RIOD-onderzoek naar val Srebrenica verdeelt kabinet

DEN HAAG, 14 OKT. De opdracht aan het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie (RIOD) om een onderzoek in te stellen naar de val van de moslim-enclave Srebrenica heeft opnieuw vertraging opgelopen. Vijf weken lang wordt al naar een formulering voor die taak gezocht maar een verschil van mening tussen de ministers Voorhoeve (Defensie) en Van Mierlo (Buitenlandse Zaken) zorgt voor nieuw uitstel. Het kabinet zal nu waarschijnlijk vrijdag met een definitieve opdracht aan het RIOD komen.

Voorhoeve wil niet dat het nieuwe onderzoek naar de val van Srebrenica een herhaling wordt van het debriefingsrapport over Srebrenica van 'Dutchbat'. Zijn collega Van Mierlo verzet zich tegen het openbaar maken van vertrouwelijke gegevens uit internationale rapporten. Daardoor zouden bondgenoten geïrriteerd kunnen raken.

De Tweede Kamer wil dat het RIOD snel met zijn onderzoek kan beginnen. Eerder had een meerderheid van de Kamer aangedrongen op een onafhankelijk internationaal onderzoek. Maar de Verenigde Naties zagen daar niets in en ook in Washington, Londen en Parijs was er weinig animo om op de zaak terug te komen.

Buitenlandse Zaken wil voorkomen dat de diplomatieke betrekkingen met de Verenigde Staten, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk worden geschaad. Binnen het ministerie wijst men erop dat dit een 'delicaat moment' is. De bondgenoten moeten namelijk snel een beslissing nemen over het post-IFOR tijdperk, de stationering van troepen in Bosnië. Het mandaat voor de implementatiemacht loopt op 31 december af.

Defensie zegt er geen behoefte aan te hebben onrust bij met name de landmacht te vergroten wanneer militairen een tweede keer gehoord zouden worden. Gebeurt dat in een groter, internationaal verband dan komt dat minder hard aan, zo meent men op Defensie. Volgens het ministerie heeft een nieuw onderzoek geen zin als niet ook wordt onderzocht wat de internationale complicaties waren bij de werkzaamheden van UNPROFOR in Bosnië. Het RIOD zelf wil vooral een duidelijke opdracht van het kabinet en geeft geen commentaar zolang de opdracht niet is verstrekt.