YOUP VAN 'T HEK

Youp van 't Hek: Niet zo somber. CNR Music 2002899

“Wie raakt er door een liedje nog ontroerd?” zingt Youp van 't Hek in het deprimerende tijdsbeeld Strompelen, afkomstig uit zijn laatste oudejaarsavondconférence. Het is een retorische vraag, want ook zelf staat Van 't Hek niet in de eerste plaats bekend als een chansonnier die zijn publiek tot tranen toe beroert. Zijn liedjes fungeren in de eerste plaats als rustpunten in de verbale wervelwind die hij met cabaretesk lawaai tot leven brengt. Bovendien lijkt het in zijn voorstellingen vaak alsof er in muzikaal opzicht niet veel aan te beleven valt; hij zingt ze doorgaans bij een door electronica overheerste geluidsband.

Pas nu componist Ton Scherpenzeel er op een studio-cd een kamermuziek-achtige klank aan heeft gegeven met violen, cello, hobo, fluit, saxofoon en andere akoestische instrumenten, krijgen de liedjes van Van 't Hek de kans op zichzelf te staan. Hoewel zijn gruizige stemgeluid niet iedereen zal bekoren, staan er gave chansons tussen - een paar keer over de beste manier om dood te gaan (zoals het stemmige Per ongeluk en in regels als: “Ik wil spelen met mijn leven/ ik wil juichend naar de dood”), soms onvervalst moralistisch (De armen) en ook weer overlopend van verlangen naar een onbelemmerd leven: “En ik wil nog veel te vaak verdwijnen/ ik heb nog steeds de power en de pit/ maar ja, wat doen we met de kleine/ de oppas wil toch weten waar je zit.” Sommige nummers stonden al eerder op live-cd's, maar hier komen ze veel beter tot hun recht.