Spelers van Ajax zijn toe aan mentaltrainer

UTRECHT, 14 OKT. Ajacieden plegen zich dezer dagen over het voetbalveld te bewegen alsof er belangrijkere dingen zijn dan een competitiewedstrijd voetballen. Plichtmatig, zonder plezier, zeurend bij de kleinste pijntjes. Voetballen voor Ajax is vandaag de dag geen genot meer. Kijken naar voetballen van Ajax nog minder. Het is dat de competitie erom vraagt anders hadden de Ajacieden en hun artistieke leiders zich teruggetrokken voor een vakantie.

Juist op momenten als deze kunnen tegenstanders die over aanzienlijk minder talent beschikken dan de Amsterdammers, profiteren van de depressie bij Ajax. Maar kennelijk hebben ze te veel respect voor de naam Ajax. Een wat betreft talent bescheiden elftal als dat van FC Utrecht had gistermiddag een grote kans om Ajax flink de oren te wassen. Maar van de agressie die de Utrechters doorgaans tonen, was dit keer weinig sprake. De voetballers en supporters van FC Utrecht toonden zich al tevreden met het 1-1 gelijkspel en juichten en zongen alsof zojuist de eeuwige vrede stadion Galgenwaard was binnengetreden.

In vergelijking met de apathie van de Ajacieden was de strijdlust van de thuisploeg nog aanvaardbaar. De redelijk verdienende spelers uit de voetbalstad Utrecht toonden meer plichtsbetrachting dan de rijkelijk verdienende spelers uit Amsterdam. Maar van strijd tussen de onderliggende partij en de bovenliggende partij, een gevecht waaraan het voetbal toch zijn waarde ontleent, was niets te zien. Op de tribunes van Galgenwaard werd onophoudelijk door de Utrechtse fans gezongen, zoals in Britse en Italiaanse stadions. Sfeer was er zeker. Maar dat was dan ook bijna het enige wat een bezoek de moeite waard maakte.

Een geprezen trainer als Van Gaal mag het zich aantrekken dat zijn voetballers niet tot uiterste inzet bereid zijn. Met excuses komt men een depressie niet door en zeker het leven niet. Wie zijn spelers zo lamlendig ziet bewegen, zou al zijn talenten als mentaltrainer moeten aanwenden om hun te overtuigen van hun kwaliteiten. Zeer waarschijnlijk doet Van Gaal dat al, maar reikt zijn kennis niet verder dan de psychologie van Wayne Dyer, Niet morgen maar nu en Het heft in eigen handen, waaruit types als Van Basten en Rijkaard hun motivatie putten, En mogelijk houdt Van Gaals idee over 'teambuilding' ongeveer op bij een groepsgesprek en een spelletje paint-ball.

Onbewust zullen veel spelers bij Ajax teleurgesteld zijn door het vroegtijdig aangekondigde vertrek van Van Gaal. Voetballers die zoekende zijn naar oorzaken van depressie, zullen zich zeker niet sterker gaan voelen door de onverwachte actie van hun vertrouwensman. Een trainer die in een zwakke periode zegt te zullen vertrekken, heeft veel uit te leggen aan de mensen die hij straks verlaat. Is er dan niemand bij Ajax die zegt dat Van Gaal moet blijven, desnoods op z'n knieën gaat en smeekt: “Asjeblieft Louis, we kunnen je niet missen”. Is er dan niemand van de supporters die een massale protestdemonstratie organiseert voor de Arena of op het Museumplein? Nee, dat doet men niet bij Ajax. Uit respect, heet dat.

Een man die over een half jaar zijn huis verlaat, is niet meer tot het uiterste gemotiveerd om zijn woning te onderhouden. Dat zullen spelers en betrokkenen uit respect niet zeggen over Van Gaal, maar ze voelen dat zonder twijfel wel zo. De trainer kan springen aan de zijlijn als het spel niet volgens het draaiboek verloopt, hij kan zich opwinden tegenover de scheidsrechter als deze in het nadeel van een Ajacied heeft gefloten, de kans dat een aantal spelers diep in het hart denkt 'ach, jij gaat toch weg' bestaat. Na afloop wekte Van Gaal bijvoorbeeld in zijn commentaar de indruk dat het met de scheidsrechters toch nooit wat wordt en dat met Ajax nog een lange weg te gaan is wil het weer op hoog niveau spelen.

De Ajacieden - er werd weer meer dan een half elftal gemist - speelden de bal van voet tot voet zonder zinvolle bedoeling. De snelle Overmars werd door de trage Nascimento eenvoudig op routine en inzicht uitgeschakeld. Babangida was kansloos tegen de felle Asmus. Wooter en Musampa waren te licht om als aanvallers de Utrechtse verdedigers te verontrusten. En hun latere vervangers Reuser en Gabrich waren respectievelijk te onrustig en stuntelig om Ajax naar succes te leiden. Rechterverdediger Santos was de beste Ajacied, maar dat had weinig betekenis.

Utrecht nam na twaalf minuten een voorsprong. Visser mocht vlak buiten het strafschopgebied een vrije trap nemen. De Utrechter schoot de bal hard en met veel effect fraai over de muur in het doel: 1-0. Daarna mocht hij nog een paar vrije trappen nemen, maar helaas voor hem en Utrecht waren die minder trefzeker. Maar dat gold ook voor de vrije trappen van de Ajacieden Frank en Ronald de Boer, waarvan maar een tussen de palen (in handen van de keeper) terecht kwam. Invaller Dani mocht ook een keer schieten van de broertjes, maar hij bezweek onder de druk die De Boertjes van dichtbij op hem uitoefenden.

Even voor rust kwam Ajax toch op gelijke hoogte. Dat was na een van de spaarzame keren dat een Ajacied in kansrijke positie voor doelman Ponk van Utrecht verscheen. Reuser had kunnen scoren, maar miste, waarna Wooter van dichtbij de bal in het doel schoof: 1-1. In de tweede helft was Santos nog dicht bij een treffer toen hij bij een hoekschop de bal in het doel kopte, maar de Utrechter De Jong keerde de bal op de doellijn. Het zou een onverdiende overwinning voor Ajax zijn geweest. Mede omdat FC Utrecht met Van Loen, Visser en Van Burik als uitblinkers beter voetbalde. De spelers van de thuisclub lieten zien dat ze nog plezier in voetbal hebben.

Niemand smeekt dat Van Gaal moet blijven