Soeharto ontmoet winnaar Nobelprijs op Oost-Timor

DILI, 15 OKT. De Indonesische president Soeharto heeft vandaag bij zijn bezoek aan het ingelijfde Oost-Timor de winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede 1996, bisschop Belo, gegroet. Het staathoofd wisselde echter geen woord met de geestelijk leider, die op vreedzame wijze naar een einde van de Indonesische overheersing streeft.

Soeharto bracht vandaag een bliksembezoek aan de omstreden regio. Hij ontmoette Belo tijdens een ceremonie in de Oosttimorese 'hoofdstad' Dili, waar hij een groot zwart marmeren beeld van Christus onthulde en vijf infrastructurele projecten opende. In een toespraak maakte Soeharto geen melding van de onafhankelijkheidsstrijd op het overwegend katholieke Oost-Timor. Deze vroegere kolonie van Portugal werd in 1975 geannexeerd door het islamitische Indonesië, een stap die door de internationale gemeenschap nooit is geaccepteerd. Ook ging Soeharto niet in op de toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede aan bisschop Carlos Felipe Ximenes Belo en Jos Ramos Horta, voorzitter in ballingschap van de Nationale Verzetsraad voor Maubere (Oost-Timor). Jakarta toonde zich vrijdag “geschokt” door de keuze van het Nobelcomité in Oslo.

President Soeharto inaugureerde in Dili een 27 meter hoog beeld van Christus, een snelweg, drie bruggen en een straat die de naam draagt van zijn overleden echtgenote, Ibu Tien. Bij de onthulling van het beeld van Christus was ook bisschop Belo aanwezig. Soeharto liep naar hem toe en schudde kort zijn hand. De twee mannen spraken niet, maar vlogen later samen in een helikopter, om het beeld, dat op een heuvel bij de baai was opgesteld, vanuit de lucht te inspecteren. Bisschop Belo sprak gisteren de hoop uit dat de toekenning van de Nobelprijs aan Oost-Timor zou bijdragen aan het oplossen van het conflict met Indonesië. Als mogelijke oplossing noemde hij een referendum over autonomie.

Ramos Horta, die in ballingschap woont in Australië, verwierp het bezoek van Soeharto aan Oost-Timor vandaag als een publiciteitsstunt. Hij zei dat de hoogte van het beeld van Christus verwijst naar de ondeelbaarheid van de 27 provincies van Indonesië. “De Timorezen zijn al eeuwenlang katholiek. Ze hebben niet de steun van de Indonesische regering nodig om een standbeeld te bouwen van 27 meter hoog, met een trap met 27 treden ernaar toe, om aan te tonen dat ze goede katholieken zijn”, aldus Ramos Horta. “We weten dat Christus geen 27 meter lang was. Het is gewoon een slechte grap van Indonesië om dit te doen.” (AP, Reuter)