Schmitz: overheid ontketent geen jacht op illegalen

DEN HAAG, 17 OKT. De overheid wil geen jacht op illegalen ontketenen. Illegaliteit wordt wel ontmoedigd zodat geen valse verwachtingen worden gewekt over verblijf in Nederland.

Dit heeft staatssecretaris Schmitz (Justitie) gisteren tegen de Tweede Kamer gezegd in een debat over de zogenoemde koppelingswet. De wet beoogt databanken aan elkaar te koppelen, waardoor mensen zonder verblijfsvergunning worden uitgesloten van collectieve voorzieningen. Schmitz benadrukte dat “iedere suggestie dat illegaliteit is uit te bannen, niet realistisch is”.

Naast ontmoediging wil staatssecretaris Schmitz het actief terugkeerbeleid extra stimuleren. “Als het kan, keren illegalen op vrijwillige basis terug. Als het moet, keren ze onder dwang terug.” De staatssecretaris stelt wel dat illegalen, die door hun land van herkomst niet worden terugnomen, niet in de kou mogen worden gezet.

Schmitz wees het voorstel van Tweede-Kamerlid Dittrich (D66) om gemeenten te laten adviseren over eventuele uitzettingen van 'ingeburgerde' illegalen van de hand. Amsterdam en Rotterdam zagen hier wel heil in. “Maar de bevoegheid over uitzettingen te beslissen, ligt bij het Rijk”, aldus Schmitz.

Wel wil ze gemeentebesturen eerder informeren over komende uitzettingen en met de besturen praten over “hoe om te gaan met illegaliteit”. Steeds vaker springen gemeentebesturen, scholen en andere instellingen op de bres voor illegalen in hun woonplaats die dreigen te worden uitgezet.

In de koppelingswet zijn drie uitzonderingen gemaakt. Zo mogen kinderen van illegalen tot 18 jaar naar school, krijgen illegalen rechtsbijstand en ontvangen ze medische hulp in acute noodsituaties. Het kabinet trekt jaarlijks elf miljoen gulden uit voor medische hulp aan illegalen. Mocht dat onvoldoende zijn, dan zal het kabinet het bedrag opnieuw bekijken.