Roman van Carol Shields; Raadsels van een simpele boerin

Carol Shields: Het Swann symposium. Vertaald uit het Engels door Edith van Dijk en Chawwa Wijnberg. De Geus, 393 blz. ƒ 49,90 (geb.)

'Bloed spreekt mijn naam/ Blaart de dag met ontdaan/ Verspilt het weinige dat ik bezit / Rooft de tijd, schrijnt het gewricht.'

Dit gedicht komt drie keer voor in Het Swann symposium. Intrigerende regels, maar wat betekenen ze?

Een aanwijzing: ze zijn geschreven aan een keukentafel, in een armetierige boerderij op het onherbergzame Canadese platteland, door Mary Swann, een onontwikkelde boerin. Wat Swann onderscheidt van andere arme, geïsoleerde plattelandsvrouwen zijn regels als deze, ooit door een lokale uitgever gebundeld als 'De gedichten van Mary Swann'.

Uitgeverij De Geus heeft opnieuw een belangrijke roman vertaald van de Canadese Carol Shields. Eerder verschenen De Republiek der Liefde en De Stenen Dagboeken. Amerikaanse critici verkozen The Stone Diaries in 1994 tot de beste roman van dat jaar, in Engeland werd het genomineerd voor de Bookerprize, en vorig jaar kreeg Shields de Pulitzer Prize. Mary Swann (1987) is niet haar meest toegankelijke werk, maar wel een boek dat de manier waarop je naar de wereld kijkt verandert.

De vertaler heeft de titel veranderd in Het Swann symposium, en dat is feitelijker dan het oorspronkelijke Mary Swann. Shields vertelt hier namelijk niet het verhaal van de dichteres Mary Swann zelf, maar meer een soort The Making of.. : de ontdekking van het obscure dichtbundeltje door de Canadese literatuur-wetenschappelijke wereld, die resulteert in een officieel symposium. Shields volgt in de aanloop naar het evenement beurtelings de vier mensen die het nauwst betrokken zijn bij de making van Mary Swann: de ontdekster, de biograaf, een plaatselijke bibliothecaresse en vriendin van Swann, en de man die de bundel ooit uitgaf.

Maar al staat in dit verhaal het werk van de dichteres centraal en niet haar persoon, de gedichten van Mary Swann blijken voor niemand genoeg. Want wat betekenen ze? De biograaf, de 'ontdekster' die een lezing moet houden tijdens het symposium, de bibliothecaresse die een Mary Swann museum inricht, allemaal proberen ze het raadsel dat een gedicht nou eenmaal blijft, op te lossen met behulp van gegevens over de schrijfster. Om redenen die ik niet zal verklappen blijkt het leven van Mary Swann echter bijna even moeilijk te ontsluiten als haar werk, en zo dreigen de belangrijkste deelnemers aan de vooravond van het symposium allemaal met lege handen te staan.

En dus zijn ze toch aangewezen op de gedichten. 'Bloed spreekt mijn naam', maalt het door Sarahs hoofd. Sarah, de ontdekster, is een literatuurwetenschapster die, op zoek naar een doel in haar leven, bij toeval op het bundeltje stuitte en nu furore maakt met haar feministische interpretaties. Ze is door haar succesvolle carrière verwijderd geraakt van haar eenvoudige moeder. Sarah ziet in het gedicht een treffend beeld van de 'onontkoombare doorwerking van bloedbanden, vooral die tussen moeder en dochter'. Hetzelfde gedicht staat volgens de biograaf, een gevoelsarme man vol zelfhaat die hunkert naar acceptatie of verlossing, voor 'de continuïteit van het geloof, een metafysisch verbond met een onbegrijpelijk universum'. De bibliothecaresse die zijn theorieën aanhoort, zit ongemakkelijk te schuiven op haar stoel. Zelf durft ze niet naar de dokter om uit te laten zoeken waarom haar oude, maagdelijke lichaam sinds kort aan een stuk door menstrueert. Ze bloost hevig en denkt aan de oude lappen die Mary op haar schamele boerderij elke maand gebruikt zal moeten hebben, dan schraapt ze haar keel. 'Maar Mary Swann was een vrouw, weet je..'

De manier waarop Swanns gedichten worden geïnterpreteerd, doet denken aan een meesterlijke passage in The Stone Diaries, waarin iedereen die hoofdpersoon Daisy heeft gekend een verklaring mag geven voor de depressie die haar op een gegeven moment overvalt. Onthullende bijdragen, maar eerder over de mensen om haar heen dan over Daisy: iedereen geeft een feilloze analyse van zichzelf. De deelnemers aan het Swann symposium gaan nog verder. Zo shopt Rose zaterdags de inventaris van de authentieke 'schrijfkamer' in het Swann-museum bij elkaar bij 'Selma's Antiek', en is het enige concrete aanknopingspunt voor Mary's werkwijze (een stuitend ordinair rijmwoordenboek) Sarah zo'n doorn in het oog dat ze het in een prullenbak laat verdwijnen.

Shields laat zien hoe de vier door hun rol bij de inlijving van Swann in de literaire canon hun eenzaamheid doorbreken. Hun autoriteit geeft ze aanzien, materiële geborgenheid en vooral contact, een gevoel van verbondenheid met de buitenwereld. Je beseft hoezeer de kwaliteit van hun dagelijks bestaan afhankelijk is van die rol, en dus uiteindelijk van de betekenis die zij toekennen aan een paar regels, ooit neergekrabbeld aan een oude keukentafel. Hun gedrag is niet alleen verdedigbaar, maar ook, zoveel is duidelijk, onontkoombaar.

Nog even terug naar de titel. De titel Het Swann-symposium is dan misschien feitelijker, maar het oorspronkelijke Mary Swann was filosofischer. Want wie is Mary Swann nu? Wat komen we door haar gedichten over haar te weten? Of moeten we juist al iets over haar leven weten om die gedichten te begrijpen? Kunnen we poëzie los zien van de maker? En wat zeggen onze eigen interpretaties? Als we alleen onszelf spiegelen, wat kunnen we dan überhaupt van een ander weten?

Dat zijn de vragen die Shields bezighouden. Bekende vragen in de postmoderne literatuur, maar wat Shields zo geweldig maakt is de manier waarop zij ze verwerkt: met zuiver literaire middelen. De behoefte om de literatuur te relativeren - die zoveel talent lijkt te verlammen en te dwingen tot verhalen vol taaie beschouwingen of een cynische behandeling van de personages - lijkt voor Shields vooral een aangename uitdaging, iets dat een toch al leuk spel nog spannender maakt. Ze jongleert met genres en vertelperspectieven en haar proza jubelt van vertelplezier en vakmanschap. De personages, ten slotte, zijn ingebed in een briljant tapijt van alledaagse details, kleine zorgen en onverklaarbare incidenten, dat maakt dat je ze even goed of slecht kent als de meeste echte mensen in je leven. Shields verwerkt haar vragen op de enige literaire manier: niet door ze te stellen, maar door ze met haar prachtige verhalen op te roepen bij de lezer.