsk 30.000 mensen betoogden tegen het “dictatoriale” beleid van Loekasjenko, had de president zesduizend getrouwen bijeengeroepen in een bunker in de stad. Deze 'assemblee' was volgens Loekasjenko “het eerste werkelijk democratische forum” van het land, maar volgens het parlement en het Constitutionele Hof was het in strijd met de grondwet.

De 'assemblee' bestond uit afgevaardigden van 'arbeiderscollectieven' in staatsbedrijven en vertegenwoordigers van officiële organen als het ministerie van Justitie en Loekasjenko's Veiligheidsraad. Tijdens de beraadslagingen van deze 'assemblee' - waarbij geen media werden toegelaten - werd geen afwijkende mening gehoord en werden besluiten unaniem genomen. De sprekers bepleitten de noodzaak van een krachtig bestuur en hekelden - net als Loekasjenko zelf - Westerse kritiek op het autoritaire bestuur als 'inmenging' in de binnenlandse aangelegenheden van Wit-Rusland. Het voorstel van de president om de uitbreiding van zijn bevoegdheden aan de bevolking voor te leggen werd aangenomen met 4.990 tegen elf stemmen. (AP, Reuter, AFP)