'Doorbraak' in zoektocht naar joods goud

NEW YORK, 16 OKT. In het Nationaal Archief in de Verenigde Staten zijn de namen en bankrekeningen gevonden van honderden nazi-slachtoffers die hun geld uit veiligheidsoverwegingen op Zwitserse banken hadden gezet. De vondst wordt beschouwd als een doorbraak in de speurtocht naar de kapitalen van vermoorde joden die zich mogelijk nog altijd in de kluizen van Zwitserse banken bevinden.

De ontdekking werd gedaan door onderzoekers van het World Jewish Congress (WJC). Vice-voorzitter Kalman Sultanik van het WJC sprak van “een droom die werkelijkheid is geworden”. De namen en rekeningen verschaffen de onderzoekers een belangrijke basis om verder te zoeken naar het verdwenen geld. De onderzoekers ontdekten de namen en bankrekeningen toen ze stuitten op een schriftelijke klacht van drie Zwitserse banken, die ageerden tegen een besluit van de Amerikaanse regering d.d. 14 juni 1941, waarin wordt verordonneerd dat alle tegoeden van personen die woonden in door de nazi's bezette landen, bevroren moesten worden. De drie Zwitserse banken beklaagden zich. Overigens zijn alleen gegevens ontdekt van mensen die hun tegoeden hadden overgebracht naar Zwitserse bankfilialen in de Verenigde Staten. Volgens een woordvoerder van het WJC brachten veel joden destijds hun spaargeld over naar de VS, waar het veiliger werd geacht dan in Europa. Volgens de woordvoerder beschikte een Zwitsers bankfiliaal in New York over vijfhonderd rekeningen met een totaal tegoed van 13,5 miljoen dollar, waarvan circa een derde deel op naam stond van joden. De gegevens zullen worden overhandigd aan een gezamenlijke comité, bestaande uit vertegenwoordigers van het WJC en de Swiss Banking Association, die de zaak in onderzoek heeft. Het comité wordt geleid door Paul Volcker, oud-topman van de Federal Reserve Board, het stelsel van centrale banken in de Verenigde Staten. Het comité komt later deze maand voor het eerst bijeen in Zürich. (Reuter)