Wespennest

DE RECHTSHANDHAVING op Aruba is zodanig in opspraak gebracht dat er een speciale koninkrijkscommissie van onderzoek aan te pas is gekomen onder voorzitterschap van de Nederlandse oud-minister van Justitie De Ruiter. De Arubaanse regering-Eman weigerde echter een aanvaardbare, derde deelnemer aan de commissie te leveren.

“Een provocatie” noemde VVD-fractieleider Bolkestein dit vorige maand tijdens de algemene beschouwingen. Voor hem was de conclusie duidelijk: “Als Aruba zijn eigen gang wil gaan, is dat bespreekbaar. Maar dan niet binnen het koninkrijk.”

Was het maar zo eenvoudig. Aruba heeft zich tien jaar geleden een “status aparte” bedongen. Nederland ging daarmee alleen akkoord als het eiland in 1996 volkenrechtelijk onafhankelijk zou worden. Maar die voorwaarde is al onder het vorige kabinet onhoudbaar gebleken en werd vorig jaar formeel geschrapt. Aruba blijft genesteld in de koninkrijksstructuur. Dat stelt eisen op het gebied van democratie en rechtsorde. Maar dat garandeert ook een autonome sfeer voor de Caraïbische rijksdelen.

Ondanks de tegenwerking van Aruba is het rapport-De Ruiter toch verschenen. Het doet verstandige voorstellen voor het oplossen van de impasse die is ontstaan tussen de eilandregering (en politietop) en het openbaar ministerie met een door Nederland uitgeleende procureur-generaal (PG) aan het hoofd. Het enige wat er op zit, is schoon schip te maken. De PG moet op eervolle wijze worden teruggehaald naar Nederland en de Arubaanse politietop moet opstappen.

Het is duidelijk dat er meer aan de hand is dan een escalatie van persoonlijke fricties en culturele lichtgeraaktheid. Het bestuurlijke draagvlak van het eiland is te klein - en te verpolitiekt - voor de afmetingen van de internationale criminaliteit waarmee het te maken krijgt. “Aruba ligt letterlijk in de gevarenzone”, waarschuwt de commissie-De Ruiter. Dat is niet alleen een kwestie van geografie (de nabijheid van de narcostaat Colombia) maar ook van faciliteiten op fiscaal en vennootschapsrechtelijk gebied, de toeristenindustrie (hotels, casino's) en goede verbindingen.

Ter vergroting van de afstand tussen rechtshandhaving en politiek stelt de commissie-De Ruiter voor om de zo kwetsbaar gebleken functie van de Arubaanse PG te combineren met die van de Antillen. Ook de twee recherchediensten moeten worden samengevoegd. In de analyse van de commissie zijn politie en openbaar ministerie op Aruba niet in de laatste plaats verward geraakt in het politieke krachtenspel doordat een behoorlijke bestuurlijke controle ontbreekt. Ook daarvoor worden, met name op het vlak van de Algemene Rekenkamer, voorstellen gedaan.

AAN DE NEDERLANDSE regering valt te verwijten dat zij, zoals de commissie zegt, “van een afstand en lijdelijk heeft toegezien” hoe de Arubaanse crisis in de rechtshandhaving escaleerde. Het rapport laat echter de vraag open hoe men onder gelijkwaardige koninkrijkspartners een voet tussen de deur krijgt. Het elegant terugtrekken van een PG is niet zo'n punt; daarmee heeft Nederland in de West al enige ervaring. Het vervangen van de Arubaanse korpsleiding is een tweede, afgaande op een ongezouten verklaring van de twee betrokken heren die als bijlage in het rapport-De Ruiter is opgenomen. Met spanning kan daarom worden uitgezien naar het initiatief dat het kabinet ontwikkelt voor dit wespennest.