Spanningen bij beursonderzoek Smit

AMSTERDAM, 16 OKT. Bij het onderzoek naar aandelenhandel met misbruik van voorwetenschap zijn grote spanningen ontstaan tussen de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) en de beurs. De spanningen zijn aan het licht gekomen bij het beursonderzoek naar transacties in de aandelen van Smit Internationale.

Dit is vernomen uit verscheidene betrouwbare bronnen bij de opsporingsinstanties. De STE geeft hierop geen commentaar. De Amsterdamse effectenbeurs ontkende vanmiddag dat er “een competentiestrijd tussen het controlebureau van de beurs en dat van de STE” heerst.

Het Controlebureau van de Amsterdamse beurs doet een onderzoek naar transacties in aandelen Smit Internationale. De beurs heeft een niet nader genoemd commissiehuis op 2 oktober een brief gestuurd om het onderzoek aan te kondigen naar de handel in stukken van het bergingsbedrijf. De beurswoordvoerder bevestigde het bestaan van de brief.

In de brief wordt gesproken van “onregelmatigheden in de markt”, maar wordt niet aangegeven wat het vermoeden precies is. Ook de beurs wilde vanmorgen niet zeggen waar naar wordt gezocht. Het antwoord op die vraag is essentieel, omdat sinds 1 juli van dit jaar een strikte rolverdeling bestaat tussen de STE en de beurs.

Misbruik van voorwetenschap valt onder de STE, overtredingen van het reglement van de Vereniging van de Effectenbeurs (de beurs) of van de modelcode vallen onder de beurs.

Bronnen op de beurs beweren dat het controlebureau van de beurs echter wel degelijk kijkt naar misbruik van voorwetenschap rond Smit en die term in zijn brief vermijdt om de STE niet te alarmeren. “Het kan geen voorkennisonderzoek zijn, want dat valt onder ons”, zei de STE-woordvoerster vanmiddag. De advocaat J. Hoff, gespecialiseerd in financiële kwesties en ook beurszaken, zei vanmorgen echter: “Ik vrees dat de beurs in verboden water vist.”

De spanningen tussen de STE en de beurs bestaan sinds 1 juli van dit jaar, de datum waarop de STE officieel de exclusieve bevoegdheden kreeg om voorkennis te onderzoeken. Tot die tijd deed het controlebureau van de beurs deze onderzoeken, veelal onder de vlag van de STE. “Commissionairs krijgen sinds die tijd afwisslend controleurs binnen van de beurs van de STE, die allen vragen om inzage in rekeningen”, zegt een ingewijde. “Het maken van werkafspraken tussen de STE en de beurs verloopt moeizaam”, zegt een andere ingewijde.

De beurs claimt op basis van de nieuwe Wet Toezicht Effectenverkeer inzagerecht in effectenrekeningen, op basis van artikel 30 waarin over dat recht wordt gesproken. Juristen menen echter dat dit recht echter eerst verankerd moet in de beursreglementen.

De STE wilde vanmorgen alleen kwijt: “Wij menen mening dat artikel 30 op zichzelf geen bevoegdheden geeft.”