Plan-Bosch Melkertbanen voorkomt verdringen arbeid

WAALRE, 16 OKT. Ingenieur W. Bos is de bekendste tot-nu-toe. De particulier die met een zelfverzonnen plan politici en bestuurders slapeloze nachten bezorgt. Bos, een ambtenaar van het ministerie van Onderwijs, bedacht een alternatief voor de hogesnelheidslijn dat serieus met de door professionals bedachte varianten werd meegenomen.

De ministers Jorritsma en De Boer hadden hun ir. Bos-variant, collega Melkert van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft zijn eigen ir. Bosch-variant.

Een gepensioneerde Philips-manager, ir. G. Bosch, heeft een alternatief bedacht voor de Melkert-banen. Zijn variant moet een eind maken aan alle bezwaren die nu nog aan de Melkert-banen kleven. Vooral werkgevers willen die banen nog wel eens als kunstbanen kwalificeren. Want de Melkertbaners voeren werk uit dat voorheen niet bestond; een Melkert-baan is een extra baan. Werknemersorganisaties hijsen overigens de stormbal als werk wordt gedaan dat daarvóór wèl bestond. Dan is er sprake van verdringing van arbeid en dat wordt door hen als een ongewenst bij-effect beschouwd.

Bosch meent een oplossing te hebben voor beide bezwaren. “Ik voeg het element van ambitie toe aan de Melkert-banen”, zegt hij. Zijn gedachte is simpel: betrek de Melkert-baan in de CAO-onderhandelingen tussen werkgevers en werknemers. Die zullen niet over kunstbanen willen onderhandelen, maar alleen over werk dat er echt is. Het gaat Bosch om banen waarbij werkgevers het minimumloon als een te grote barrière beschouwen. Of zoals minister Wijers (Economische Zaken) het in een commentaar op Bosch' plan formuleert: “Mensen kunnen niet op de arbeidsmarkt terecht omdat hun produktiviteit niet opweegt tegen de loonkosten die werkgevers verplicht zijn minimaal te maken vanwege het wettelijk minimumloon.”

Bosch' plan biedt de mogelijkheid om werkgevers en voormalig werkloze werknemers overeenstemming te laten bereiken over loon voor deze banen dat onder het minimum ligt. De rest moet uit de oorspronkelijke uitkering worden betaald. Verdringing van andere banen is volgens Bosch niet aan de orde, want het gaat om werk dat wel bestaat, maar waar niemand voor te vinden was omdat het de werkgevers minder waard was dan het minimumloon.

Hoe hoger de loonsom waarover onderhandeld is, hoe geringer de uitkering die er bovenop moet worden gelegd. De werknemer krijgt daarmee een prikkel om zijn werk beter te doen, gelooft Bosch, die er een lineair model voor heeft opgesteld. Als de 'Bosch-baner' erin slaagt een hogere loonsom te bedingen, dan gaat de helft van die verhoging naar zijn loonzakje en met de andere helft wordt de uitkering verlaagd. Een dergelijke prikkel ontbreekt bij de Melkert-baan, vindt Bosch, want het totale inkomen blijft gelijk voor de hele periode dat de baan duurt, maximaal twee jaar.

Bosch meent dat een werknemer zich volgens zijn methode langzaamaan onmisbaar maakt omdat hij kennis en ervaring opdoet en zichzelf uit het model werkt. Bosch gaat uit van de vooronderstelling dat het de werkgever steeds meer waard moet zijn een werknemer aan zich te binden.

Het idee van Bosch zit zodanig in elkaar dat de twee ministers die het volstrekt met elkaar oneens zijn als het gaat om de Melkert-banen (Melkert zelf en Wijers van Economische Zaken) beiden positief tegenover het idee staan. “Elegant”, noemde Melkert het voorstel van Bosch in een reactie vorig jaar december. “Gelukkig pleit u niet voor verlaging van het minimumloon.”

“In essentie komt uw plan erop neer dat het minimumloon wordt afgeschaft”, meldde Wijers instemmend in mei van dit jaar en wees er en passant op dat hij hetzelfde beoogt voor de volgende kabinetsperiode. Wijers vindt de werkgevers aan zijn zijde, die eveneens welwillend staan tegenover de Bosch-variant. “Sympathiek” noemt secretaris J. Klaver van de afdeling economische zaken van werkgeversorganisatie VNO-NCW het idee van Bosch. “In zijn richting denken wij ook.”

De werknemers staan minder te applaudiseren bij het Bosch-plan. H. Muller, bestuurslid sociale zaken van de vakcentrale FNV, vindt net als Wijers dat het plan de weg effent naar het afschaffen van het minimumloon. “En als je dat weghaalt, duikelt ook meteen het uitkeringssysteem naar beneden.”

De ingenieur uit het Brabantse Waalre kan een dergelijk verwijt maar moeilijk begrijpen. Hij spreekt in de toelichting op zijn model dan ook niet van een minimumloon, want dat is wat de werkgever betaalt. Beter is de term 'wettelijk minimum inkomen'. Het gaat er per slot van rekening om wat werknemers in hun handen krijgen, ook al komt dat van twee verschillende bronnen.

“Eigenlijk is het minimumloon al afgeschaft”, meent Bosch. En wel door de degene die zich het felst verzet tegen dezelfde afschaffing, minister Melkert. De Melkert-banen worden werkgevers aangeboden tegen een loonsom die ver onder het minimumloon ligt, is de redenering van Bosch. Werkgevers die mensen in dienst nemen die langer dan één jaar werkloos zijn krijgen 1.500 gulden per maand toe op voorwaarde dat ze hun Melkert-kracht het minimumloon betalen. Dat ligt op 2203,50 gulden, dus de loonsom die werkgevers betalen is 703,50 gulden, 32 procent van het minimumloon.

De variant die ir. Bos had bedacht voor de HSL-lijn werd omarmd door milieu-minister De Boer, maar haalde het uiteindelijk niet. Na aanvankelijke instemming van Melkert en Wijers hebben beide bewindslieden niets meer van zich laten horen.