Difterie Sovjet-Unie: vaccinatie gewenst

ROTTERDAM, 18 OKT. De besmettelijke ziekte difterie komt in enkele landen van de voormalige Sovjetunie nu zo veel voor zo dat reizigers naar die landen zich moeten laten vaccineren tegen difterie. Vliegend of varend personeel dat de voormalige Sovjetunie bezoekt kan zich ook beter laten vaccineren, evenals mensen in Nederland die in contact komen met reizigers uit de getroffen gebieden. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een vandaag verschenen advies aan de regering over de dreiging van difterie.

In de voormalige Sovjetunie is door de ineenstorting van de openbare gezondheidszorg en de angst voor met aids-virus besmette injectienaalden de vaccinatiegraad onder kinderen sterk verminderd. Difterie is een ernstige bacteriële infectieziekte die een bloederige keelontsteking veroorzaakt en dodelijk kan zijn als giftige stoffen van de bacterie verlammingen veroorzaken.

De Gezondheidsraad betwijfelt of in Nederland een grote difterie-epidemie kan uitbreken. Het vaccin tegen difterie kwam in 1950 beschikbaar. Nederlanders die voor 1950 zijn geboren zijn meestal niet gevaccineerd. Samen met jongere mensen die om principiële (meest godsdienstige) redenen niet zijn gavaccineerd vormen zij ongeveer eenderde van de bevolking. In de Tweede Wereldoorlog kregen 200.000 Nederlanders difterie, met ongeveer 10.000 sterfgevallen. In 1950 waren nog 200 difteriedoden te betreuren. Omdat de difterie-veroorzakende bacterie na 1950 meer in Nederland voorkwam, hebben de niet-gevaccineerden geen afweer kunnen opbouwen door natuurlijke besmettingen waar ze nauwelijks ziek van werden. Waarschijnlijk is de zogenaamde groepsimmuniteit - de bescherming tegen besmetting van ongevaccineerden door voldoende gevaccineerden om hen heen - nog voldoende om geen grootscheepse uitbraak van difterie in Nederland te krijgen, maar bij groepen religieuze mensen die vaccinatie afwijzen kan diftierie toeslaan zoals enkele jaren geleden gebeurde met een polio-epidemie.