KNP BT overwoog concern te splitsen

AMSTERDAM, 18 OKT. KNP BT (papier, verpakking, distributie) heeft overwogen de fusie uit 1993 ongedaan te maken en het concern op te splitsen. De extra waarde die deze strategie voor de aandeelhouders opleverde was echter niet noemenswaardig en daarom is deze - voor het Nederlandse bedrijfsleven unieke - tegemoetkoming aan de belangen van beleggers, niet gevolgd. Dat zegt de nieuwe bestuursvoorzitter van KNP BT, F. de Wit, in een gesprek over de nieuwe strategie van het concern.

KNP BT (15 miljard gulden omzet in 1995, 27.000 werknemers, van wie 9.000 in Nederland) maakte drie weken geleden bekend aan te sturen op fusie van de papieractiviteiten (gebundeld in dochter KNP Leykam) met een andere fabrikant. Volgens De Wit is dat de enige manier om het rendement te verhogen. KNP BT is bereid een minderheidsaandeel in de nieuwe combinatie te accepteren. Het Zweedse Stora zou belangstelling hebben.

KNP BT wil de komende jaren zijn investeringen richten op de hoofdactiviteiten distributie (van kantoorartikelen tot papierhandel) en verpakkingen (van levensmiddelen tot en met spelletjes). Hierin verwacht het wel de gewenste hogere rendementen te behalen.

De Wit wil met de aangescherpte strategie 'het lot' van de aandeelhouders verbeteren. Zij hebben niet de vruchten geplukt van de fusie, erkent hij. De koers van de aandelen van KNP BT daalde, nadat de winst in het eerste kwartaal met tweederde inzakte en de papieractiviteiten in de verliezen kwamen, naar ongeveer 40 gulden, een derde onder het topniveau van 1995.

De Wit ontkent dat de aandeelhouders van KNP BT, voor 80 procent professionele beleggers als Aegon, ING en het pensioenfonds ABP, druk op de directie hebben uitgeoefend om het beleid te wijzigen.

Volgens De Wit hebben becijferingen van McKinsey over een splitsing een uitkomst opgeleverd die weinig afwijkt van de beurskoers. “Als opsplitsing van de onderneming belangrijke meerwaarde creëert, dan gebeurt dat”, zegt hij. “Er moeten geen taboes zijn.”

Zijn standpunt wijkt af van dat van zijn voorganger, drs. R. van Oordt, die in in mei met pensioen ging.