Flip van vla

Vraag eens aan een stuk of vijf oudere mensen of ze weten wat een vla-flip is. Waarschijnlijk krijg je evenzoveel verschillende antwoorden. Allemaal hebben ze in hun vroege jeugd, na het eten van de gezonde aardappelen met groenten en vlees, genoten van de zoete beloning die vla-flip heette, maar overal was hij een beetje anders. Het was met of juist zonder yoghurt, wel ranja of juist geen limonade. Altijd met vla maar ook wel eens zonder flip. Wij hadden thuis onze eigen vla-flip.

Eerst een beschuit, een gewone ronde beschuit. Zonder boter. Op een bord leggen en op de beschuit twee eetlepels appelmoes. Gewone appelmoes, uit een pot of eventueel zelfgemaakt.

Dan komt het. Daar gaat met een sierlijke zwaai, de zogenaamde flipzwaai, de grootste klodder vla die je maar kunt bedenken, vanilleklodder of hopjesklodder, desnoods chocoladeklodder, overheen.

In de koelkast als je een koude flip prefereert. Lauwe flip gaat vanzelf. Maar wel op z'n minst een uur wachten tot de beschuit zacht is geworden. Want krakende vla-flip bestaat niet. In dat geval spreek je van een fla-vlip en die is beslist minder lekker.